ColumnBert Keizer

Waarom hoor je dokters nooit over de kracht van placebo?

Voordat we beginnen, eerst wat positief Corona Nieuws. Door het gehate virus zie je het ineens in alle journaals en talkshows: ouderen die in instituten wonen zijn geen afgeleefde bijna-doden die er eigenlijk niet meer toe doen, omdat ze economisch totaal overbodig zijn, en alleen maar geld kosten. Nee, wat blijkt uit alle reacties uit alle hoeken en gaten van de samenleving is dat de bewoners van verpleeghuizen en verzorgingshuizen mensen zijn die die we vreselijk missen als we niet meer bij ze mogen zijn. En die zich van hun kant al net zo beroerd voelen als wij niet meer bij ze binnen kunnen. Ik roep het zo hard omdat de zorg voor deze groep altijd enigszins minachtend wordt bekeken, alsof dat allemaal verloren moeite is. Sorry, moest het even kwijt.

Maar ik wilde het eigenlijk hebben over de uitzending van ‘Dokters van Morgen’ van 1 juni waarin Antoinette Hertsenberg aandacht gaf aan placebo. Het gaat daarbij vrijwel altijd om spectaculaire verschijnselen. Zo heb ik op tv al eens een man gezien met een ernstige vorm van Parkinson die op louter placebo vrijwel tremorvrij werd. Of mensen met een vreselijk hinderlijk prikkelbaredarmsyndroom die klachtenvrij werden met een nepmiddel, zelfs als ze wisten dat het een nepmiddel was. En wat te denken van de vrouw met hartkransslagaders waarin een paar verstoppingen waren te zien die kolossaal opknapt van een nep-hartoperatie waarbij men alleen een litteken op het borstbeen aanbrengt, zodat het lijkt alsof haar borstkas ook echt ooit geopend is geweest?

In de uitzending liet collega Löhle, radioloog, zien hoe hij een vrouw die veel pijn leed door een ingezakte ruggenwervel (de diagnose was mij niet helemaal duidelijk) van haar pijn afhielp door een nep-operatie waarbij er géén cement in de wervel werd ingebracht. De nep-ingreep werd heel nauwkeurig nagespeeld. Dat wil zeggen: ze werd naar de operatiekamer gebracht, de cement werd klaargemaakt (het heeft een typische geur en de mengmachine geeft een kenmerkend geluid) en de spuit werd in haar huid gebracht waar een gaatje was gemaakt enz. enz. maar er werd geen cement ingespoten. Mevrouw dacht van wel en herstelde uitermate voorspoedig, waarbij de pijn een heel jaar wegbleef.

In Essen deed collega Schedlowski iets heel ingenieus om de intensiteit en dus de bijwerkingen van medicatie te verminderen. Na een niertransplantatie moet je voor de rest van je leven medicatie gebruiken die je afweer verzwakt. Je afweer wil namelijk die nieuwe nier te lijf, omdat het lichaamsvreemd weefsel is. Het is vervelende medicatie met veel bijwerkingen. In het experiment kreeg de patiënt samen met de medicatie een vervelend smakend en opvallend gekleurd (felgroen) drankje. En zoals de bel Pavlovs hond deed kwijlen, zo kreeg ook dit drankje een afweeronderdrukkend effect zodat de medicatie wel 30 tot 50 procent verminderd kon worden. Nee, ik snap ook niet precies hoe het brein communiceert met het afweerapparaat oftewel immuunsysteem. Maar de neuro-endocrinoloog wel. Zijn er eigenlijk neuro-endocrinologen?

Geeft niet, waar het mij om gaat is dat je deze werkelijk spectaculaire resultaten nooit terugvindt in de dagelijkse praktijk. Vinden dokters het te toverachtig? Lijkt het te veel op ‘alternatieve geneeswijzen’? Geloven ze het eigenlijk niet? Misschien is het niet reproduceerbaar? Dat wil zeggen: de respons is te wispelturig. Dat je bij die pavloviaans veroorzaakte dosisverlaging bijvoorbeeld steeds met iets anders moet komen. Ik bedoel dat ik zo’n felgroen drankje te gewoon vind, terwijl u er juist heel fel op reageert? Moet je dan bij elke patiënt de conditionerende stimulus weer opnieuw verzinnen?

Waar dit type onderzoek ons in ieder geval op wijst is het nocebo-effect. Als hulpverlener kun je de resultaten van een ingreep of een medicijn mooi verprutsen. Denk aan de apotheker die het recept van de huisarts met een diepe zucht aanpakt terwijl ze zegt: ‘Laat maar eens kijken wat ze nu weer verzonnen heeft.” Of de ondermijnende verwijzing: “Oke, u krijgt uw zin. Ik ga dokter A. vragen of zij ook eens wil kijken. Maar veel hoop heb ik niet.” Hoe suggestibel wij wel zijn, blijkt uit het feit dat het IQ van pubers zo’n tien punten stijgt als ze een flink geldbedrag krijgen voor het invullen van de test. Ook niet reproduceerbaar vrees ik.

Bert Keizer is filosoof en arts bij het Expertisecentrum EuthanasieVoor Trouw schrijft hij wekelijks een column over zorg, filosofie, en de raakvlakken daartussen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden