MH17

Zes jaar na MH17: de Russen blijven zwijgen of zeggen ‘njet’

De rampplek waar de MH17 neerstortte op 9 september 2014. Beeld AFP.Beeld AFP

Vandaag is het precies zes jaar geleden dat vlucht MH-17 uit de lucht werd geschoten. Sindsdien zet Nederland alles op alles om Rusland onder druk te zetten en Moskou mee te laten werken aan de waarheidsvinding rondom de ramp. Maar welke diplomatieke pressiemiddelen gebruikte Nederland precies en hoe reageerde Rusland daarop? Een overzicht vanaf 17 juli 2014, 15.20 uur.

Het is 17 juli 2014 omstreeks tien voor half vier Nederlandse tijd, als de luchtverkeersleiding boven Oost-Oekraïne geen contact meer krijgt met de cockpit van vlucht MH17 van Malaysia Airlines. Het passagierstoestel vliegt dan boven de regio Donetsk waar een hevige oorlog woedt tussen het Oekraïense leger en pro-Russische separatisten.

Al snel wordt duidelijk dat het vliegtuig is neergeschoten en dat alle 298 inzittenden, onder wie 196 Nederlanders, om het leven zijn gekomen. 

Premier Rutte drukt zich direct na de catastrofe in klare taal uit. Hij stelt dat de ramp de meest ingrijpende gebeurtenis van zijn premierschap is en dat ‘de onderste steen boven moet komen’. De Nederlandse regering zet vanaf dat moment alles op alles om haar doel te bereiken: gerechtigheid voor de slachtoffers en nabestaanden. De Onderzoeksraad voor Veiligheid neemt de verantwoordelijkheid op zich om de toedracht van de ramp te onderzoeken.

Ondertussen eist niemand de verantwoordelijkheid voor de ramp op. Zowel het Oekraïense leger als de separatisten wijzen met de beschuldigende vinger naar elkaar. Om desalniettemin de strafrechtelijke aansprakelijkheid boven water te krijgen, bundelen de politie- en justitiële machten van de getroffen landen de krachten.

Nederland, Australië, België, Maleisië en Oekraïne verenigen zich in het Joint Investigation Team (JIT) met als doel de feiten over de MH17-ramp boven tafel te krijgen. In maart dit jaar begon het strafproces naar aanleiding van dat onderzoek in het justitiële complex bij Schiphol. Er staan vier personen terecht, onder wie drie Russen.

Buk-raket  speelt cruciale rol

De weg naar dat strafproces is lang. In september 2016 stelt het JIT dat er voldoende bewijs is verzameld om aan te nemen dat de MH17 met een Buk-raket uit de lucht is geschoten. Volgens het JIT werd de raketinstallatie vanaf Russisch grondgebied naar Oekraïne getransporteerd en werd de raket die MH17 trof, afgevuurd vanuit gebied dat onder controle stond van pro-Russische separatisten. Na de ramp zou het Buk-systeem terug naar Rusland zijn gegaan.

Een kleine twee jaar later, in mei 2018, volgt er meer informatie. Het JIT verklaart dat het aanwijzingen heeft dat het Buk-systeem afkomstig is van de 53ste luchtafweerbrigade van het Russische Leger, gestationeerd in de noordelijke stad Koersk. Ook heeft het team een aantal individuen geïdentificeerd die direct betrokken waren bij het neerhalen van de MH17. Hun namen worden voor een verder goed verloop van het onderzoek niet gedeeld.

Ondanks de bevindingen weigert Rusland mee te werken aan het onderzoek. Moskou wil geen informatie verstrekken over de desbetreffende legereenheid en is bovendien bezig met een eigen onderzoek. Want, zo klinkt het herhaaldelijk uit het Kremlin, het JIT-onderzoek is vooringenomen en gepolitiseerd. Moskou komt dan ook tot geheel andere conclusies dan het internationale onderzoeksteam.