ColumnJan Beuving

Van een negatieve rente heeft taal geen last

Er is een beroemde ­Bijbelse gelijkenis over een mens die op reis gaat, en aan drie slaven zijn geld toevertrouwt. Twee slaven investeren het geld, en als de heer terugkomt, is het bezit verdubbeld. Schouderklopjes vallen hun ten deel. De derde slaaf echter is bang, en begraaft het geld, om vervolgens het startbedrag bij thuiskomst aan de heer terug te geven. Deze wordt woedend, en zegt: had het dan ten minste naar de bank gebracht, dan had ik het nu met rente kunnen ophalen! Voor deze slaaf rest geween en tandengeknars.

Een duidelijk voorbeeld van een achterhaalde passage in de Bijbel, want tegenwoordig kóst het geld om geld bij de bank te stallen. Ik belde deze week een vriend met meer verstand van non-fictie dan ik, om te vragen waarom ik nergens het woord ­‘belastingverhoging’ had gehoord de afgelopen weken. Vroeger was het hoogste inkomstenbelastingtarief 72 procent. Dat daalde in tijden van hoogconjunctuur, maar nu het crisis is, gaat de belasting niet omhoog. Hoe kan dat? ‘Nou’, zei de vriend, ‘dat is nogal simpel: omdat we gratis geld kunnen lenen.’

Zodoende las ik deze week een aantal artikelen over onze staatsschuld, en waar we die extra miljarden die we investeren eigenlijk vandaan halen. Een economisch abracadabra vond ik dat altijd, waar je nog het meest van begrijpt door er iets over te schrijven. Volgens mij zit het zo: de staat geeft obligaties uit, die op een veiling gekocht worden door investeerders. (In de Volkskrant stond donderdag wie dat zijn: ­onder andere pensioenfondsen, ­hedgefondsen en fondsenmanagers – waar zouden we zijn zonder fondsen? Wat ís een hedgefonds eigenlijk? En werken daar dan geen fondsenmanagers? Waarom is dat een aparte categorie?) Maar terug naar de staat: in feite veilen ze brokjes staatsschuld. Vroeger kreeg een obligatiekoper dan elk jaar rente uitgekeerd, maar nu zijn de obligaties verkocht tegen 0 procent rente, met een looptijd van 30 jaar.

-Wat heb je vandaag gekocht op de markt?
-Schuld!
-Oh, en wat krijg je daar voor terug?
-Niks!

Nou ja, niet helemaal niks: je krijgt als koper/investeerder het recht om over 30 jaar dat miljard weer terug te krijgen. Bij de aanschaf van een bedrijfsobligatie zit er een risico op dat recht, namelijk dat het bedrijf in de tussenliggende (loop)tijd failliet gaat. Maar omdat Nederland een nogal betrouwbaar land is, kun je ervan op aan dat je je geld terugkrijgt. (Ergens is dat logisch: een laag land valt niet makkelijk om.) Als investeerder stal je dus je miljard voor 30 jaar. Gratis. Bij een bank zou je dat geld kosten, dus in ­zekere zin maak je winst. Maar toch, voor wie opgevoed is met het gegeven dat je talenten niet moet begraven, voelt het toch een beetje zo: je kunt dat miljard net zo goed in de grond stoppen. (Zou wel een fijne bonus zijn voor de zachtmoedigen die in de tussentijd de aarde beërven.) Het is misschien geen abracadabra meer, maar het blijft een goocheltruc, voor mijn gevoel. Over 30 jaar moet het namelijk alsnog ­terug – maar waarschijnlijk tovert de economie dan wel weer een nieuw miljard uit de hoed. Of gaan de belastingen dán omhoog.

In tegenstelling tot geld kun je taal straffeloos bijdrukken. Je hebt er ook snel meer van gemaakt als je even je best doet: Ik ging naar Bommel om twee bruggen te zien. Vier violen en twee trommels en twee fluiten. Alle dromen zijn bedrog. Er is oneindig veel taal, en dus is er nooit ­inflatie. Maar bij een rentevoet van 1 procent loopt de taal in 7,07 sloten tegelijk, en dus in het honderd en één. Bij 10 procent rente daarentegen krijgt de taal een elf met een griffel, al zijn de uitdrukkingen misschien niet meer 14,3 in een 13,2. Bij 25 procent word je niet meer getiend je verjaardag te vijven, maar dat zou toch ongezellig zijn in een 1,875-metersamenleving. Alleen bij nul procent rente blijft alles bij het oude – wat misschien voordelig leent, maar wel een beetje saai is.

Jan Beuving is wiskundige en cabaretier. Hij speelt in zijn column met natuurwetenschappen en taal.

Lees ook:

Eerdere columns van Jan Beuving

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden