Wmo

Gemeenten zijn het beu om de huishoudster van rijke ouderen te betalen

null Beeld Nanne Meulendijks
Beeld Nanne Meulendijks

Hogere inkomens betalen sinds vorig jaar net zoveel voor Wmo-hulp als lagere inkomens. Het zorgt voor veel meer aanvragen bij de verantwoordelijke gemeenten. Die zeggen niet meer te kunnen opdraaien voor deze ‘schoonmaaksubsidie voor de rijken’ en gaan hulpverzoeken weigeren.

Een oudere in een groot huis met een dure auto voor de deur die voor nog geen twee tientjes per maand zijn woning wekelijks laat poetsen? Het klinkt vreemd, maar sinds vorig jaar komt deze situatie daadwerkelijk voor. Het is een gevolg van het abonnementstarief in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) die in januari 2019 werd ingevoerd. 

Tot die tijd toetsten gemeenten bij een Wmo-aanvraag het inkomen van de betreffende persoon, die op basis daarvan een eigen bijdrage betaalde. Een huishouden bestaande uit meerdere personen met een bijdrageplichtig inkomen van 50.000 euro (verzamelinkomen vermeerderd met 8 procent van het spaargeld) bijvoorbeeld, droeg maandelijks ruim 150 euro zelf bij. Vorig jaar verviel die inkomenstoets en betaalt iedereen, rijk of arm, een vast tarief van 19 euro per maand.

Goedkoop alternatief

Sindsdien regent het nieuwe aanvragen van mensen die voorheen nooit een beroep deden op de Wmo, stelt de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG). “Vooral bij de huishoudelijke hulp gaat het mis”, zegt de Rotterdamse wethouder Sven de Langen namens de organisatie. “Mensen zien de Wmo als een goedkoop alternatief voor de hulp die ze altijd zelf betaalden. Maar gemeenten kunnen niet voor elke oudere de schoonmaker financieren. Het leidt tot bezuinigingen die juist de mensen raken die onze hulp het hardst nodig hebben.”

De Langen wordt in zijn mening gesteund door een rapportage van onderzoeksbureau Significant en het Centraal Bureau voor de Statistiek, die de gevolgen van het abonnementstarief in kaart brachten. De aanvragen voor huishoudelijke hulp en diensten (bijvoorbeeld aanpassingen van de woning) zijn beide met meer dan 12 procent gestegen, vrijwel geheel dankzij de midden- en hogere inkomens. De totale Wmo-uitgaven van gemeenten stegen met 10 procent, terwijl de inkomsten door het lage abonnementstarief zijn gehalveerd. De extra storting van het Rijk in het Gemeentefonds (145 miljoen euro) is bij lange na niet toereikend om dit verlies te compenseren.

‘We moeten het Haagse beleid uitvoeren’

Een onhoudbare situatie, stelt de VNG. Om het Rijk onder druk te zetten, adviseert het gemeenten vanaf 2022 in de begroting geen rekening meer te houden met de extra kosten. Gemeenten die nu al onvoldoende middelen hebben, krijgen het advies wachtlijsten te hanteren waarbij de echt zorgbehoevenden voorrang krijgen. Daarnaast willen sommige gemeenten een proefproces afdwingen door hulp te weigeren aan mensen van wie ze weten dat ze draagkrachtig genoeg zijn. De Langen: “We zoeken noodgedwongen de grenzen op.”

Een van de gemeenten die financieel al in de knel zit, is Zoetermeer. In de jaren tachtig streken hier veel jonge gezinnen neer, waardoor er inmiddels veel ouderen in de gemeente wonen. Sinds vorig jaar noteert wethouder Ingeborg ter Laak een kwart meer aanvragen voor huishoudelijke hulp en ruim 20 procent voor hulpmiddelen en diensten. “In plaats van zelf een steunbeugel bij de bouwmarkt te kopen en te monteren, laten ouderen het de gemeente doen. Ze zijn een dief van hun eigen portemonnee als ze geen gebruik maken van de Wmo. Dat zeggen sommigen letterlijk.”

Ter Laak voelt zich met handen en voeten gebonden. “We hebben geen grond om aanvragen te weigeren, we moeten het Haagse beleid uitvoeren. Alleen krijgen we er het geld niet voor. Dat leidt nu al tot bezuinigingen. Zo hebben we in onze gemeente de wijkbibliotheken moeten sluiten. Dat zijn juist plekken waar mensen elkaar ook ontmoeten.”

Zorgminister Hugo de Jonge voelt er vooralsnog weinig voor om gemeenten extra te compenseren. In een brief aan de Tweede Kamer schrijft hij dat de stijging valt binnen de voorziene kosten die in het Regeerakkoord van 2017 zijn opgenomen (290 miljoen euro). De Langen: “Maar het Regeerakkoord is eenzijdig, wij hebben ons vanaf het begin hiertegen verzet. Met reden, zo blijkt nu. Het Rijk heeft ons iets opgelegd dat extra geld kost en is slechts bereid de helft te betalen. Dat wekt irritatie op.” 

In een brandbrief aan de Tweede Kamer spreekt de VNG over een ‘schoonmaaksubsidie voor de rijken’ en hekelt ze de ‘halsstarrige houding’ van de minister. ‘De ondersteuning aan hen die het echt nodig hebben, komt onder druk te staan. En dat terwijl zelfredzaamheid een belangrijk uitgangspunt van de Wmo is.’

Wat is de Wmo?

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) is erop gericht om mensen langer zelfstandig te kunnen laten wonen. Gemeenten zijn verplicht om waar nodig ondersteuning te bieden. Daar staat een eigen bijdrage tegenover. Sinds 1 januari 2019 gebeurt dat in de vorm van een vast tarief, om de stapeling van zorgkosten voor ouderen, gehandicapten en chronisch zieken te verminderen. Deze groepen verbruiken over het algemeen ook het eigen risico van hun zorgverzekering. Met het eenduidige Wmo-tarief zijn ze goedkoper uit. Het nieuwe systeem is bovendien eenvoudiger, omdat er geen berekeningen voor de eigen bijdrage hoeven te worden gemaakt.

Lees ook 

‘Voorspelmodel’ moet Haagse zorgkosten beter in kaart brengen

Gemeenten zoeken naar een middel om tegenvallers op de zorgbegroting te voorkomen. Den Haag heeft een voorspel-model bedacht.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden