ColumnJan Beuving

Hoe wiskundige lenigheid een betoverend boek maakt

Vorige week verscheen het nieuwe prentenboek van Charlotte Dematons: ‘Alfabet’. Het kan de krantenlezer nauwelijks ontgaan zijn: Trouw, de Volkskrant en NRC hadden haar geïnterviewd, en drie keer vertelde ze hetzelfde enthousiaste verhaal, met veelal dezelfde details.

Prijzenswaardige parallellie, want het is een fantastisch boek. Uren heb ik er al in gebladerd, en steeds weer ontdek ik nieuwe dingen. Het idee lijkt simpel, zoals vaak met briljante ideeën: voor elke letter heeft ze een plaat van twee pagina’s getekend, waarop dingen te zien zijn die beginnen met die letter. Een grot met een gevangenis en een glijbaan, waar de gelaarsde kat naast een grizzlybeer staat terwijl je buiten giraffen golf ziet spelen. Dat zijn zeven dingen met een g, maar je kunt op die plaat 161 g’s spotten.

Ze is welhaast wiskundig te werk gegaan, want haar uitgangspunt was dat het wel moest kloppen. Bij de b vind je dus geen boom, maar berk en beukenblad. De eik en de els staan bij de e, enzovoort. In de interviews legde ze uit dat in de taal zoiets als een bloem bestaat, maar dat een bloem in een tekening altijd een roos is, of een anjer, of welke (verwelkende) bloem dan ook. 

Maar, die taal is haar ook tot zegen. Zo vind je bij v en d een vrieskist en een diepvrieskist (waar dit bij V&D niet meer kan), maakt de cheeta bij de j een comeback als jachtluipaard, en keert het luipaard terug als (pianospelende) panter. Bovendien kan ze gebruik maken van de klankdiversiteit van de taal: de aubergine staat bij de a en niet bij de o, en bij de u kon ze op de u-, uu-, ui- én de joe-klank terugvallen. Ze maakte daarnaast gebruik van het feit dat je joert ook als yoert mag spellen. 

Dat is geen zwaktebod, maar laat juist een wiskundige lenigheid zien. In de wiskunde zijn er ook opgelegde regels, maar vervolgens ga je binnen die kaders op zoek naar alle uithoeken. Creativiteit wordt gevoed door dat wat niet mag. In de beperking toont zich de meester, en alleen de wet kan ons vrijheid geven, schreef Goethe in zijn sonnet ‘Natur und Kunst’.

Ik bedacht dat je met het boek een leuk spel kunt spelen, met zowel (wat oudere) kinderen als volwassenen: sla een bladzijde open (bij voorkeur wel een letter met veel opties – bij de x is de spoeling dunner dan de k), en zet een klok of zandloper op 2 minuten. Schrijf in die twee minuten zo veel mogelijk dingen op die je ziet. Daarna ga je voorlezen, maar: je krijgt alleen een punt voor elk ding dat door niemand anders is opgeschreven. Iedereen ziet natuurlijk die grizzlybeer, maar dat hij een poot in het gips heeft, valt misschien minder op. 

Nadeel van het boek is dat het zo griezelig volledig is, dat je bij een letter ook blind allerlei voorwerpen kunt noteren, want waarschijnlijk staan ze toch wel ergens op de pagina. Daarom is er in de nakijkronde een extra mogelijkheid: je slaat het boek dicht na de twee minuten. Als bij het voorlezen iemand de enige is die iets opgeschreven heeft, kan iemand anders je vragen om het aan te wijzen. Als je dat niet kunt, krijg je vijf strafpunten. Maar als je het wel kunt, krijgt de wantrouwende vrager twee punten aftrek. Zo kan het bijvoorbeeld lonen om te bluffen dat je een handdoek hebt gezien.

De meest wiskundige pagina is de p, waar een plusteken te zien is, alsmede parallellogram, parallellepipedum, pentagram en parabool. Ik kon alleen pi nergens vinden, maar die zou ik dan bluffen, en als ze me vroegen om hem te laten zien, zou ik op de ronde deksel van de pindakaaspot wijzen. (Of op de -ramide, -zzakraam of -raat.)

Ik heb nog even gekeken of het boek zelf toevallig op de m-pagina stond, als monnikenwerk, maar nee. Ook bij de v van voetstuk en de d van diepe buiging moet u het erbij denken. Alfabet betoverde Charlotte Dematons’ eindeloze fantasie grandioos: haar illustraties jagen kijkende lezers mateloos nieuwsgierig op prikkelende queesten, radeloos soms, tot u voldaan witte, xenofiele yeti’s ziet.

Jan Beuving is wiskundige en cabaretier. Hij speelt in zijn column met natuurwetenschappen en taal. Lees hier zijn eerdere columns.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden