Radiologie

Deze dierenmummies brengen Egyptische grafgeheimen aan het licht

Een samengestelde krokodillenmummie, de voorste van de twee zonder staart.

De slangenmummie uitpakken is absoluut verboden. Een scan maken mag wel. En dat leverde een verrassing op, in Leiden.

De Egypte-tentoonstelling van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden bestaat uit meer dan 1400 voorwerpen. Sarcofagen, beeldjes, en mummies van mensen en dieren. Er staan in doeken gewikkelde katten, valken en ibissen, een baviaan en een krokodillenmummie met een groot scherm ernaast. Aan de gemummificeerde slang loop je gemakkelijk voorbij.

Eerlijk is eerlijk, er valt van buitenaf ook niet zoveel aan te zien aan zulke slangenmummies. Om het inpakproces te vergemakkelijken is de slang eerst opgerold, zodat een compact pakketje overblijft. Er zou ook gras in kunnen zitten.

Mummies openmaken is in Leiden al sinds de oprichting van het museum in de negentiende eeuw streng verboden, en dat is een van de redenen dat het Rijksmuseum van Oudheden een van de grootste mummiecollecties ter wereld heeft. Egypte-conservator Lara Weiss wist van een van de Leidse slangenpakketjes dat er een echte slang in zat, omdat het museum sinds de jaren tachtig scans laat maken van de gemummificeerde mensen en dieren.

Babykrokodilletjes.

Weiss: “Dierenmummies werden niet, zoals mensen, gemaakt voor het hiernamaals, maar als geschenk voor een god. Kattenmummies voor de kattengodin Bast, krokodillen voor Sobek, enzovoort. Maar slangenmummies ­lijken juist niet bedoeld voor de slangengod; archeologen vinden ze vooral in plaatsen die horen bij de ibisgod Thoth. Blijkbaar waren slangen een goed geschenk voor hem. Jammer ­genoeg hebben de Egyptenaren nooit opgeschreven waarom.”

Opletten dat je CT-scanner niet kapotgaat

Er zit dus echt een slang in het pakje. Maar wat voor een slang? Weiss kwam uit bij hoogleraar ontwikkelingsbiologie Michael Richardson, specialist in de anatomie van reptielen, vissen en ­vogels. “Maar op de scans die we hadden, kon hij het niet goed zien.”

Het nabijgelegen Leids Universitair Medisch Centrum heeft een hoop scanners, en de technologie is de afgelopen twintig jaar flink verbeterd. Patiënten gaan uiteraard altijd voor, maar als de scanners een keertje leeg zijn, mogen er ook andere dingen in, voor de wetenschap.

Een scan van de slang uit Leiden, enkele eeuwen voor Christus ingepakt. De soort is nog niet bekend.

Informaticus Berend Stoel scande een paar jaar terug een verzameling antieke en moderne violen om te kijken of het goede geluid van een Stradivarius nou te verklaren was uit de jaarringen in het hout (antwoord: nee). Eerder deze maand nog werkte hij met een fossiel dinosaurusbot: “De dichtheden daarvan zijn volkomen anders dan bij een menselijke patiënt. Je moet je apparatuur dan heel anders instellen. En opletten dat je CT-scanner niet kapotgaat.”

Heeft iemand dat dier de nek omgedraaid?

Omdat dit type scan avondwerk is, maakten Stoel en zijn collega’s eerst een ‘dummymummie’ van een vissenkop in een sok, om te kijken wat de goede instellingen zouden zijn. “Je wilt niet de hele avond bezig zijn met het veranderen van de instellingen.”

Zo’n CT-scan bestaat uit ­vele honderden scans van één flinterdun stukje, die daarna door de computer aan elkaar worden gesmeed tot een driedimensionaal plaatje. En dat levert nieuwe informatie op.

Maar niet over de soort, ironisch ­genoeg. De resolutie is nét niet hoog genoeg om de giftanden goed te kunnen zien, en die vormen een belangrijk kenmerk om slangen uit elkaar te houden. Maar de kop lijkt op die van een cobra, en dan zal het wel een Egyptische cobra (Naja haje) zijn, denkt ­Richardson. Binnenkort gaat een ­student van hem met Stoels scan-data en de slangencollectie van Naturalis aan de slag om het definitieve antwoord te geven.

De mummie van de slang in Leiden.

Maar er is meer: er zitten twee breuken in de slang. Eentje bij de nek. Heeft iemand dat dier de nek omgedraaid, net zoals bij veel kattenmummies het geval lijkt? Ergens halverwege zit er nog een. En de slang ziet er, zelfs voor een slang, wel erg langwerpig uit. Zijn het er niet stiekem twee, die aan elkaar zijn gezet? Ook dat moet Richardsons student gaan uitzoeken, door te tellen: bij meer dan zestig ribben zijn het twee slangen.

Meer dan één dier zou best kunnen. In het Rijksmuseum kun je op een scherm naast de krokodillenmummie een scan zien die in 2016 is gemaakt. Je ziet een grote krokodil zonder staart voorin, een iets kleinere achterin, en daarnaast nog eens 47 babykrokodilletjes. Bij de slangenmummie lijkt iets soortgelijks aan de hand te zijn: er zit een zwangere slang in. De nog niet gelegde eieren zijn zichtbaar op de scans.

Waarom? “Mogelijk leeft bij de slang en de krokodil hetzelfde idee van regeneratie, en meerdere generaties die in één object vertegenwoordigd zijn”, denkt Weiss. “Op dit soort vragen hebben we eigenlijk maar zelden een antwoord. Er zijn miljoenen dierenmummies gevonden in Egypte. Maar geen inscripties die er iets over zeggen.”

Lees ook:

Archeologen zeggen een oude Bijbelse stad te hebben gevonden

Archeologen zeggen in Israël de restanten van Siklag te hebben herontdekt, de stad waar koning David zich volgens de Bijbel schuilhield.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden