InterviewIwan van der Horst

Iwan van der Horst (de nieuwe Diederik Gommers): ‘Door anders te werken kunnen we met dezelfde mensen meer doen op ic's’

Iwan van der Horst is de nieuwe voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care.
 Beeld Roger Dohmen
Iwan van der Horst is de nieuwe voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care.Beeld Roger Dohmen

Hij leidde de Maastrichtse intensive care door twee coronajaren, en herstelde tussen de bedrijven door van darmkanker. Iwan van der Horst is de nieuwe voorman van de intensive cares.

Marten van de Wier

Voor hij gaat zitten, neemt Iwan van der Horst (50) de tijd om de receptioniste van het hotel te bedanken voor de gastvrijheid. Uitgebreid, en welgemeend. Het hoofd van de intensive care van het Maastricht UMC+ is in Utrecht, voor een congres. De receptioniste heeft een vergaderzaaltje voor het interview geregeld, en twee koppen koffie gebracht.

Aandacht voor de mensen om hem heen, dat is voor Van der Horst belangrijk. Ook op de ic in Maastricht. “Je moet zorgen voor je vaste team. Je moet elke dag op je werk uitstralen dat het om hen gaat. Mensen moeten kunnen samenwerken, zich veilig voelen met elkaar.”

Van der Horst is sinds donderdag de nieuwe voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Intensive Care (NVIC), die Diederik Gommers tot dusver leidde.

Voor de inhoud

Van der Horst heeft een hectisch jaar achter de rug, en niet alleen vanwege de drukte op de ic. Zelf werd hij geopereerd vanwege darmkanker. Hij nam twee weken om te herstellen, en ging daarna weer aan de slag. Met het oog op zijn herstel niet de beste beslissing, erkent hij. “Maar ik had het gevoel dat ik er voor mijn mensen moest zijn.” Een scan vorige week gaf uitsluitsel: de kanker is weg. “Ik heb weer energie”, zegt Van der Horst. “Ik vind het heel fijn om nu mooie dingen te gaan doen voor de zorg.”

Het was de bedoeling dat hij ook zou plaatsnemen in het Outbreak Management Team (OMT), dat het kabinet adviseert over de corona-aanpak. Deze week werd bekend dat Gommers daar nog even aanblijft, nu Nederland voorzichtig uit de crisisstand komt. “Om dan nog even aan het eind in het OMT te stappen, dat is niet de beste invulling van mijn tijd en energie”, zegt Van der Horst. “Mocht de druk door de pandemie toch weer toenemen, dan komt er een moment dat we een overdracht doen.”

Het was overigens niet de beslissing van Van der Horst om voorlopig uit het OMT te blijven. Is het niet gek dat hij niet in dat besluit is gekend? Ja, erkent Van der Horst. “Maar het gaat niet om mij. Ik ben een type dat voor de inhoud gaat.”

De rust is terug op de ic, en dat is hard nodig

De omikronvariant zorgt voor een voorzichtige toename van patiënten in het ziekenhuis, maar op de ic valt het mee. Op zijn afdeling is ‘de rust terug’, verzucht Van der Horst. Hollen en stilstaan hoort bij het werk op de ic, maar alleen maar hollen is niet goed, maakt hij duidelijk. “Het werk op de ic kan hectisch zijn. Dan zet je jezelf áán, als medewerker, als team, om een instabiele situatie weer stabiel te krijgen. Dat kan het beste vanuit rust.”

Continu hollen, zoals de afgelopen twee jaar gebeurde, gaat volgens Van der Horst ten koste van de kwaliteit van de zorg. Dan hebben medewerkers te weinig tijd om zichzelf op te leiden, nieuwe apparatuur te leren kennen of koffie te drinken om een heftige ervaring te evalueren of van zich af te praten. Zo ziet van der Horst als kersvers voorzitter dan ook de ic van de toekomst voor zich: een plek waar rust is, en altijd een bed vrij. “Een ic werkt het best op ongeveer 85 procent van de maximale capaciteit.”

‘We moeten meer doen met dezelfde mensen, door anders te werken’

Makkelijker gezegd dan gedaan. Zeker als een nieuwe covidvariant roet in het eten gooit, erkent Van der Horst. Er is nog altijd een tekort aan ic-verpleegkundigen. “We moeten met dezelfde mensen meer kunnen doen door anders te werken. Het traditionele team rond een ic-bed is een intensivist en een ic-verpleegkundige. Als je meer medewerkers rond dat team krijgt, kunnen ze gezamenlijk voor meer patiënten zorgen. Tijdens de pandemie hebben we buddy’s ingezet: andere ziekenhuismedewerkers die bijsprongen op de ic. We moeten nu kijken hoe we dat blijvend kunnen inbouwen.”

Er zijn meer lessen uit de crisis te trekken, zegt Van der Horst. Hij haalt het voorbeeld aan van Gelre Ziekenhuizen in Apeldoorn, dat patiënten eerder van de ic ontslaat, om ze op een andere afdeling te laten revalideren. “Dubbele winst: er komt een plek vrij en het is beter voor de patiënt. We moeten kijken hoe we dat soort succesverhalen landelijk kunnen inzetten.”

Overcapaciteit is nodig

Van der Horst pleit voor het creëren van overcapaciteit, om pieken van een volgende variant of een volgende pandemie te kunnen opvangen. “Je kunt een verpleegkundige drie dagen aan het bed laten werken, en één dag iets anders laten doen, zoals onderzoek of kwaliteitsverbetering. Ze bouw je een buffer in: als het nodig is kan die verpleegkundige vier dagen aan het bed staan. Dat kost geld. Maar wil je dat de ic bij pandemieën snel kan opschalen, dan moet je daarvoor willen betalen.”

Bovendien zijn er nieuwe medewerkers nodig. Van der Horst waarschuwt dat de ic maar in een beperkt tempo kan groeien: er moeten begeleiders zijn voor iedere arts en verpleegkundige die wordt opgeleid. En zo is Van der Horst weer terug bij zijn motto. “Het komt allemaal neer op: goed zorgen voor je vaste team.”

Lees ook:

Diederik Gommers: ‘De ic's liggen nog altijd overvol. Dat voelt niet goed’

Johan van Heerde interviewde vorig jaar Diederik Gommers, de voorganger van Van der Horst, over zijn rol in de coronapandemie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden