InterviewWatertorens

Het smeltwater van de Himalaya geeft miljoenen mensen te drinken

Berghydroloog Walter Immerzeel installeert samen met collega-wetenschappers een weerstation in het Himalayagebergte in Nepal. Een uitdaging op 5600 meter hoogte. ‘Je hersenen werken in die ijle lucht niet zoals op zeeniveau.’ Beeld Usmar Helleman
Berghydroloog Walter Immerzeel installeert samen met collega-wetenschappers een weerstation in het Himalayagebergte in Nepal. Een uitdaging op 5600 meter hoogte. ‘Je hersenen werken in die ijle lucht niet zoals op zeeniveau.’Beeld Usmar Helleman

De Utrechtse berghydroloog Walter Immerzeel klimt voor onderzoek naar de hoogste toppen ter wereld. Zijn doel: begrijpen hoe de bergen onze rivieren vullen, en hoe klimaatverandering dat proces gaat verstoren.

Walter Immerzeel mag dan op een maandagochtend in een kaal vergaderkamertje van de faculteit geowetenschappen in Utrecht zitten, in zijn hoofd zit hij hoog in de bergen. De hoogleraar berghydrologie baalt ervan dat hij vanwege corona al sinds november 2019 niet in de Himalaya is geweest. “De batterijen in de weerstations moeten vervangen worden, de apparatuur onderhouden, we willen data downloaden.”

Sinds 2012 komt hij, normaal gesproken, twee keer per jaar in het Nepalese Langtanggebergte, op de grens met Tibet. Dankzij het werk van Immerzeel en zijn collega’s, is dit het meest gemeten stukje Himalaya in de meteorologie. Met weerstations en drones houden de Utrechters er neerslag, sneeuwval, temperatuur, luchtvochtigheid en wind in de gaten. Hun sensoren staan ongekend hoog in de bergen, en zijn speciaal vervaardigd om te blijven functioneren in vrieskou of sneeuwstormen.

“Ja, het was best een klus om die apparatuur daar te krijgen.” Bergliefhebber Immerzeel leidde al vele onderzoeksexpedities, die behoorlijk avontuurlijk en soms ronduit gevaarlijk waren, vooral vanwege de continue dreiging van hoogteziekte. Om er te komen moet hij met zijn team eerst een dag rijden vanaf Kathmandu, de hoofdstad van Nepal. Daarna drie dagen lopen door de vallei omhoog – ’s nachts slapen in tentjes – voordat ze bij de eerste gletsjer komen.

Superstrak draaiboek

Hun eerste weerstation staat bij het dorp Kyanjing, op 4000 meter. Daarna volgen installaties tot aan 6000 meter. Stijgijzers aan dus. De spullen worden door professionele dragers omhoog gesjouwd, vertelt Immerzeel. Het team is weleens met meer dan zestig van die dragers omhooggeklommen. “Zij zijn echt helden.”

En dan sta je daar met je schroevendraaier op 5600 meter een weerstation te installeren? “Ja dat is wel zwaar. Je hersenen werken in die ijle lucht niet zoals op zeeniveau. Je bent moe, het is koud. En het mag niet voorkomen dat je die schroevendraaier bent vergeten. We hebben altijd een superstrak draaiboek.”

Terug in dat vergaderkamertje in Utrecht, waar Immerzeel vertelt over zijn veldonderzoek in de Himalaya, maar óók over die andere grote studie die hij deed. Hij bracht de afgelopen jaren in kaart hoe belangrijk de hoge bergenketens voor de wereld zijn. ‘Watertorens’, noemt hij die hoge bergen. Een term die bij het grote publiek meteen aansloeg. Bergen zijn als watertorens omdat er grote zoetwatervoorraden liggen opgeslagen, in de vorm van sneeuw en ijs.

Smeltwater en regen uit berggebieden komen in rivieren terecht, levensaders voor de bevolking beneden. Daarnaast worden bergrivieren gebruikt om energie uit waterkracht op te wekken. Maar liefst 1,9 miljard mensen wereldwijd zijn afhankelijk van water dat uit berggebieden komt, berekende Immerzeel. Hij maakte samen met collega’s een index van de 78 belangrijkste watertorens ter wereld, en rangschikte die op kwetsbaarheid. Gevaren voor die reusachtige zoetwatervoorzieningen zijn niet alleen klimaatverandering, maar ook een toenemende vraag naar water en onverstandig gebruik van waterbronnen.

De derde pool

Hoge bergen spelen een grotere rol in klimaatverandering dan veel mensen denken, zegt Immerzeel. Als het over ijs gaat in de klimaatdiscussie, denkt iedereen aan ijskappen van Groenland, IJsland en Antarctica. Maar buiten Groenland en IJsland is de grootste ijs- en sneeuwvoorraad op aarde te vinden in de hoge bergen van de wereld, en dan met name die in Azië. “Daarom noemen ze de Himalaya soms de derde pool.”

Dat bergketens sneller opwarmen dan andere gebieden op aarde, is bekend. Normaal gesproken reflecteert sneeuw in de bergen relatief veel zonlicht. Maar door opwarming smelten sneeuw en ijs eerder, wordt er minder zonlicht teruggekaatst en warmen de berggebieden sneller op. Ook een veranderende vochthuishouding in de atmosfeer en wolkenvorming spelen een rol in die snellere opwarming.

Ieder halfjaar dat het Utrechtse team in de Langtangvallei komt, hebben de gletsjers daar weer een meter ijsdikte verloren. Maar Immerzeel wil zich niet blindstaren op die gletsjers, zoals glaciologen doen. Zijn handelsmerk is dat hij de hele cyclus van sneeuw, ijs en water in het hooggebergte wil begrijpen. En vanwege die brede blik ontving hij onlangs de Ammodo Science Award, een prijs van 300.000 euro voor fundamenteel wetenschappelijk onderzoek.

Voordat Immerzeel begon met zijn werk in de Himalaya, waren er bijna geen meteorologische metingen gedaan op bergen hoger dan 4000 meter. Het was niet bekend hoeveel het daar regende, sneeuwde en waaide. Niet zo vreemd – als je weet hoe moeilijk het is om daar metingen te verrichten. Maar het gebrek aan kennis werd pijnlijk duidelijk toen in 2009 een grote rel ontstond naar aanleiding van een rapport door wetenschappelijk klimaatpanel IPCC. Daarin stond dat in 2035 alle gletsjers in de Himalaya weg zouden zijn, waardoor er geen water meer door de rivieren in Azië zou stromen.

“Daar klopte niks van”, zegt Immerzeel. “Er was helemaal geen onderzoek gedaan in het gebied en die stelling kwam uit een vage bron. Dat veroorzaakte enorme heisa.” Het punt is dat er de komende tijd waarschijnlijk méér water naar beneden komt uit de bergen, zegt hij. Door opwarming wordt de hydrologische cyclus versneld, waardoor het meer gaat regenen, juist ook in de bergen. Tegelijkertijd smelten die gletsjers, waardoor er meer smeltwater naar beneden stroomt. “De kraan staat dus nog wel even open.” Waterbeschikbaarheid is volgens Immerzeel nu niet de grootste zorg in de Himalaya.

Lawines

Bovendien zullen niet alle gebieden en landen evenveel last krijgen van toekomstige afnemende gletsjersmelt, zegt Immerzeel ook. In Nepal vallen er flinke moessonregens tussen juni en september die de rivieren vullen. Maar verder naar het westen, bij Pakistan, is het smeltwater juist belangrijk. “We moeten veel beter leren begrijpen waar afnemende gletsjersmelt een probleem wordt.”

Waar Immerzeel zich op korte termijn meer zorgen over maakt, zijn extreme weersomstandigheden, zoals hevige regenval, sneeuwstormen en lawines. Afgelopen februari vond er nog een ramp plaats in de Indiase deelstaat Uttarakhand, waar een stuk gletsjer afbrak. Op zo’n 15 kilometer van een elektriciteitscentrale kwam een stuk rotswand naar beneden, wat leidde tot een vloedgolf die de centrale vernielde en land onder water zette. Er kwamen tientallen mensen om het leven.

Dit soort rampen, die in de toekomst vaker zullen plaatsvinden, worden veroorzaakt door rotswanden die instabiel worden door opwarming, terugtrekkende gletsjers en veranderende patronen in neerslag en sneeuw, zegt Immerzeel. “Maar op dit moment kunnen we die veranderingen nog niet goed voorspellen. We moeten eerst weten hoe die hele waterbalans werkt.”

Door zijn veldonderzoek in de Himalaya hoopt Immerzeel dus iets bij te dragen aan die kennis over het weer hoog in de bergen. Hij was in 2013 de eerste die op 5000 meter hoogte de hoeveelheid sneeuw en regen mat. Daarna volgden andere studies, bijvoorbeeld naar de bijdrage van smeltwater aan rivieren. Het frustreerde het team op een bepaald moment dat ze de waterbalans niet kloppend kregen. “Alles wat uit een gebied stroomt, moet er ook op een of andere manier in komen, maar dat bleek niet zo te zijn.”

Zo ontdekte hij samen met zijn team dat sublimatie in de bergen een veel grotere rol speelt dan gedacht. Sublimatie is het proces waarbij ijs direct overgaat in waterdamp. Dat gebeurt vooral als het hard waait, er veel zonnestraling is en de luchtvochtigheid laag is. Zo’n 20 tot 30 procent van de hoeveelheid sneeuw die valt in de bergen, verdwijnt door dit proces direct weer de lucht in, zegt Immerzeel. Die sneeuw komt dus niet in rivieren terecht.

Daarnaast deed hij een opvallende bevinding bij zogeheten puingletsjers, gletsjertongen waar een dikke laag puin op ligt. Volgens de heersende opvatting zouden die minder snel smelten dan gewone gletsjers, omdat het puin een isolerende werking had. Immerzeel vloog iedere zes maanden met drones over gletsjers om ze in kaart te brengen, en kwam zo te weten dat die puingletsjers net zo snel smelten. “In die gletsjer zitten op sommige plekken namelijk stroompjes onder het ijs die zorgen voor erosie. Ze vormen kleine meertjes en ijskliffen, en daar gaat het smelten juist extra hard.”

Alle metingen die Immerzeel doet verwerkt hij in modellen die voorspellen hoe de waterbalans in de bergen zich gaat ontwikkelen en hoeveel water er de komende decennia naar beneden komt. Volgens die modellen is aan het eind van deze eeuw een derde van het gletsjerijs in Azië verdwenen, uitgaande van 1,5 graad opwarming. Aangezien de opwarming waarschijnlijk sneller gaat, kan dit oplopen tot een afname van 64 procent.

Het grootste irrigatiegebied ter wereld

Terwijl die gletsjers steeds kleiner worden, zorgt dat smeltende ijs ervoor dat steeds meer gletsjerwater naar beneden stroomt. Rond het jaar 2060 tot 2070 is er een omslagpunt, wijzen de modellen van Immerzeel uit. Dat is het moment waarop de stroom van gletsjersmeltwater een piek bereikt. In de jaren daarna begint die stroom langzaam maar zeker af te nemen.

Wat kunnen we doen aan smeltende gletsjers? “De enige échte oplossing is dat we op wereldschaal die emissies van broeikasgassen terugbrengen”, zegt Immerzeel. Maar hij wil ook aandacht vragen voor het samenspel tussen economische groei en klimaatverandering. Juist daarom werkte hij aan die watertorenindex, om te laten zien dat het aanbod van water uit de bergen en het gebruik ervan door mensen benedenstrooms, sterk op elkaar inwerken.

“De gletsjers worden kleiner, maar tegelijkertijd zijn we bezig met allerlei ontwikkelingen in berggebieden. Er is sprake van ongebreidelde groei. Er komen meer mensen te wonen rond die berggebieden, er worden wegen aangelegd, bruggen gebouwd, dammen en elektriciteitscentrales. Dat heeft ook allemaal invloed en maakt het systeem nog kwetsbaarder. Kijk maar naar de ramp in India in februari.”

Het meest kwetsbare gebied op de index is het watersysteem van de Himalaya tot de rivier de Indus in Azië, waar zo’n 230 miljoen mensen wonen. “Dat is een hotspot”, zegt Immerzeel. “Daar heb je de grootste gletsjers, de grootste effecten van klimaatverandering én de rivier stroomt door een droge vlakte, het grootste irrigatiegebied van de wereld. Dat gebied zal gigantisch onder druk komen te staan en daar is veel aandacht nodig voor duurzame groei.”

Maar ook de watertorens van de Andes, de Rocky Mountains en de Alpen zijn kwetsbaar, zegt Immerzeel. “In het droge jaar 2018 hadden schepen moeite om door de Rijn te varen, omdat die zo laag stond. Het smeltwater uit de Alpen is dan het enige water wat nog door de rivier stroomt. Maar de gletsjers in de Alpen smelten net zo goed, zelfs nog sneller dan in de Himalaya.”

Uiteindelijk hoopt Immerzeel dat berggebieden net als oceanen en tropische regenwouden op de politieke agenda komen als systemen op aarde die een grote rol spelen in klimaatverandering. Daar maakt hij zich hard voor. Maar de wetenschapper wil niet de alarmistische kant opgaan. “Dat zie ik niet als mijn taak.” Ook al doet het heus wat met hem als hij de terugtrekkende gletsjertongen in de Langtangvallei ziet.

In het najaar hoopt hij er weer naartoe te kunnen. Maar eigenlijk kan hij zo lang niet wachten.

Lees ook:

De ijskappen smelten steeds sneller. Hoe houden we gletsjers op hun plek?

De ijskappen van Groenland en Antarctica kalven in hoog tempo af. We moeten ze verankeren, betogen enkele wetenschappers. Een gevaarlijk idee, reageert een Nederlandse collega.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden