John von Neumann (rechts), hier in 1952, had een fabelachtig geheugen. Beeld ANP / Spaarnestad Photo
John von Neumann (rechts), hier in 1952, had een fabelachtig geheugen.Beeld ANP / Spaarnestad Photo

RecensieWetenschapsboek

Met het brein van John von Neumann had je geen computer meer nodig

De wiskundige John von Neumann had een intellect van bijna buitenaardse proporties. Een nieuwe biografie beschrijft waar hij zijn sporen heeft verdiend. Over de persoon Von Neumann wordt de lezer niet veel wijzer.

Joep Engels

De Rand Corporation is een Amerikaanse denktank die in de Koude Oorlog berucht was vanwege de nucleaire oorlogsstrategieën die er werden bedacht. Op een dag wendden de Rand-wetenschappers zich tot de wiskundige John von Neumann met een probleem dat ze zelf niet konden oplossen. Er was een computer voor nodig, dachten ze. En Von Neumann gold destijds, eind jaren veertig, als dé computerexpert.

Ze hadden al een tijdje op hem ingepraat toen Von Neumann hen onderbrak en vroeg wat nu precies het probleem was. Wat volgde was een exposé dat twee uur duurde. De Rand-mannen schreven schoolborden vol, lieten kaarten en tabellen zien. Von Neumann zat met zijn hoofd in zijn handen te luisteren. Toen ze klaar waren, krabbelde hij wat op een kladblaadje, staarde voor zich uit en zei toen: “Heren, jullie hebben geen computer nodig. Ik heb het antwoord al.”

De anekdote tekent het bijna buitenaardse intellect van John von Neumann. Zijn collega’s op het Institute for Advanced Study in Princeton grapten vaak dat hij van een superieure soort afstamde die mensen nauwkeurig had bestudeerd zodat hij hen perfect kon imiteren. Ze vonden hem in elk geval scherpzinniger dan beroemde bewoners van Princeton zoals Albert Einstein of de wiskundige Kurt Gödel.

Model voor Dr. Strangelove

Toch is John von Neumann bij het grote publiek nauwelijks bekend. Hooguit misschien als een van de wetenschappers die model stonden voor Dr. Strangelove, uit de gelijknamige film van Stanley Kubrick. En het is waar: Von Neumann was met de ijzeren logica van zijn speltheorie tot de conclusie gekomen dat de enige manier voor de Amerikanen om aan een verwoestende kernoorlog te ontkomen een preventieve nucleaire aanval op de Sovjet-Unie was. “Als jij zegt waarom bombarderen we ze niet morgen, zeg ik waarom niet vandaag?”, zei hij naar verluidt in 1950. “Als jij zegt vandaag om 5 uur, zeg ik waarom niet om 1 uur?”

Maar wie John von Neumann enkel ziet als een wereldvreemde ijzervreter, doet hem tekort, schrijft Ananyo Bhattacharya in zijn biografie De man uit de toekomst: ‘Hij was ook een vrolijke man, een optimist die van geld hield en sterk geloofde in de vooruitgang van de mensheid.’

Bhattacharya duikt niet erg diep in de ziel van Von Neumann. Hij heeft zich voorgenomen om diens wetenschappelijke nalatenschap in kaart te brengen. En daar heeft hij een heel boek voor nodig. Bhattacharya beperkt zich namelijk niet tot de prestaties van zijn hoofdpersoon, hij schetst ook de ontstaansgeschiedenis van elk vakgebied waarin Von Neumann zijn sporen verdiend heeft. En hoe de wetenschap nog decennia heeft kunnen voortborduren op zijn pionierswerk. Wat dat betreft weerspiegelt het boek het leven van Von Neumann. Zoals deze regelmatig een standaardwerk schreef waarmee hij vele wetenschappers jaren werk bezorgde terwijl hijzelf allang iets anders deed, zo verdwijnt hij ook in de biografie pagina’s lang uit zicht.

Hele hoofdstukken uit geschiedenisboeken citeren

John von Neumann werd op 28 december 1903 in Boedapest geboren als János Lajos Neumann; toen hij in 1933 Europa ontvluchtte en naar Princeton verkaste, nam hij een Amerikaanse voornaam aan. Als kind van welgestelde ouders leerde hij Latijn en Grieks en sprak hij al snel Frans, Duits en Engels. Hij had een fabelachtig geheugen en kon hele hoofdstukken uit geschiedenisboeken citeren. Het verhaal gaat dat een hoogleraar Byzantijnse geschiedenis, die was uitgenodigd voor een van de roemruchte feesten in Princeton, alleen wilde komen als Von Neumann beloofde niet over dit vakgebied te praten. De hoogleraar vreesde dat men zou gaan twijfelen aan zijn autoriteit.

Al deze uitzonderlijke talenten verbleekten bij zijn gave voor de wiskunde. Aan het begin van de eeuw had filosoof Bertrand Russell een paradox ontdekt in de zogeheten verzamelingenleer. Wiskundigen interpreteren het begrip verzameling heel ruim. Je hebt de verzameling van gehele getallen, maar ook die van alle blauwe voetballen. Of de verzameling van zinnen die bestaan uit tien woorden. De paradox van Russell komt erop neer dat hij een verzameling had geconstrueerd waar een bepaald object in moest zitten en tegelijk niet in kon zitten. In essentie lijkt het op de uitspraak: ‘deze bewering is een leugen’. Daarvan kun je ook niet zeggen of die waar is of niet.

Het lukte Russell niet om zijn paradox weg te poetsen, net zo min als zijn vakgenoten, maar de zeventienjarige scholier János Neumann wel. Hij zat nog op de middelbare school toen hij de verzamelingenleer ontleedde en herformuleerde, en zo de paradox van Russell als sneeuw voor de zon liet verdwijnen. Bijna dan, maar een paar jaar later – hij was inmiddels afgestudeerd – voltooide hij het artikel waarmee hij het vak een solide fundament gaf waarop het nog steeds rust.

Het ene meesterwerk na het andere

Met deze paukenslag stormde Von Neumann de wereld van de wetenschap binnen. Maar waar anderen na een spetterend begin in stilte doorwerken, verstomde het rond Johnny nooit. Hij was nog geen dertig toen hij het volgende meesterstuk op zijn palmares kon bijschrijven. De natuurkunde was in het begin van de twintigste eeuw op zijn kop gezet door de ontwikkeling van de kwantumtheorie.

Fysici hadden decennia met de vraag geworsteld hoe ze de wereld van atomen en moleculen moeten beschrijven. In 1925 lagen er ineens twee theorieën op tafel, de matrixmechanica van Werner Heisenberg en de golftheorie van Erwin Schrödinger. De theorieën leken in de verste verte niet op elkaar, maar werkten beide uitstekend. Het was een raadsel, totdat Von Neumann in 1932 bewees dat ze in essentie gelijk waren.

Zo denderde hij voort. In diezelfde jaren dertig nog werkte hij het wiskundige artikel van zijn Britse collega Alan Turing om tot een blauwdruk voor een werkzame, elektronische computer. Daarna legde hij de basis voor de speltheorie waarmee hij de sociale wetenschappen ingrijpend zou veranderen en ontwikkelde hij een idee voor het maken van apparaten die zichzelf kunnen vermenigvuldigen. Tussendoor was hij een van de drijvende krachten van het Manhattan-project, de geheime operatie die resulteerde in de eerste atoombommen.

Na elk hoofdstuk een pauze inlassen

Bhattacharya neemt de lezer mee op Von Neumanns reis door de exacte wetenschappen. Deze krijgt dan ook aardig wat te verstouwen. Niet-euclidische meetkunde, Hilbertruimtes, de onvolledigheidsstelling van Kurt Gödel, de dekpuntstelling van Bertus Brouwer, het Nash-evenwicht. Het kan geen kwaad om na elk hoofdstuk even een pauze in te lassen om het gebodene te kunnen verwerken. Gelukkig hoef je niet alles te begrijpen. Ook zonder een volledig inzicht groeit het ontzag voor het onmetelijke brein van Von Neumann.

Maar over de persoon Von Neumann word je als lezer nauwelijks wijzer en moet je het doen met anekdotes. Over zijn rijstijl bijvoorbeeld. Von Neumann had nooit rijexamen gedaan – hij had zijn examinator omgekocht – en veroorzaakte in zijn leven vele ongelukken. Wonder boven wonder bleef hij zelf bijna altijd ongedeerd en kwam hij naar huis met de meest onwaarschijnlijke verklaringen. ‘Ik reed daar’, begint een legendarisch excuus. ‘De bomen rechts passeerden mij keurig met 60 mijl per uur. Plotseling liep er eentje aan mijn kant de weg op. Boem!’

Zelfs zijn tweede vrouw kreeg geen vat op het karakter van haar echtgenoot. In haar memoires schreef deze Klári Dán: ‘Ik zou willen vertellen over die man, die vreemde, tegenstrijdige en controversiële man; kinderlijk en goedgehumeurd, sophisticated en fel, briljant en toch met een zeer beperkt, bijna primitief gebrek aan vermogen om met zijn emoties om te gaan – een raadsel van de natuur dat onopgelost zal moeten blijven’.

Ananyo Bhattacharya, De man uit de toekomst - Het visionaire leven van John von Neumann. Uitgeverij Atlas Contact, Amsterdam/Antwerpen, 392 blz. € 29,99

Lees ook:

Wetenschappers hebben ‘levende’ robotjes zo ver weten te krijgen zich voort te planten

De Hongaars-Amerikaanse wiskunde John von Neumann voorzag in de jaren vijftig de mogelijkheid van machines die uit losse onderdelen kopieën van zichzelf zouden kunnen maken. Daar wordt in de robotica nu veel onderzoek naar gedaan.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden