Sociale instabiliteit

De oudste samenlevingen van Amerika leren ons hoe sociale onrust ook leidt tot groei en bloei

Een gravure van een Publo-dorp uit de achttiende eeuw. Beeld Getty
Een gravure van een Publo-dorp uit de achttiende eeuw.Beeld Getty

In de oudste samenlevingen van Noord-Amerika werd groei afgewisseld met complete ineenstorting. Niet door het klimaat, maar door sociale onrust, betogen Amerikaanse archeologen en een Nederlandse ecoloog. Ze zien bewijzen in jaarringen en ingeslagen schedels.

Heel veel beeldender kunnen archeologen het niet beschrijven: in de perioden vóór de verschillende instortingen van Pueblosamenlevingen in de Verenigde Staten, tussen de jaren 500 en 1300, worden bovengemiddeld veel ingeslagen schedels gevonden. Het is een eerste aanwijzing dat die instortingen misschien niet zozeer met droogte of andere klimaatproblemen te maken hadden, zoals lange tijd aangenomen, maar vooral met groeiende sociale ­instabiliteit.

De Pueblo waren oorspronkelijke bewoners van Noord-Amerika, in het gebied waar nu de staten Utah, Arizona, New Mexico en Colorado samenkomen. Ze zijn vooral bekend vanwege de huizen van steen en houten balken, die bewaard zijn gebleven onder kliffen en tegen berghellingen.

Van de zesde tot de zestiende eeuw kenden de Pueblo verschillende perioden van snelle bevolkingsgroei, gevolgd door teloorgaan van complete steden, waarna elders weer opnieuw nederzettingen werden opgebouwd. Tot nu toe werd aangenomen dat die opkomst en ondergang van dorpen vooral te maken hadden met klimatologische omstandigheden. Die zouden hebben bepaald hoe makkelijk of moeilijk het was om aan voldoende maïs en ander voedsel te komen. Maar er komt nu een alternatieve verklaring, van Amerikaanse archeologen en een Nederlandse ecoloog: Marten Scheffer.

Bewoners van Zuni Pueblo in New Mexico, 1873 Beeld Corbis/VCG via Getty Images
Bewoners van Zuni Pueblo in New Mexico, 1873Beeld Corbis/VCG via Getty Images

“Een met geweld ingeslagen schedel is natuurlijk een vrij simpele aanwijzing voor sociale instabiliteit”, zegt Scheffer, hoogleraar aquatische ecologie aan Wageningen Universiteit. “Bovendien is de hoeveelheid ingeslagen schedels die rond Pueblosteden wordt gevonden, niet zó zuiver te dateren dat je één op één een relatie kunt leggen met de opkomst en ondergang van die ­gemeenschappen.” Dat Scheffer in een artikel in vakblad PNAS samen met Amerikaanse archeologen tóch een relatie durft te leggen met sociale instabiliteit, komt indirect door zijn eerdere onderzoek naar het leven in zoetwater ecosystemen.

Aquatisch ecoloog Scheffer lijkt een vreemde eend in de bijt vol archeologen. Zijn uitstap naar de sociale wetenschappen komt voort uit een theorie waaraan hij nu al bijna twintig jaar werkt. In 2009 kreeg hij een Spinozapremie – een belangrijke Nederlandse subsidie – voor zijn onderzoek aan zogeheten kritische kantelpunten. In de ­jaren daarna ontdekte hij dat de wetten die gelden in ecosystemen onder water ook opgaan voor veel andere complexe systemen.

Scheffer: “In meren hadden we ontdekt dat een systeem met helder water, watervlooien, vissen en waterplanten, lange tijd stabiel kan blijven ondanks een overmatige toestroom van meststoffen. Mest geeft ­weliswaar algengroei, maar zolang die algen snel worden opgegeten door vlooien, die tussen de planten veilig zijn voor vissen, blijft het systeem helder en krijgen de waterplanten voldoende licht om te groeien. Tot het moment dat de toestroom van fosfaat en andere meststoffen té groot wordt. Dan nemen algen het over, wordt het water troebel en sterven de waterplanten bij gebrek aan licht. Ook dát systeem blijft lange tijd stabiel, zelfs als de toestroom van meststoffen weer is afgenomen. In het troebele water krijgen waterplanten immers geen voet aan de grond. Tot het moment dat er zo weinig meststoffen in het water zijn opgelost, dat de algen niet meer voldoende voeding krijgt om het zonnescherm gesloten te houden. Pas dan kunnen de waterplanten het weer overnemen.”

Verlies aan veerkracht

De punten waarop een systeem – ogenschijnlijk van het ene op het andere moment – omslaat van de ene stabiele staat naar de andere, zijn bekend geworden als kritische kantelpunten. Na de meertjes en zijn Spinozapremie kwam Scheffer die kantelpunten op nog veel meer plaatsen tegen. Bossen die veranderen in savanne, koraalriffen die afsterven, maar ook een hoofd dat van het ene op het andere moment wordt geteisterd door migraine of depressie: ­ondanks de enorme biologische verschillen beantwoorden ze volgens Scheffer allemaal aan de fundamentele wetten van de kritische kantelpunten.

Een teken aan de wand voor een nabij kantelpunt, zegt Scheffer, is een verlies aan veerkracht, dat je terugziet als een toenemende traagheid van het herstel na verstoringen. “Je kunt het zien als een balletje in een kommetje. Als je daar een tik tegen geeft, zal het balletje terugrollen naar de ­bodem van het kommetje. Het afnemen van veerkracht kan je je voorstellen als het minder diep worden van dat kommetje. Het balletje rolt dan minder snel terug, wordt meer een speelbal van het lot, van de vele kleine en grote verstoringen die er altijd zijn. Het risico dat het balletje over de rand schiet wordt groter.”

Het snel of traag wiebelende balletje is voor Scheffer een goede metafoor om kritische kantelpunten aan te zien komen. “Als je kijkt naar de fluctuaties van een systeem, kun je aanwijzingen krijgen over de veerkracht. Hoe trager een systeem reageert op veranderingen, hoe groter de kans dat er een kritisch kantelpunt nadert.”

Inmiddels hebben wetenschappers dit soort mechanismen gevonden in systemen variërend van meren die steeds trager reageren op toestroom van meststoffen, regenwouden die reageren op droogte en psychiatrische patiënten die reageren op verstoringen in hun omgeving. Economen denken zelfs – met de kennis van nu – signalen van afnemende veerkracht in het bankwezen te kunnen herkennen, in de aanloop naar de kredietcrisis van 2008.

Minder bouwactiviteit

Met hun publicatie in vakblad PNAS over de instorting van Pueblosamenlevingen, laten Scheffer en collega’s nu voor het eerst zien dat ook sociale gemeenschappen aan de wetten van veerkracht en kritische kantelpunten lijken te voldoen. Scheffer: “We werden bij dit onderzoek geholpen door een prachtige jaarringenkalender van de bouwwerken van de Pueblosteden. Door naar de specifieke patronen van dikke en dunne jaarringen te kijken, hadden archeologen eerder al tot op het jaar nauwkeurig kunnen zien wanneer de stammen voor de huizen in deze steden waren gekapt.”

“Op basis van die gegevens konden we een kalender maken waarop we precies zagen wanneer er meer of minder werd gebouwd. En wat bleek: in de jaren vóór de complete instorting van een gemeenschap, zagen we dat de fluctuaties in bouwactiviteiten tekenen van een afnemende veerkracht gingen vertonen. Zoals het wiebelende balletje in een ondiep kommetje, gingen de bouwactiviteiten steeds trager variëren.”

In totaal bestudeerden Scheffer en collega’s drie instortingen van Pueblosteden, in de jaren 680, 875 en 1220. Steeds werden die jaren voorafgegaan door een trager en wijder schommelende bouwactiviteit, maar niet per se door uitzonderlijke droogtes. Scheffer: “Het functioneren van zo’n gemeenschap drijft op vertrouwen. Vertrouwen in elkaar, het systeem, de rituelen, de elite. Zoals we nu zouden zeggen: op het ­sociaal contract. Als dat goed loopt, kan ­onrust of een conflict snel worden opgelost en keert het leven snel terug naar normaal. Maar als er veel spanning is, dan neemt de veerkracht van een samenleving af. Dat uitte zich in een trager herstel van bouwactiviteiten na onrust.”

Zuni Pueblo, New Mexico, circa 1871-1874.  Beeld Getty Images
Zuni Pueblo, New Mexico, circa 1871-1874.Beeld Getty Images

Waar die spanning in deze samenlevingen vandaan komt, is niet met zekerheid te zeggen, al zijn er wel aanwijzingen. Het succes van een samenleving betekende groei, en die groei maakte het moeilijker alle monden te voeden. En in de Pueblosamenlevingen zagen Scheffer en collega’s aanwijzingen voor nóg een mogelijke oorzaak van ­sociale onrust. “In de perioden vóór een instorting, lijkt ook de ongelijkheid in de ­gemeenschap relatief groot te zijn geweest. We konden dat zien aan de ‘voetafdruk’ van de huizen. Voor een instorting zagen we een groter verschil tussen grote en kleine huizen dan in de stabiele perioden daartussen.”

Los van zijn enthousiasme over het feit dat de – oorspronkelijk ecologische – wetten van de kantelpunten ook op lijken te gaan voor sociale systemen, ziet Scheffer ook een actuele betekenis in dit onderzoek. “De geschiedenis van de Pueblogemeenschappen laat zien dat oplopende spanning een voorbode kan zijn van het kantelen van een ­samenleving. Dat hoeft niet altijd te betekenen dat de boel definitief instort. Het kan ook het begin zijn van een constructieve verandering. De ‘instorting’ van het Romeinse rijk was ook niet per se negatief. Kort voor de instorting was die samenleving erg complex geworden. De kosten voor het draaiend houden van het rijk waren hoger geworden dan de baten. Na de instorting van het Romeinse rijk zag je dat de mensen gemiddeld genomen beter doorvoed werden dan daarvoor.”

Sociale spanning

Ook in de huidige tijd ziet Scheffer toenemende sociale spanning. “De kunst zal zijn om die spanning op tijd om te zetten in een positieve verandering. Ik maak me, als zovelen, zorgen over de duurzaamheid van onze manier van leven. Over klimaat, biodiversiteit en ongelijkheid. Om het tij te keren moeten dingen grondig veranderen. Veel mensen hopen dat we als wereldgemeenschap eerlijker en groener uit de covidpandemie komen, en economen benadrukken ook steeds dat we het nu beter hebben dan ooit, in termen van welvaart en levensverwachting. Maar samen met de Utrechtse historicus Bas van Bavel heb ik onlangs laten zien dat in het verleden de gevestigde belangen na rampen meestal juist versterkt worden. Dat lijkt nu weer het geval. Covid heeft de ongelijkheid tussen en binnen samenlevingen alleen maar versterkt.”

Hoe het verdergaat met de wereldwijde sociale spanningen valt nog te bezien. “Spanning klinkt gevaarlijk, maar is ook een voorwaarde voor echte verandering. Het ­Pueblo-onderzoek laat op kleine schaal zien dat samenlevingen bij oplopende spanning een kritische omslag kunnen bereiken waarna ze zichzelf als het ware opnieuw uitvinden. De vraag is of dat in de internationaal verweven samenleving van nu ook kan gebeuren. Zou het mogelijk zijn om de energie van onvrede en instabiliteit te gebruiken om de weg naar verandering te plaveien?”

De Pueblocultuur kwam overigens rond de vijftiende eeuw definitief tot een eind. In de periode die daaraan voorafging vonden Scheffer en collega’s géén duidelijke aanwijzingen voor ‘schommelende bouwactiviteiten’ of andere tekenen voor interne sociale onrust. “Het hele politieke systeem ging in die periode drastisch op de schop, waarna de Pueblo opgingen in andere culturen.”

Ongelijkheid zien vanuit de ruimte

In dezelfde editie van vakblad PNAS waarin Scheffer de instorting van oude Pueblogemeenschappen beschrijft, laat hij samen met collega’s uit Maastricht, Utrecht en China zien dat sociale ongelijkheid ook op een uiterst moderne manier te meten valt: vanuit de ruimte.

Scheffer: “Met satellieten kun je ‘s nachts de hoeveelheid kunstlicht nauwkeurig meten. De hoeveelheid licht per inwoner hangt sterk samen met welvaart. Wij hebben nu laten zien dat de ruimtelijke variatie in kunstlicht in een bepaald gebied groter is wanneer daar meer economische ongelijkheid heerst. Dat kun je vanuit de ruimte waarnemen omdat er klontering van welvaart optreedt. Rijken en armen wonen nooit perfect gemengd. Op die manier kun je dus iets zeggen over de economische ongelijkheid, zelfs voor gebieden waarvan geen informatie over inkomens voor handen is.

Om het op zijn Orwelliaans te zeggen: Vanuit de ruimte bezien lijken wij individuen misschien allemaal gelijk, maar ook van die afstand kun je zien dat sommigen gelijker zijn dan anderen.”

Lees ook:

Een warme oceaanstroming hielp de voorouder van de indiaan de landbrug over

De mens maakte de oversteek van Azië naar de Amerika’s eerder dan gedacht, maar wel met een tussenstop van tienduizend jaar. De oceaan schiep een gunstig klimaat daarvoor.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden