Robots Kraamkamer

Robotbaby's zijn slimmer dan hun ‘ouders’

Beeld Axel Heimken/dpa

Robots kunnen zich voortplanten, en nakomelingen op de wereld zetten die beter presteren dan zijzelf. Dat bewijst onderzoek van de Vrije Universiteit.

Onderzoekers van de Vrije Universiteit konden drie jaar geleden met trots hun boorling presenteren: ’s werelds eerste robotbaby. Mooi was hij niet: hij bestond uit plastic blokjes, scharnieren, motortjes en in het midden een blokje met besturingssysteem en accu. Maar hij was uniek, omdat hij was ontstaan uit een vaderrobot en een moederrobot. Beiden gaven de helft van hun bouwplan door aan de nakomeling, zoals een mensenkind de helft van zijn genen van moeder krijgt en de andere helft van vader. En wat bij mensen de baarmoeder is, was hier een 3D-printer, waar robotbaby uitrolde.

De wereldprimeur was een overwinning voor Guszti Eiben, de hoogleraar die het robotbabyproject leidde. Eiben had tegen de stroom in laten zien dat evolutie, een natuurlijk idee, kan werken in robots; in échte robots en niet alleen computersimulaties. Het onderzoek is sindsdien verder gegaan, en deze week promoveert een van Eibens medewerkers, Milan Jelisavcic, op de vraag hoe evolutie robots kan verbeteren. Mooi van het promotieonderzoek van Jelisavcic is dat het teruggaat naar een controverse die er in de negentiende eeuw was over natuurlijke evolutie in de biologie.

Evolutietheorie

Een eerste evolutietheorie kwam van de Fransman Lamarck, die stelde dat organismen (gunstige) eigenschappen die ze in de loop van hun leven hebben ontwikkeld doorgeven aan hun nageslacht. Dat idee klopt niet; genetische eigenschappen worden doorgegeven, aangeleerde niet. De zoon van de smid wordt niet geboren met flinke spierballen; die zal hij zelf moeten ontwikkelen als hij in de voersporen van zijn vader wil treden.

De Brit Darwin liet zien dat evolutie begint met genetische variatie tussen individuen, die wordt doorgegeven aan nakomelingen. Maar die variatie is toeval en gaat niet zoals bij Lamarck van goed naar beter naar best. Darwinistische evolutie levert uiteindelijk organismen op die goed zijn aangepast aan hun leefomstandigheden, omdat er natuurlijke selectie optreedt, maar daar gaan vele generaties overheen. Als het idee van Lamarck waar mocht zijn, zou het veel sneller gaan.

Eerste robotbaby

En nu komt het: wat in de biologie onmogelijk is, kan bij robots wel. De eerste robotbaby moest zelf leren ‘lopen’, maar de bouwers kunnen hem ook het loopvermogen van zijn ouders al meegeven. Guszti Eiben: “De robots die we maken, hebben net als mensen een lichaam en een brein. Als we ze volgens de theorie van Darwin laten evolueren, geven we het brein door zoals de ouders dat bij hun geboorte kregen. Alles wat die ouders in hun leven hebben geleerd gaat dan verloren. Nemen we het principe van Lamarck, dan geven we het ontwikkelde brein van de ouders door.”

Dat laatste levert veel sneller robots op die geknipt zijn voor hun omgeving en hun taak, bewees promovendus Jelisavcic. Evolutie volgens Lamarck is meestal beter. Niet altijd; het hangt onder meer af van de gelijkenis tussen ouders en kind. Een nakomeling kan fysiek heel anders gebouwd zijn dan ouders, en dan kan hij met hun loopvermogen niet uit voeten, en moet hij zijn eigen techniek ontwikkelen.

Subsidie

Samen met collega’s van enkele Britse universiteiten heeft Eiben enkele miljoenen subsidie gekregen om de robotevolutie verder te brengen. Idee is een omgeving te creëren waarin robots kunnen evolueren zonder dat er een menselijke ontwerper aan te pas komt. Daarvoor heb je een kraamkamer nodig waarin robotbaby’s ter wereld komen. Er moet een beschermde ruimte zijn waar jonge robots leren op eigen benen te staan. En er moet een kringloopfabriek zijn waar versleten robots hun onderdelen inleveren voor weer een nieuwe generatie.

Zo’n autonoom robotvolk, zegt Eiben, zou zijn nut kunnen bewijzen op plekken waar de mens niet kan komen of niet veilig kan werken. Op een andere planeet bijvoorbeeld, of in de resten van een kerncentrale met hoge stralingsniveaus. De eerste fase, de kraamkamer, is inmiddels klaar. En de robots die er geboren gaan worden zijn al een stuk geavanceerder dan de blokkendoos van drie jaar geleden.

Lees ook:

Filosoof Katleen Gabriels: Je kunt machines geen ethische gedragscode meegeven

Je kunt machines allerlei instructies mee­geven, maar niet een sluitende ethische gedragscode. Moraliteit is en blijft menselijk. Hou daar rekening mee, betoogt de Vlaamse filosoof Katleen Gabriels.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden