Stijgende zeespiegel

Een bobbelige oceaan: de wereldzeeën blijken verre van waterpas

Schiermonnikoog. De stijging van de zeespiegel gaat op het Wad minder hard dan elders in de wereld.Beeld Novum RegioFoto

De wereldzeeën zitten vol bobbels en kuilen. Daardoor stijgt de zeespiegel niet overal evenveel. Vooral de Waddenzee blijft achter, berekende onderzoeksinstituut Deltares.

De zeespiegel wordt sinds 1993 nauwkeurig gemeten door satellieten. Tot op de centimeter nauwkeurig tasten die het oppervlak van de oceanen af. En wat blijkt: de wereldzeeën zitten vol bulten en kuilen; niet alleen door golven of eb en vloed, maar ook gemiddeld over het jaar gemeten staat het water in warme streken een stukje hoger. Waar het water warm is, zet het uit en ontstaat een ‘bult’, waar het kouder is zien de satellieten kuilen. Ook de zwaartekracht heeft een zichtbaar effect. Op plaatsen waar grote ijsmassa’s op het land liggen, zoals op Groenland of Antarctica, trekt al die massa aan het vrij stromende water. Rond Groenland en Antarctica, hot spots van zwaartekracht, ligt dus meer water dan je op grond van de waterpas zou verwachten.

Zo bobbelig als de oceanen zijn, zo ongelijk is de gemiddelde stijging van de zeespiegel als gevolg van de opwarmende aarde. In de afgelopen eeuw steeg de zee wereldwijd met meer dan 30 centimeter. Maar de Noordzee steeg voor onze kust in die tijd ‘slechts’ 20 centimeter, ofwel 2 mm per jaar, blijkt uit de zeespiegelmonitor van onderzoeksinstituut Deltares.

Het grootste deel van de stijging van de zeespiegel is te verklaren door de opwarming van de atmosfeer en daarmee ook van het oceaanwater. Warm water zet uit, wat meer dan de helft van de mondiale zeespiegelstijging verklaart. Dat is dan meteen een belangrijke verklaring voor de tragere stijging van de Noordzeespiegel: opwarming van de ondiepere Noordzee heeft een minder groot effect dan de opwarming van de enorme hoeveelheid water in de oceaan.

Vrijwel onmogelijk om heel nauwkeurige scenario's te maken

De spiegel van de Noordzee stijgt niet alleen minder hard dan het wereldwijd gemiddelde, hij stijgt ook wat minder hard dan het KNMI in zijn scenario’s had voorzien, vertelt Bart van den Hurk, onderzoeker bij Deltares en bijzonder hoogleraar klimaat-maatschappij-interactie aan de Vrije Universiteit. “Door de enorme variatie in de gemeten zeespiegel is het vrijwel onmogelijk heel nauwkeurige scenario’s te maken. In onze omgeving moeten we met name kijken naar de smelt op Antarctica. Verdwijnt er ijs van Antarctica, dan stijgt de mondiale zeespiegel uiteraard, maar rond Antarctica zelf zal de zeespiegel juist dálen, omdat er minder ijs aan het water trekt. Op het noordelijk halfrond zal er in dat geval extra zeespiegelstijging te zien zijn. Nederland ligt nog net in de invloedsfeer van het ijs op Groenland. Als daar ijs smelt, daalt het zeeniveau in een wijde straal rond Groenland. Nederland zou daar ook nog een beetje van profiteren.”

Loopt de Noordzee al achter bij de wereldwijde stijging van de zeespiegel, de Waddenzee reageert helemaal traag. De oostelijke Waddenzee bij Delfzijl stijgt maar 1,75 mm per jaar, becijferde Deltares, terwijl bij Harlingen in het westelijke deel zelfs nóg minder wordt gemeten: 1,3 mm per jaar. 

“In jaren met relatief veel oostenwind gaat het waterniveau van de Waddenzee gemiddeld genomen zelfs wat omláág”, vertelt Theo Gerkema, onderzoeker aan het instituut voor zeeonderzoek NIOZ in Yerseke. “Bijvoorbeeld: in 2018 waaide de wind relatief vaak uit het oosten en stond de Waddenzee ongeveer een decimeter lager dan in 2015, toen er juist veel zuidwestenwind stond. In 1996 was het helemaal extreem. Door veel oostenwind was het jaargemiddelde toen nog een decimeter lager.”

Een beetje meer wind en hup, daar gaat het water

De gemiddelde zeespiegel is al met al lastig te verklaren. Een beetje meer wind uit het oosten en hup, daar gaat het water. Wat meer westerstormen en de zee voor onze kust wordt weer wat voller geblazen dan normaal.

“In de Waddenzee is het met name door de wind eigenlijk nog niet mogelijk om de zeespiegelstijging tijdens de afgelopen decennia nauwkeurig te verklaren. De onzekerheid op een tijdschaal van twintig jaar is plus of min 1 mm per jaar”, zegt Gerkema. “Een aanzienlijke afwijking op een stijging van minder dan 2 mm per jaar.”

Misschien nog wel de meest intrigerende verklaring voor de ruis in de zeespiegelmetingen, is de beweging van de aardkorst. “De aarde is geen harde, stijve bol”, vertelt geofysicus Riccardo Riva van de Technische Universiteit Delft. “Zij is een vloeibare bal met een doorsnede van 12.000 kilometer, waar een schil van 100 kilometer dik omheen zit. Die schil gedraagt zich als een plastic velletje op een bak honing. Als je daarop drukt, zal de honing op die plek langzaam indeuken, terwijl de honing eromheen een beetje omhoog komt. Haal je je vinger vervolgens weg, dan trekken die deuk en de bobbel eromheen weer langzaam weg. Met de aarde is dat precies zo. Zit er meer water in de oceanen, dan deukt de aarde op die plekken iets meer in. De oceaanbodem gaat tegenwoordig meetbaar omlaag door de toegenomen hoeveelheid water.”

Nederland ligt op de voormalige 'bobbel’

Als gevolg van die ingedeukte bodem stijgt de zeespiegel aan het oppervlak wat minder hard dan je op grond van de extra hoeveelheid water zou kunnen verwachten. Riva: “Als de oceaanbodem een keiharde bodem was, zoals in een zwembad, dan zou de zeespiegel volgens onze berekeningen een kleine 10 procent harder zijn gestegen dan we nu zien.”

De effecten van de bewegende aardkorst spelen overigens op een heel ander niveau dan de bodemdaling in bijvoorbeeld Groningen, door de gaswinning. Riva: “Gas wordt in Groningen gewonnen van een diepte van ongeveer 3 kilometer. Dat veroorzaakt alleen heel lokale effecten, vergeleken met de bewegingen in de bodem tot 100 kilometer diep.”

De beweeglijke aardkorst is volgens Riva overigens geen sluitende verklaring voor de beperkte zeespiegelstijging die we voor ónze kust zien. “Nederland ligt net op de grens van een gebied dat weer omhoog komt sinds het smelten van het land­ijs uit de laatste ijstijd en een gebied daaromheen dat daalt, zoals de bobbel in de bak met honing die langzaam wegtrekt. Nederland ligt op die voormalige ‘bobbel’: op dit moment daalt het noordoosten van ons land net iets harder dan het zuidwesten, ongeveer een halve millimeter per jaar.”

Ook in Nederland gaat de zeespiegel serieus stijgen

Een correctie van een kleine 10 procent op de wereldwijde stijging van de zeespiegel mag dan in absolute zin een verschrikkelijke puist water zijn, het is geen excuus voor mensen die denken dat het allemaal zo’n vaart niet zal lopen met dat wassende water. “Of de zeespiegel over een eeuw nou 100 centimeter zal stijgen, of maar 92, in beide gevallen hebben we een probleem”, benadrukt Riva.

“Ons onderzoek aan de beweeglijke aardkorst is dan ook vooral bedoeld om de modellen scherp te krijgen. Zoals de bewegingen in de aardkorst wat ruis veroorzaken in de modellen, zo zijn er nog veel meer onzekerheden. Als we ooit goede modellen en scenario’s willen maken over het klimaat en de zeespiegel, dan zullen we zoveel mogelijk van dat soort onzekere factoren moeten begrijpen. Maar dat de zeespiegel ook in Nederland op de lange termijn serieus gaat stijgen, is zeker. Daar doet de dalende zeebodem echt niet veel aan af.”

Lees ook:

De mens moet massaal gaan verhuizen 

Leven gaat de mens het best af in gebieden met een jaargemiddelde temperatuur rond de 13 graden. Wil hij dat blijven doen, dan moet een flink deel van de wereldbevolking verkassen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden