Zeeleven

Wetenschappers filmden sponzen in de diepzee, en dat leverde spectaculaire en belangwekkende beelden op

Leven in de diepzee. Herkenbaar zijn de bekersponzen met hun open bovenkant, die op de zeebodem staan. Deze opname werd gemaakt op een diepte van meer dan 600 meter in de Groenlandzee. Beeld Universiteit Bergen
Leven in de diepzee. Herkenbaar zijn de bekersponzen met hun open bovenkant, die op de zeebodem staan. Deze opname werd gemaakt op een diepte van meer dan 600 meter in de Groenlandzee.Beeld Universiteit Bergen

Van de Arctische diepzee tot op tropische koraalriffen, zelfs in boerenslootjes komen sponzen voor. ‘Toch weten we nog maar heel weinig van deze dieren’, vertelt bioloog Furu Mienis.

“Het was inderdaad spannend”, vertelt Furu Mienis enigszins onderkoeld, als ze moet terugdenken aan de zomer van 2017. De marien bioloog van het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee was aan boord van een Noors onderzoekschip, enkele honderden kilometers ten noordwesten van het noordelijkste puntje van Europa. Daar mocht zij op de knop drukken van een zogeheten acoustic release. “Dat is een apparaat dat een geluidssignaal naar een anker op de bodem stuurt”, legt Mienis uit. “Daardoor moest vervolgens op meer dan zeshonderd meter diepte automatisch een haak openspringen, waardoor een grote stellage met onderzoeksinstrumenten van de bodem omhoog zou komen. Na twintig lange minuten zagen we de bijbehorende felgekleurde boeien inderdaad aan de oppervlakte verschijnen!”

De volgende stappen waren misschien nog wel spannender voor Mienis. Op de stellage zat onder andere een camera die – als het goed was – een jaar lang, iedere twee uur tien seconden had gefilmd. “Als je dan het geheugenkaartje uit die camera in je laptop stopt, dan heb je inderdaad wel een hartslag van tweehonderd”, erkent de onderzoekster. Zij kalmeerde enigszins toen ze zag dat er inderdaad een dikke twaalf uur in brokjes van tien seconden film op het kaartje stond. Op de beelden: een sierlijk wuivend veld vol spectaculaire diepzee sponzen!

600 miljoen jaar

Mienis nam op het schip als deel aan ‘SponGES’, een door de EU gefinancierd project om meer te leren over de rol van sponzen in het mariene ecosysteem. “We weten dat sponzen de oudste meercellige dieren op aarde zijn. De eerste sponzen ontstonden ongeveer 600 miljoen jaar terug. Inmiddels vinden we ze bijna overal in het water. Ze zitten in de koudste delen van de oceaan, maar ook op tropische koraalriffen. En ook in zoetwater kom je heel veel sponzen tegen, tot in Amsterdamse grachten en boerenslootjes aan toe.”

De plek waar Mienis en collega’s hun rek met onderzoeksinstrumenten op de bodem van de oceaan hadden gezet, was zorgvuldig gekozen. De Schulz-bank in de Groenlandzee is een uitloper van de Mid-Atlantische Rug, een onderwaterberg van 900 meter hoog, met de voet op een diepte van anderhalve kilometer. “Uit eerder onderzoek was al bekend dat op de flanken en de top van die berg veel sponzen leven. Door een jaar lang een meetplatform met verschillende instrumenten en een camera op de sponzen te richten, hoopten we te ontdekken hoe die dieren in zo’n extreme omgeving kunnen overleven.”

De beelden van de onderwatercamera hebben Mienis en collega’s nieuwe inkijkjes gegeven in het sponzenleven. Mienis: “Een spons is in wezen een heel eenvoudig organisme, zonder echt weefsel of organen. Ze krijgen hun voedingsstoffen binnen door water te filteren. Maar op een diepte van 668 meter, waar onze camera op flanken van de Schulz-bank stond, leeft geen plankton. De sponzen moeten het daar dus doen met dood plankton dat naar beneden dwarrelt en met opgeloste voedingsstoffen in het water. Dat ‘poepen’ ze vervolgens als dode cellen weer uit. Van die uitwerpselen van sponzen kunnen andere dieren vervolgens weer leven; dieren die zelf niets kunnen met het voedsel van de sponzen. De sponzen scheppen dus mogelijkheden voor ander diepzeeleven, en creëren zo een soort van oase in de diepzee.”

Flinke deining

Onderzoek dat Mienis en collega’s deze maand in het Journal of Geophysical Research publiceerden, draait om de turbulente omstandigheden die de sponzen ervaren in het koude water van de Groenlandzee. Mienis: “De temperatuur van het water rond de berg schommelt rond de nul graden. Uit onze temperatuurmetingen en ook de metingen van het zoutgehalte, konden we zien dat er vaak een flinke deining staat op die diepte. Zogenaamde onderwatergolven creëren als het ware een branding in de diepzee, tegen de flanken van de berg. Van tijd tot tijd konden we dat ook op onze beelden zien. De wuivende sponzen hadden het dan flink te verduren, en werden soms losgeslagen van de bodem.”

Mienis denkt dat juist die ruige omstandigheden de sleutel kunnen zijn voor het bestaan van deze dieren op grote diepte. “Aan het oppervlak is er maar een heel korte periode van algenbloei, in de zomer. Wanneer die sterven zakken ze naar de bodem en hebben de sponzen en de andere dieren die in het sponzenveld leven even een hoop te eten. De rest van het jaar moeten ze het hebben van het recyclen van organisch materiaal, dode algen, bacteriën, die op de bodem liggen. Maar omdat sponzen geen pootjes hebben, of gespierde slurfjes zoals sommige schelpdieren, zijn ze afhankelijk van de turbulentie, die dat materiaal in het water brengt, waaruit zij het vervolgens kunnen filteren.”

Schuilplek en kraamkamer

De onderzoekster is gefascineerd door het enorm diverse leven van al die verschillend gevormde en gekleurde sponzen in de diepzee. “Ik doe ook onderzoek aan koudwaterkoraalriffen voor de kusten van Ierland en Amerika bijvoorbeeld. Maar dit soort velden vol sponzen zijn minstens zo mooi om naar te kijken. Vooral als je beseft dat ze de basis zijn voor heel veel ander leven. Ze bieden een belangrijke leefomgeving als schuilplek, kraamkamer en ondergrond voor andere dieren en daarnaast dus ook nog voedsel.”

Tegelijk kan het onderzoek ook van praktische betekenis kan zijn, benadrukt Mienis: “Als je weet dat de sponzen letterlijk de basis vormen van voedselketens in de zee, dan wil je dus ook weten hoe zaken als klimaatverandering of visserij sponzen beïnvloeden. Klimaatverandering kan grote effecten hebben op de stromingspatronen in de oceanen. Als dat zou betekenen dat de turbulentie of de algengroei rond dit stuk van de Mid-Atlantische Rug zou afnemen, dan nemen misschien ook de mogelijkheden voor sponzen af om aan voedsel te komen, met de bijbehorende gevolgen voor al het andere leven in het sponzenveld.”

Ook dichter bij huis is er volgens Mienis alle reden om goed naar sponzen te kijken. “Ook op de bodem van de Noordzee komen veel soorten voor. Wanneer daar bodemberoerende visserij heeft plaatsgevonden, zien we dat die gebieden kaal worden achtergelaten en vervolgens ook vele jaren kaal blijven. Dan is het goed om precies in beeld te hebben wat de rol van deze dieren is in het verdere ecosysteem van de Noordzee, inclusief de vissen die wij eten.”

Lees ook:

Geen dier zo ondierlijk als de spons

Jelle Reumer over een opvallende verschijning in een Leidse stoeptegel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden