null Beeld Trouw
Beeld Trouw

ColumnBert Keizer

Het sterven van anderen te lijf gaan

Onlangs kreeg ik een halfvragende, halfvoorlichtende mail van een jonge collega over stervenskunst. Zij ging te rade bij onder andere Carlo Leget, Christoph Jedan en Gerard Kind. Die laatste sprak in deze krant in 2009 met Monic Slingerland. Hij zei toen: “Zolang wij ons onterechte voorstellingen maken van een leven na de dood, blijven we bang om te sterven. Leven zonder angst voor de dood, dat is te leren.”

Ik ben (toegegeven) allergisch voor het idee ‘dat we niet weten wat er komt na de dood, dus kun je er niks over zeggen’. Er komt niks na de dood. De suggestie dat het om iets gaat waar je niks over kunt zeggen, betekent toch dat het om iets gaat. Maar het gaat om NIETS. ‘Ja maar NIETS is ook iets, anders was er geen woord voor, toch?’

Ik meen dat alle slimmigheden, alle diepe wijsheid, alle borrelpraat, alle filosofie, de hele Krishnamurti, de complete Bijbel met als bonus de Oepanishaden en de Bhagavad Gita erbij, alles wat Bach componeerde en alles wat Reve schreef je niet kan helpen tegen de dood. Zelfs The Beatles staan hier machteloos. Paul en Ringo weten het, nadat John en George ons voor gingen.

De volstrekte afwezigheid van ­iemand die je liefhad en die door de dood ook nergens anders meer aanwezig is, dat is een dermate onvoorstelbare belevenis, daar kun je je denk ik niet op voorbereiden. Je zou je schrap willen zetten, maar je hebt niets om je tegen af te zetten.

Gaat het hele idee van stervenskunst niet te veel uit van de vraag hoe jij moet leven met je eigen naderende einde? Je moet wel leven met die nadering, maar niet met je afwezigheid. Het feit dat jij voorbij bent, zul je nooit ervaren. Ik denk dat stervenskunst evenzeer moet gaan over hoe je het sterven van de anderen te lijf gaat. Of dat je je er maar bij neer moet leggen dat je dat niet ‘te lijf kunt gaan’. Ik weet tenminste van geen enkele methode.

‘Ons kindje stierf, maar wy laten ‘t er niet by’

In Idee 176 bespotte Multatuli onze machteloosheid tegenover de dood. Het ging om een rouwadvertentie in de Opregte Haarlemsche Courant: ‘Heden overleed ons jongste kindje. Ofschoon diep getroffen, wensen wy te berusten. Wy buigen ons onder Gods hand...’

Ik verzeker u dat ik altyd berust in den wil van myn god, dat ik me altyd buig onder den wil van myn god, en dat ik vér lopen zou om ‘t zeer curieus schouwspel te zien van iemand die niet boog onder de noodzakelykheid, die niet berustte in haar wil.

Nooit heb ik in den oprechten Haarlemmer, die zo byzonder ryk is in zulke vrome ontboezemingen, gelezen: ons kindje stierf, maar wy laten ‘t er niet by.”

Ik vond dit erg grappig toen ik het de eerste keer las. Later dacht ik. Wat ben je soms toch eigenlijk een harteloze vent.

Lezen over andermans rouw verschaft je niet van wapens tegen de jouwe. Hoewel sommige beschrijvingen je een flink eind omlaag kunnen trekken naar de diepte van bepaalde verschrikkingen.

Loopgravenoorlog

Ik herlees Robert Graves’ Goodbye to all that. Hij beschrijft de horror van de loopgravenoorlog. Veel bommen, ratelende mitrailleurs, angst en vooral veel lijken in allerlei staten van ontbinding, houding, locatie en het gevolg van de meest bizarre varianten op het gebied van doodsoorzaken.

Dit is allemaal nog wel te doen voor de lezer, ik zeg het met zekere schroom. Maar dan beschrijft hij plotseling iets te midden van al die explosies, modderfonteinen, zandzakken en stapels doden waar je echt van schrikt.

Een nieuwe officier arriveert in de loopgraaf en brengt daar zijn eerste nacht aan het front door. ‘Hij lag nog maar even op zijn brits toen hij wat geritsel hoorde. Hij scheen met zijn zaklantaarn op het bed en zag twee ratten vechten om het bezit van een afgeschoten hand’.

Het is die totaal onverwachte, niet te voorziene scherpte van een dergelijk beeld die je even heel dicht plaatst op de horrors in de loopgraven. En er wordt voldoende met ­deze scherpte over de dood geschreven. Maar het helpt niet.

Leuk dat u het vraagt: ja, ik heb heerlijk geschaatst!

Bert Keizer is filosoof en arts bij het Expertisecentrum Euthanasie. Voor Trouw schrijft hij wekelijks een column over zorg, filosofie, en de raakvlakken daartussen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden