Onderzoek

Coronapandemie beperkt de kans op malariavaccin

In Malawi begon vorig jaar april een proef van de WHO met een ­malariavaccin onder jonge kinderen.Beeld AFP

Een malariavaccin is pas werkzaam als het alle parasieten opruimt. Nijmeegse onderzoekers komen in de buurt. Die laatste stap is lastig tijdens een coronapandemie.

 Dubbel succes deze week voor Nederlandse malariaonderzoekers. Het vakblad Science Translational Medicine publiceerde twee studies over de voortgang met hun malariavaccins. Het ene vaccin blijkt veilig en wekt een immuunreactie op, al is die nog lang niet voldoende. Met het andere zijn ze al een stuk verder. Daarmee daalt de infectie met parasieten met 95 procent. “Als wetenschapper denk ik dan: mooi, tel je zegeningen”, zegt Robert Sauerwein, hoogleraar medische parasitologie aan het Radboudumc in Nijmegen. “Maar het is niet genoeg. We hebben pas een vaccin bij 100 procent reductie.”

Hij heeft wel ideeën om zijn vaccins een oppepper te geven maar voordat hij die kan onderzoeken, staat hem een jarenlang traject van ethische toestemming en financiële ondersteuning te wachten. Intussen ziet hij hoe miljarden euro’s uit allerlei fondsen wegvloeien naar het coronaonderzoek. “De tropische infecties zaten altijd al in het armeluishoekje, maar met deze bedragen duizelt het mij soms. Ik wil niets afdoen aan het belang ervan, maar er zijn ook dit jaar nog altijd meer mensen overleden aan malaria dan aan Covid-19.”

Met beide voeten op de grond

Toch verwacht hij ook een positief effect van de huidige pandemie. “Wij hier in het Westen dachten dat we de infectieziektes onder controle hadden. Het nieuwe coronavirus heeft ons weer met beide voeten op de grond gezet. Veel mensen zijn nu nerveus over het vervolg van de pandemie. Precies de dreiging die Afrikanen altijd al voelden.”

Malaria is met jaarlijks ruim 200 miljoen besmettingen en 400.000 doden een van de ernstigste infectieziektes. Ze wordt veroorzaakt door een parasiet die door muggen wordt overgedragen. Als een besmette mug een mens steekt, laat ze kiemen van de ­parasiet achter in het bloed.

Die nestelen zich vervolgens in levercellen waar ze zich vermeerderen. Sauerwein: “Het slachtoffer merkt daar nog niets van maar na een week exploderen de 20 à 40 levercellen en komen tienduizenden parasieten in het bloed terecht waar ze de rode bloedcellen infecteren.”

Maar dan gaat het ook snel: binnen één à twee dagen komen de parasieten in een veelvoud de bloedcellen uit en zetten ze hun strooptocht voort. Er volgt een heftige immuunreactie, de patiënt krijgt koorts. “Bovendien wordt het bloed plakkerig waardoor er problemen ontstaan met de doorbloeding, met orgaanschade als gevolg. Met name in de hersenen en nieren.”

Met een vaccin wil Sauerwein die uitbraak uit de lever vóór zijn. “In principe kun je ook een vaccin bedenken dat voor die bloedfase een afweerrespons opwekt, maar dat is heel moeilijk. Dan gaat het om enorme aantallen geïnfecteerde bloedcellen en omdat die parasieten snel muteren, zit daar ook nog een grote variatie in.”

Afweer opbouwen

De twee vaccins zijn er daarom op gericht het immuunsysteem te leren om geïnfecteerde cellen in de lever te herkennen en daar een afweer tegen op te bouwen. Voor de eerste variant zijn ze uitgegaan van een malariaparasiet die alleen knaagdieren kan infecteren en voor de mens onschadelijk is. Het is een idee dat teruggaat op de Britse arts ­Edward Jenner die eind achttiende eeuw mensen besmette met koepokken en zo de basis legde voor het pokkenvaccin.

Sauerwein: “Het idee is dat de ­parasiet voldoende gelijkenis heeft met de ziekmakende variant, zodat het immuunsysteem een afweerrespons aanleert die van pas komt bij een infectie met de humane parasiet, maar die zelf niet ziek maakt.”

Dat idee bleek te werken. Deels. “De parasiet nestelde zich in de lever maar kwam daar niet tot ontwikkeling. Het bloed werd niet geïnfecteerd, maar de kruisreactie was slecht. De opgewekte afweer tegen de humane malaria was onvoldoende.”

Vertraging ziekteproces

De onderzoeksgroep, met collega’s uit Rotterdam en Lissabon, bedacht om de muizenparasiet op te voeren en daar een eiwit van de humane malariaparasiet aan toe te voegen. Dat had effect. In hun publicatie berichten ze dat in hun studie met 24 proefpersonen de infectie in de levercellen met 95 procent was gedaald. “Dat is dus niet genoeg. Zolang je die laatste 5 procent niet hebt afgedekt, zal de infectie doorbreken. In het bloed vermeerderen de parasieten zich alsnog razendsnel. Dit vaccin vertraagt het ziekteproces alleen maar.”

Voor het andere vaccin, dat ze ontwikkelden met collega’s van het Leids UMC en uit de Verenigde Staten, gebruikten ze wel de humane parasiet. Nu was het de kunst om de parasiet enigszins kreupel te maken, zodat hij wel herkenbaar bleef maar niet meer ziekmakend. Een concept dat bijvoorbeeld ook voor het mazelenvaccin wordt toegepast.

De ziekteverwekker wordt dan vaak met chemicaliën of straling toegetakeld, maar hier bewandelden de onderzoekers een andere route. “Het LUMC heeft samen met ons in een muizenmodel uitgezocht hoe de parasiet zich in de levercellen ontwikkelt. Welke genen spelen daarbij een rol? Vervolgens hebben we precies die genen uitgeschakeld waardoor de parasiet nog wel de lever infecteert, maar dan in zijn ontwikkeling struikelt.”

Daarna herhaalden ze dat kunstje bij de humane parasiet. Dat ging goed. In laboratoriumproeven bleek ook deze parasiet in de lever te stranden en toch een immuunrespons op te wekken. “Maar toen we voor het echie gingen, bleken van de 25 proefpersonen er maar drie beschermd. Bij de rest was de reductie van het aantal parasieten wel meer dan 80 procent.”

Extra boost

Daar staan ze nu dus. Met twee ­malariavaccins die net niet genoeg beschermen tegen een infectie. Sauerwein heeft voldoende ideeën voor een vervolg. Hij zou de doseringen kunnen aanpassen. Of het vaccin een extra boost kunnen geven door er een tweede eiwit aan toe te voegen. Dat zal hij ook wel doen, maar nu moet hij eerst dat traject in van financiering en goedkeuring.

Is het geen doodlopende weg? De wereld zoekt al decennia naar een malariavaccin. Het enige lichtpuntje is het zogeheten RTS,S-vaccin, waarvoor nu in zuidelijk Afrika proefprojecten lopen en dat wellicht bij 30 tot 40 procent beschermt tegen malaria. Is het niet slimmer om in te zetten op klamboes, of bestrijding van de mug? “Natuurlijk, dat moet ook gebeuren. En al die programma’s samen hebben ook succes geboekt. Malaria is de laatste decennia met 50 procent teruggedrongen. Maar sinds 2015 stagneert de campagne en loopt het aantal besmettingen weer op.”

Het is heel goed dat we klamboes inzetten, zegt hij. Het is mooi dat we een middel als artemisinine hebben om de ziekte te behandelen. Het is belangrijk dat we de mug aanpakken, of in ieder geval haar vermogen om de parasiet te verspreiden.

“Maar zonder vaccin wordt het niks. Een vaccin wapent de mensen tegen de toekomst. Zonder vaccin blijft het dweilen met de kraan open.”

Lees ook:

Schimmeltje kan strijd tegen malariamug verder helpen

Wetenschappers hebben ontdekt hoe ze de overdracht van de parasiet van mug naar mens zouden kunnen blokkeren

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden