Rapport jeugdzorg

Deskundigen over de maatregelen jeugdzorg: van positief verrast tot razend

Beeld Ilse van Kraaij

Wat vinden deskundigen van de maatregelen die de overheid gaat nemen voor de jeugdzorg? Trouw vroeg het aan verschillende experts. De meningen zijn verdeeld.

Robert Vermeiren, hoogleraar en directeur patiëntenzorg Curium-LUMC

‘Het duurde even voor de ernst van de situatie doordrong’

“Ik ben positief verrast. Ik zag niet dat men zo sterk doorhad wat de noden zijn in de jeugd-zorg. Het is belangrijk dat ook de minister ziet dat jeugdzorg oeverloos versnipperd is geraakt, dat zij inefficiënt is geworden en veel geld kost. Ja, het duurde even voordat de ernst van de situatie door-drong, maar laten we nu naar de toekomst kijken.

De plannen staan op papier, nu volgt de uitvoering. Dat is in de eerste plaats nodig voor de gezinnen. Die zijn de dupe van dit alles. Dan gaat het over gezinnen met kinderen die ernstige problemen hebben, die eetstoornissen hebben, suïcidaal zijn en specialis-tische jeugdzorg nodig hebben.

Er is in de brief ook aandacht voor de professionals in de jeugdzorg. Om de kinderen te kunnen helpen, heb je goede professionals nodig, medewer-kers die tevreden zijn, die perspectief zien in de toe-komst en die kunnen helpen. Dat is de laatste jaren ontzet-tend onderuit gehaald, door lage tarieven en door onzeker-heid.

Ik denkt niet dat er meer geld nodig is. Althans, op langere termijn. Nu is er even wel meer geld nodig. De overheid heeft in 2015 de fout gemaakt door alles over te hevelen met een korting van 15 procent terwijl ze veel veranderingen wilden. We weten dat veran-dering geld kost.

Nu is er weer een verandering. Alle gemeen-tes hebben bij-voorbeeld een eigen admini-stratie, ICT en werkwijzen. Dat moet alle-maal gelijkge-schakeld wor-den. Daar moeten mensen aan gaan werken en dat kost geld. Uiteindelijk worden kinderen en professionals er beter van terwijl er op termijn niet meer geld nodig is.

Menno Oosterhoff, kinder- en jeugdpsychiater

‘Er is veel kennis verloren gegaan en kinderen zijn daarvan de dupe’

“Ik ben hier razend om. Kunnen politici geen sorry zeggen voor deze decentralisatie? Toen de jeugdzorg inclusief de jeugd-ggz naar de gemeenten ging, hebben we dit verdorie allemaal voorspeld. En alles gaat nog erger mis dan wij hadden gedacht. Ik heb de politiek een jaar lang gewaarschuwd: het is vragen om moeilijkheden als je vierhonderd gemeenten de jeugdzorg laat doen. Zo krijg je nooit een landelijk dekkend netwerk van de juiste specialistische zorg. Ouders en professionals zeiden: dit moet je niet doen, dit wordt een organisatorische draak. De afgelopen jaren is ongelooflijk veel kennis verloren gegaan, en kinderen zijn daarvan de dupe.

Ik heb vooral zicht op de psychische hulp aan kinderen. De problemen die bij de jeugdreclassering en de jeugdbescherming spelen, spelen ook bij ons. Wachtlijsten, kinderen die nergens geplaatst kunnen worden. Gemeenten die huisartsen erop aanspreken minder naar ons door te verwijzen.

Vroeger was jeugd-ggz landelijk geregeld via de zorgverzekeraars. In 2015 is die onder de jeugdzorg gebracht. Ik vond dat een volstrekte miskenning van het specifieke karakter van de jeugd-ggz. De stelselwijziging moet helemaal worden teruggedraaid. Maar dat doet De Jonge niet.

Ik vind het prima om het weer meer te centraliseren. Maar ik vraag me af of regionale samenwerking een oplossing is. Nu de jeugdzorg bij de gemeenten ligt, zijn gemeenteraden verantwoordelijk voor democratische controle. Hoe je dat kunt combineren met verplicht regionaal samenwerken snap ik niet. Bovendien hebben gemeenten na 2015 samengewerkt, maar die verbanden vielen uit elkaar omdat bijvoorbeeld Delfzijl niet wilde betalen voor de problemen in Groningen.”

Narita Derks (22), ervaringsdeskundige

‘Dat jaar op de wachtlijst ging het slechter en slechter met me’

“Vanaf mijn vijfde ongeveer heb ik verschillende soorten jeugdzorg gehad, onder andere pleegzorg en jeugd-ggz. Dat begon omdat ik heel slecht at. Mijn thuissituatie was onveilig. Mijn moeder ernstig ziek, ze had longemfyseem, en er was veel armoede. Mijn ouders gingen uit elkaar toen ik acht was. Ik kwam op mijn negende in een pleeggezin, waar dat slechte eten van me er letterlijk uit werd geslagen. Dat was traumatisch.

Toen ik zestien was, kwam ik op een wachtlijst voor jeugd-ggz. Daar heb ik een jaar opgestaan. In die tijd ging het slechter en slechter met me. Ik had stemmingsproblemen, angsten en ik was soms suïcidaal. Een paar keer moest ik naar een crisisafdeling, omdat ik merkte dat ik een gevaar vormde voor mezelf. Ik nam dan contact op met de psychiater waar ik ambulant in behandeling was. Soms lukte het niet om een plek te regelen in de buurt, dan moest ik naar Leeuwarden, terwijl ik toen bij mijn vader op Texel woonde. Eén keer lukte het helemaal niet om een plek te vinden. Toen moest ik met extra medicatie weer terug naar mijn vader.

Pas toen ik zeventien was, kon ik in de ggz-instelling terecht. Maar toen ging het zo slecht met me, dat de behandeling niet meer aansloeg. Na een jaar ben ik daar weggegaan. Ik heb drie jaar bij het Leger des Heils gewoond, en heb nog verschillende keren een crisisopname gehad.

Pas het laatste halfjaar gaat het wat beter met me. Ik woon op mezelf, in Den Helder. Als ik eerder in de jeugd-ggz terecht had gekund, denk ik dat de behandeling daar wel had gewerkt.”

Lisa Westerveld, Kamerlid GroenLinks

‘Trieste conclusies, terwijl de oplossingen zo voor de hand liggen’

“Ik kijk er niet van op. De conclusies uit deze rapporten zijn heel triest, maar dit hebben we al zo vaak gezegd tegen de minister. De oplossingen zijn zó voor de hand liggend. Dat hadden de ministers zelf veel eerder kunnen bedenken.

Net vandaag heb ik jongeren met complexe problematiek uitgenodigd in de Tweede Kamer. Vooral de laatste tijd kreeg ik veel e-mails met wanhopige verhalen. De meest schrijnende, jongeren die in levensbedreigende situatie zitten, stuurde ik op verzoek door naar het ministerie, en dat zijn er toch al zo’n 25 geweest. Schokkend is dat sommige jongeren die ik eerder sprak, nu niet meer leven.

Desondanks is het goed dat de problemen nu erkenning krijgen. Wat ik mis in het verhaal van de ministers De Jonge en Dekker, is de financiële onderbouwing. De Jonge wil eerlijker tarieven, maar wie betaalt dat? Gaat hij die rekening weer naar de gemeenten schuiven? Dit voorjaar is er een miljard bijgekomen, maar door de wijze van financieren is er netto niet zoveel overgebleven. Dat geld is op de grote hoop gekomen. Veel gemeenten hebben tekorten.

Is de decentralisatie mislukt? Dat kan ik niet vaststellen. Bij die operatie is zo veel bezuinigd, dat gemeenten geen eerlijke kans kregen. Veel meer jongeren krijgen nu hulp en die is laagdrempeliger. Het gekke is: bij onderwijs, waar ik ook woordvoerder ben, kennen we alle cijfers, bijvoorbeeld hoeveel kinderen thuis zitten. Bij de jeugdzorg weten we niets. Niet hoeveel jeugd buiten beeld is, we hebben niet eens een goed beeld van de tarieven. Er moet nog heel veel gebeuren.”

Maaike van der Aar, bestuurder FNV Zorg & Welzijn

“We zaten er al op te wachten. Er ging zo’n beerput open de laatst tijd. 60 jeugdzorgorganisaties die onder financiële druk staan, de toename van zorgvraag, meer ziekteverzuim door medewerkers, de hoge werkdruk. Het kon niet zo zijn dat De Jonge niets doet.

De plannen zijn bemoedigend. Dit ligt meer in de lijn van wat we denken dan ooit tevoren. Wij als FNV en zorgmedewerkers hebben gestreden voor zo’n verandering. Daarom is dit ook het moment om met ons aan tafel te gaan.

Ik heb mezelf uitgenodigd bij Hugo de Jonge voor een gesprek. Ik wil een gevoel krijgen, weten hoe echt dit is. Hoe gaan we werken aan herstel van vertrouwen. Want onze leden zeggen ook: we moeten het nog maar zien. De acties van 15 november zeggen we ook niet af. We houden onder meer een jeugdzorgontbijt bij het Torentje. Daar krijgt De Jonge alsnog onze verhalen te horen zodat hij weet wat zijn beleid betekent voor ons werk. En hij zal vragen moeten beantwoorden. Gaan we nu die brief er ligt nog een jaar wachten? Komt er weer een onderzoek? Of gaan we aan de slag.

Vaak als je een politieke draai maakt, krijg je er van langs. Maar beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. We hebben nog wel vragen. Wat betekent dit voor jeugd-ggz en voor de jeugdconsulenten bij de gemeenten. Hoe ga je samenwerking tussen gemeenten afdwingen. De gemeentes gaan tegen het plafond. Maar De Jonge moest kiezen. Maak ik ruzie met mensen die het werk doen of met gemeentes?”

Lees ook:

Kabinet gaat jeugdzorg toch weer aanpakken

De jeugdzorg gaat opnieuw op de schop. Een flink deel van deze zorg blijkt toch niet het beste af onder de hoede van de gemeente, concludeert het kabinet. Kinderen moeten wachten op hulp, zorgverleners komen om in het papierwerk.

Tijd voor prioriteiten in de jeugdzorg

Is onze jeugd echt zo ziek of zijn er andere dingen aan de hand? De sector moet op de schop, vinden Lian Smits, bestuurder van Sterk Huis en Rene Peters, woordvoerder jeugdzorg voor het CDA in de Tweede Kamer. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden