Prenatale zorg

Minder baby’s worden in Nederland dood geboren, maar het kan nog beter

Het aantal baby’s dat in Nederland dood wordt geboren is sinds de eeuwwisseling sterk afgenomen, maar die daling stagneert wel. ‘We moeten onszelf niet op de borst kloppen.’

In twintig jaar is het aantal doodgeboren baby’s in Nederland flink afgenomen, blijkt uit cijfers van Unicef. In het jaar 2000 werden per duizend geboortes 5.2 baby’s dood geboren. In 2019 waren dat er 2.3, een daling van 55 procent. Het gaat om baby’s die vanaf 28 weken zwangerschap overlijden in de baarmoeder, of tijdens de geboorte. Wereldwijd komt Nederland uit de bus als een van de landen die procentueel de meeste vooruitgang hebben geboekt.

De afname is volgens Unicef-woordvoerder Valeska Hovener te danken aan preventieve maatregelen. “In Nederland is de twintigwekenecho heel normaal, in andere landen is dat niet zo. De laatste jaren kijken we ook meer naar de leefstijl van de moeder: hoeveel rookt ze, hoeveel drinkt ze en hoeveel beweegt ze? Dat voorkomt dat er complicaties optreden bij de geboorte.” Ook is er meer aandacht voor kwetsbare vrouwen. “Bijvoorbeeld vrouwen die niet kunnen stoppen met roken, of die met andere medische problemen kampen. We kijken per individu wat zij nodig heeft.”

Thuisbevallingen hebben geen invloed

Een doodgeboren kindje wordt veroorzaakt door een aantal factoren, zegt Jan Nijhuis, emeritus hoogleraar gynaecologie aan het Maastricht UMC. “Aangeboren afwijkingen zijn een hele belangrijke. Na de twintigwekenecho worden zwangerschappen bij kinderen met grote afwijkingen afgebroken, dat is een grote reden voor de daling in westerse landen.” Verder zijn kinderen die een onverwachte groeivertraging hebben kwetsbaar. Ook wanneer de moeder over tijd, raakt gaat de sterftekans omhoog. “De placenta is niet gemaakt om zo lang mee te gaan. Veel vrouwen willen graag de natuur zijn gang laten gaan, maar dat verhoogt de risico's wel.” Nederland is nog altijd een land met relatief veel thuisbevallingen, maar volgens Nijhuis heeft dat geen invloed op de sterftecijfers.

De getallen geven een positief beeld, maar voor een jubelstemming is het nog te vroeg, zegt woordvoerder Hovener. “We doen het wereldwijd gezien goed, maar we zien ook dat de daling al een tijdje stagneert.” Dat bevestigt Nijhuis. “We doen leuk mee, maar behoren we tot de top? Nee. Het kan een stuk beter. We moeten onszelf niet op de borst kloppen. We moeten blijven kijken naar elk geval van sterfte. Waar hadden we er wat aan kunnen doen?”

Nijhuis wijst in dat verband op de cijfers over de perinatale sterfte: dat is de sterfte van 24 weken zwangerschap tot vier weken na de geboorte. “Rond de eeuwwisseling waren we het slechtste jongetje van de Europese klas, sindsdien is er gelukkig veel verbeterd. Maar de cijfers zijn de afgelopen jaren gestabiliseerd, van een daling is al vijf jaar geen sprake meer. Europees gezien zitten we nu in de middenmoot.”

Concurrentie tussen gynaecoloog en verloskundige

Hoe kan het beter? “We moeten zorgen dat verloskundige en gynaecoloog beter gaan samenwerken”, zegt Nijhuis. “Nu speelt geld nog teveel een rol. Een gynaecoloog kan besluiten om een patiënt te houden, terwijl deze eigenlijk allang terug kan worden verwezen naar de verloskundige. Maar als een gynaecoloog dat laatste zou doen, betekent dat toch weer een bevalling minder aan inkomsten. Hetzelfde geldt voor een verloskundige: als hij of zij denkt: het valt wel mee, ik verwijs niet door naar de gynaecoloog, krijgt zij het volle pond wanneer de bevalling eenmaal begint.” Die concurrentie moet eruit, vindt Nijhuis. “We moeten zorgen voor een integraal tarief, waardoor de hele zorgketen beter gaat samenwerken. Zie het als de Albert Heijn die gaat overleggen met omliggende winkeltjes en afspraken maakt over prijzen.”

Verder is de ICT een probleem, vindt de hoogleraar. “Door de AVG-wetgeving is het moeilijk om digitaal patiëntengegevens uit te wisselen, dat gaat nog altijd met verloskundigenkaarten die handmatig in het systeem moeten worden gezet. Als je overtypt maak je fouten. Je verliest informatie, en dat informatieverlies is kwaliteitsverlies.”

Lees ook: 

Daling babysterfte stagneert. ‘We kunnen niet achteroverleunen’

Maatregelen om babysterfte tegen te gaan lijken uitgewerkt, de jarenlange daling van dit cijfer vlakt af.

Minder baby’s sterven rond geboorte

De babysterfte in Nederland is in zes jaar tijd gedaald van 10,5 tot 9 van elke 1000 pasgeborenen. Dat blijkt uit een maandag gepubliceerde Europese studie. In Europees verband neemt Nederland niettemin nog steeds een lage plaats op de ranglijst in.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden