Een wisent in Zeeland

Rewilding

‘De Nederlandse natuur kan nog een stuk wilder’

Een wisent in ZeelandBeeld Merlin Daleman

Her en der wordt geprobeerd natuur terug te brengen in haar oorspronkelijke, wilde staat. Maar de bijbehorende wetenschap loopt achter op Schotse hooglanders en wolven.

Zeg rewilding en de meeste mensen denken aan het loslaten van grote grazers in natuurgebieden. Maar in de kern gaat het om ruimte geven aan natuurlijke processen. De eerste hoogleraar rewilding ecology wil de achterstand die de wetenschap in Nederland heeft op de praktijk in­halen.

Er zijn nogal wat natuurlijke, landschapbepalende processen die we hier niet of nauwelijks meer hebben. Windverstuiving, wisselend waterpeil, predatie door grote carnivoren, de ecologie van kadavers en aaseters, begrazing door vrij bewegende grote hoefdieren. Rewilding gaat over die processen en de soorten die daarin een rol spelen, zegt Liesbeth Bakker, kersvers hoogleraar rewilding ecology aan de Wageningen Universiteit.

Volgens Bakker loopt de wetenschap van rewilding behoorlijk achter op de praktijk. “We hebben een enorme behoefte aan diepere kennis. Wat gebeurt er precies als je kadavers laat liggen, als een rivier weer af en toe mag overstromen? Wat zijn de gevolgen voor biodiversiteit, voor koolstofopslag, voor nutriëntentransport? Het wordt tijd dat we daar cijfers aan kunnen hangen.”

Liesbeth Bakker. Beeld Perro de Jong/NIOO
Liesbeth Bakker.Beeld Perro de Jong/NIOO

Met name de ecologische mechanismen zijn belangrijk. “Als we vaststellen dat biodiversiteit van planten en dieren toeneemt als er grote grazers rondlopen, is de vraag waarom dat zo is. Is het omdat ze jonge struiken en bomen opeten of plattrappen en zo voor een halfopen landschap zorgen? Of komt het door wat we noemen bioturbatie: het omwoelen van de grond? Beide zijn een soort ecologisch vandalisme, maar geven wel kansen aan andere soorten.”

‘We vinden het moeilijk om de controle los te laten’

Betekent het ontbreken van een wetenschappelijk kader dat men in de praktijk gewoon maar wat doet?

Bakker: “Die kritiek hoor je wel­eens, maar die is niet terecht. Juist omdat rewilding niet gaat over het op goed geluk loslaten van een paar soorten, maar over natuurlijke processen, kun je het geen amateurisme noemen. Kritiek in de wetenschappelijke literatuur over rewilding zijn eigenlijk opiniestukken, want de criticasters hebben zelden onderzoek gedaan. De kern is vaak: als je niet zeker weet wat de gevolgen zijn van rewilding, moet je er nooit aan beginnen. We vinden het toch moeilijk om de controle los te laten, om de menselijke blik los te laten en te denken vanuit ecosystemen.”

Rewilding in de rest van de wereld

Nederland is een van de pioniers in rewilding, vooral als het gaat om grote grazers en om ruimte geven aan rivieren. In 2011 werd Rewilding Europe opgericht, waarin organisaties en initiatieven uit meerdere Europese landen samenwerken om ruimte te maken voor wilde natuur en wilde dieren te herintroduceren. Belangrijke gebieden waar de natuur weer haar gang mag gaan zijn de Donaudelta in Roemenië, de Apennijnen in Italië, Zweeds Lapland en de Côavallei in Portugal. In grote delen van Europa raakt het platteland zo langzamerhand ontvolkt, wat een uitgelezen kans biedt om deze gebieden terug te geven aan de natuur. Ook in de ­Verenigde Staten bestaat de rewilding-beweging, die de nadruk legt op het terugbrengen van grote predatoren zoals de wolf, de bruine beer, de lynx en de poema.

Wat voor kennis hoopt Bakker op te doen door rewilding op wetenschappelijke wijze te onderzoeken?

“We zullen meer te weten komen over hoe het landschap en het ecosysteem functioneerden voordat de sturende hand van de mens overal merkbaar werd. Door met paleo-­ecologen te kijken wat nu de effecten zijn van grote grazers kunnen we terugredeneren hoe het geweest moet zijn toen hier nog mammoeten en reuzenherten rondliepen.”

Meestal gaat het om praktische toepassingen, zoals natuurherstel. Zo wil Bakker onderzoeken of de totale biomassa van insecten in een gebied toeneemt onder invloed van rewilding. “Wellicht gedijen insecten beter in een halfopen landschap, of een landschap dat soms onder water staat. Veel larven van insecten leven in het water. Als het met de insecten beter gaat, profiteren ook vogels en andere dieren daarvan.”

Dat is niet alleen goed voor de natuur, maar ook voor puur menselijke belangen, zegt de hoogleraar. “Neem de rivieren, die vaak hoge of bedijkte oevers hebben, waardoor er geen waterpeildynamiek meer is. Omdat de uiterwaarden niet meer af en toe onder water staan, verzuurt het graslandschap. Maar je wilt ook weer niet dat het land te dicht begroeid raakt, want dan stroomt het water niet door, dus daar hebben grote grazers een rol. Het is een kwestie van finetunen en daar hebben we data voor nodig. Het gaat ook om onze waterveiligheid, waar we door klimaatverandering op een andere manier over moeten nadenken.”

De hooglander en het konikpaard vervangen de oeros en de tarpan

Rewilding betekent niet dat ‘oude’ natuurlijke processen volledig in hun originele vorm terugkeren. Daarvoor is Nederland te druk en te intensief beheerd.

Bakker: “De echte dynamiek tussen hoefdieren en predatoren krijg je niet terug. Er is maar een handjevol wolven in ons land en de originele grote grazers, de oeros en de tarpan (een paardensoort), zijn uitgestorven. Daarom wordt met zogenaamde proxies gewerkt, zoals de Schotse hooglander en het konikpaard. Incomplete ecosystemen zijn een gegeven, maar binnen die beperking kan er toch al veel gebeuren. Het kan echt nog wel een stuk wilder in Nederland.”

Een konikpaard. Beeld Colourbox
Een konikpaard.Beeld Colourbox

Bakker geniet van de verrassingen die rewilding oplevert. “De laatste wisenten van Europa leefden in het Białowieża-oerbos in Polen. Maar toen er een paar werden uitgezet in het Kraansvlak bij Haarlem, bleken ze bij voorkeur te grazen op open terrein. Het zijn geen bosdieren.

“Of neem de discussie over de herintroductie van zeearenden in de Oostvaardersplassen. Terwijl iedereen daarover aan het roepen was, kwam die vogel uit zichzelf al terug. Prachtig vind ik dat.”

Valt de terugkeer van de wolf en nu ook de goudjakhals ook onder rewilding? Ook die dieren hebben het op eigen initiatief gedaan. Bakker: “Het rewilding-aspect hier is vooral of we ze een rol gunnen in ons ecosysteem. Of we ze laten leven.”

Een Schotse hooglander op het eiland Tiengemeten.  Beeld ANP XTRA
Een Schotse hooglander op het eiland Tiengemeten.Beeld ANP XTRA

Dat valt nog niet mee in een land dat hecht aan het idee van maakbare en gecontroleerde natuur. Begint onze geest al weer wat meer rewilded te raken?

“Dat hangt er nogal vanaf wie je voor je hebt. Natuurontwikkeling langs de grote rivieren, wat je nu ­rewilding zou noemen, begon in de jaren tachtig met drie konikpaarden op een klein stukje land. Gewoon om eens te laten zien wat er kon gebeuren. Nu weten we hoe veerkrachtig de natuur is. Je ziet weer overal grote zilverreigers, dankzij het moerasgebied in de Oostvaardersplassen, een rewilding-gebied avant la lettre. Het is zulk dankbaar werk. Als we eerst maar laten zien wat er mogelijk is, worden we vanzelf weer wilder in ons hoofd.”

Lees ook:

Hoe de Oostvaardersplassen er nu bij liggen

Na de felle discussie over de grote grazers wordt nu gewerkt aan heel andere Oostvaardersplassen. De boswachter laat zien hoe het gebied er nu bij ligt. ‘Ik ben hier zo trots op.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden