InterviewAardschokken

Voorzitter Instituut Mijnbouw Groningen: ‘We weten als maatschappij heel goed wát onaanvaardbaar is’

Schade te Loppersum.   Beeld Hollandse Hoogte / Anjo de Haan
Schade te Loppersum.Beeld Hollandse Hoogte / Anjo de Haan

Een jaar geleden ging het IMG van start, het Instituut Mijnbouw Groningen, het gremium dat voor alle aardbevingsgedupeerden een einde moest maken aan de kastjes, de muren, de bomen en het bos. Voorzitter Bas Kortmann blikt terug.

Zonet nog. Bas Kortmann had een overleg met demissionair minister Stef Blok van economische zaken. De minister nam daar de leiding. “Wat mij betreft was dat niet vanzelfsprekend”, zegt Kortmann met een knipoog. Hij is voorzitter van het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG). Blok mag dan de minister zijn, het IMG is onafhankelijk. “Dat moeten we de hele tijd blijven benadrukken.”

In maart 2018 ging de TCMG van start, de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen, die de schade aan woningen in het Groninger bevingsgebied moest afhandelen. Daarmee kwam er een einde aan de bemoeienis van de Nederlandse Aardoliemaatschappij (Nam) bij de schade-afhandeling.

Einde aan de kastjes en de muren

Een tijdelijke commissie dus, en in juli vorig jaar ging die over in het permanente IMG. De opdracht? Een haast onmogelijke en niet eerder vertoonde combinatie van politieke wensen: het herstellen van het vertrouwen van Groningers in de overheid, onder meer door onafhankelijk, rechtvaardig, ruimhartig en voortvarend te besluiten over schademeldingen. Het liefst had Kortmann gezien dat er ook een einde was gemaakt aan de kastjes en de muren, aan de bomen en het bos. Waar de TCMG zich louter bezighield met materiële schade, kreeg het IMG er ook de waardedaling van woningen bij én immateriële schade, dus smartengeld.

Bas Kortmann, de voorzitter van het Instituut Mijnbouwschade Groningen.

 Beeld Hollandse Hoogte / Kees van de Veen
Bas Kortmann, de voorzitter van het Instituut Mijnbouwschade Groningen.Beeld Hollandse Hoogte / Kees van de Veen

Moet ik dit doen, vroeg Kortmann zijn vrouw, nadat hij de telefoon had neergelegd. Sander Dekker, minister van Rechtsbescherming en voormalig staatssecretaris van Onderwijs, die hem nog kende uit de tijd hij rector-magnificus was van de Nijmeegse Radboud Universiteit, had gevraagd of hij ervoor voelde het nieuwe instituut te gaan leiden. Na Kortmanns emeritaat had hij plannen voor een boek over faillissementsrecht. “Natuurlijk moet je dit doen!”, reageerde zijn vrouw. “Als het niet dit is, wordt het wel wat anders.”

Ze heeft Groningse wortels, glimlacht hij, dat hielp. “En ach, ik denk dat ik hiermee meer mensen kan helpen dan met zo’n boek.” Een zwaar jaar, noemt hij het eerste jaar van het IMG. “Een jaar waarin veel van ons werd verwacht. Veel gevraagd ook.” Bij zijn aantreden trof Kortmann uitpuilende planken aan, vol meldingen van schade. En dan was er nog die andere, meer abstracte erfenis: het vertrouwen van de Groningers in de overheid, of liever gezegd, het gebrek daaraan.

De enorme aantallen schademeldingen en het gebrek aan vertrouwen, zegt hij, zijn de twee grootste problemen in het hele gasdossier. “Er was weinig geregeld, we moesten vanaf het fundament alles opbouwen. In het besluit stond niets over hoe we het moesten doen, er werd gewoon gezegd: los het probleem op.”

Wij zitten hier voor de Groningers

Waar te beginnen? Bij het benadrukken van de onafhankelijkheid, zegt Kortmann. “We werken samen met alle overheden, met maatschappelijke organisaties, we overleggen veel en laten ons adviseren. Maar wíj beslissen.”

Ook zijn eigen organisatie moet hij daar geregeld aan herinneren. “Dit gaat de minister niet leuk vinden”, krijgt hij wel eens te horen. “Kan wel zijn”, zegt hij dan. “Maar daar heb ik helemaal niks mee te maken. Wij zitten hier voor de Groningers.”

Wat voor het IMG leidend moet zijn, zegt hij, is of het op een rechtvaardige manier de schadevergoedingen toekent. “Dat doen we ruimhartig en met oog voor de menselijke maat, want zo is het ons meegegeven.”

Het herstellen van vertrouwen lijkt, heel voorzichtigjes, te lukken. Meer mensen melden schade: waar eerst honderdvijftig meldingen per week binnenkwamen, zijn dat er nu duizend. In een tevredenheidsonderzoek geven de Groningers het IMG gemiddeld een 7,9. Iedereen die een besluit krijgt van het IMG, ontvangt kort daarna – van het IMG dus – een enquête in de bus over de tevredenheid. De 7,9 is het gemiddelde cijfer op basis van al die reacties (dat zijn er tot op heden 22.600).

Kiezen voor een vaste vergoeding

En, vervolgt Kortmann, in de functie-omschrijving stond nog een woord: ‘Voortvarend’. Want ja, allemaal leuk en aardig hoor, al die overleggen met ministers, maatschappelijke organisaties, commissarissen, wethouders, raden en staten, met burgers in theaterzalen, maar uiteindelijk vullen praatjes natuurlijk geen gaatjes, of scheuren, in dit geval.

In het eerste jaar keerde het IMG 497 miljoen euro uit aan 72.500 huishoudens. Eind maart van dit jaar besloot het instituut dat 1500 melders uit Groningen en de kop van Drenthe even moesten wachten op uitsluitsel over hun schademelding. Het IMG zag namelijk veel en grote verschillen in de schaderapportages en besloot die tijdelijk aan de kant te leggen om nader te onderzoeken hoe dat kon. Daarnaast zat het instituut in zijn maag met ingewikkeldheden rond zettingsschade, schade door diepe bodemdaling en schade aan mestkelders. Ook die meldingen – zo’n 1400 voor diepe bodemdaling alleen al– kwamen in de wacht te staan.

In mei kondigde het IMG een nieuwe werkwijze aan: gedupeerden kunnen vanaf nu kiezen voor een vaste vergoeding van 5000 euro. Het gaat daarbij om relatief kleine, eenvoudige schades, en om gedupeerden die nog niet eerder schade meldden óf wier melding nog in behandeling is – zo’n twee derde van alle huishoudens. “Mensen moesten soms wel anderhalf tot twee jaar wachten voor ze een beslissing kregen”, zegt Kortmann. “Nu is de doorloop bij reguliere schademeldingen gemiddeld een halfjaar.”

Lastige boodschap

Bij die nieuwe werkwijze hoort ook een minder populaire maatregel. Mensen die buiten het bevingsgebied wonen en schade meldden vanwege diepe bodemdaling, moeten voortaan zelf bewijzen dat die schade ook daadwerkelijk komt dóór die bodemdaling. Op een persconferentie in mei noemde Kortmann dit “de lastigste boodschap”,

Deze lastige boodschap kwam Kortmann op een vingertik van de lokale en regionale overheden te staan. Vorige week schreven Groninger en Drentse gemeenten, de beide provincies en de Veiligheidsregio Groningen Kortmann een brief waarin ze vragen om duidelijkheid. De regels zijn, volgens de ondertekenaars, nog lang niet voldoende uitgewerkt, wat leidt tot veel onrust. Volgens de overheden morrelt Kortmann aan het wettelijk bewijsvermoeden, dat juist zo fel bevochten is. Ook de maatschappelijke organisaties maakten zich hier zorgen over.

Ja, zegt Kortmann, hij begrijpt dat het ingewikkeld is. Toch is het volgens hem niet zo dat het bewijsvermoeden totaal om zeep is, zoals de criticasters suggereren. Het bewijsvermoeden staat in de wet en geldt zonder meer, benadrukt hij. Voor de mensen die in een gebied wonen waar de aarde minstens twee millimeter per seconde trilt, geldt nog steeds dat hun schade door bevingen kan komen – en dus wordt behandeld als bevingsschade. Dit is met ruim 300.000 huishoudens veruit de grootste groep.

Hij snapt heel goed de frustraties

Wat de diepe bodemdaling betreft: het IMG heeft twee onderzoeken laten uitvoeren naar de gevolgen daarvan. Het eerste, van TNO en de TU Delft, is afgerond, en concludeert dat diepe bodemdaling niet tot directe schade leidt. Een tweede onderzoek loopt nog maar heeft al wel uitgewezen dat indirecte schade nog wel mogelijk is, hoewel alleen bij uitzondering.

In totaal speelt deze problematiek bij 27.000 huishoudens. Daarvan hebben er 700 al een vergoeding toegekend gekregen. De behandeling van de andere 1400 is stilgelegd in afwachting van de onderzoeksresultaten. Kortmann: “Eigenlijk zeggen we tegen een grote groep: je kunt er niet meer vanuit gaan dat de schade wordt vergoed, en dan zal het bij een klein deel van die groep meevallen. Dit leek ons juist eerlijk en duidelijk en beter dan verwachtingen wekken die we niet kunnen waarmaken.” Bovendien, zegt hij: de vaste vergoeding voor de anderen maakt al dat veel mensen uit de wachtstand komen. Zonder die maatregel was er nog veel meer onduidelijkheid.

Hij snapt heel goed de frustraties, zegt hij, en het ís ook lastig uit te leggen. Toch probeert hij dat altijd wel, zegt hij, en het helpt. “Toen ik net begon, heb ik een tijdlang de klachten zelf behandeld. Ik vond het heel bevredigend als er iemand, die teleurgesteld of boos was binnengekomen, een uur later opgelucht de kamer verliet. Niet dat ik altijd alles kon oplossen. Maar ik kan het wel goed uitleggen. En luisteren.”

Dooie mussen

Daar schort het vaak aan, in de praktijk, zegt hij: de menselijke maat, gewoon eens een luisterend oor, échte aandacht, en even niet denken in modellen, systemen en statistieken.

De teleurstellingen, zegt hij, gaan bijna altijd over kluitjes in het riet, over dooie mussen en voorgehouden worsten. Verwachtingen, kortom. “Het IMG is geen bestuursorgaan dat beleid kan maken en iedereen een zak geld kan geven om de rust te bewaren. Onze taak is het om te kijken of de Nam aansprakelijk is. Bij elke schade – materieel, immaterieel, maar ook bij waardedaling van een woning – stellen we de vraag: is dit een gevolg van de gaswinning of de gasopslag?”

Wat eigenlijk het allerbeste zou zijn voor Groningen, zegt hij: “Er zou één organisatie moeten komen die álles afhandelt, het hele proces van begin tot einde. Van versterking, tot subsidie voor verbetering van de woning, tot compensatie voor het gedoe en vergoeding voor alle schade, de materiële en immateriële. Daarmee zeg ik niet dat wij dat moeten zijn hoor, maar er moet een eind komen aan dat woud van regels. Eén onafhankelijk loket waarbij iedereen terecht kan.”

Inklinken van de grond

Om de nieuwe werkwijze voor elkaar te krijgen moest het IMG de randen van zijn bevoegdheden opzoeken. Dit heeft het ook voorgelegd aan de minister, niet omdat het diens goedkeuring nodig heeft, maar omdat de minister uiteindelijk de rekening moet betalen en dus zo een eigen inschatting kon maken. Ook werd de minister gevraagd “aan zijn kant voorbereidingen te treffen voor de juridische en financiële gevolgen die de aanpassingen voor het Rijk zullen hebben”.

Wetten, mazen. Eigenlijk, zegt Kortmann, voert hij een constante strijd tussen wat het IMG zou willen doen en wat het mág doen. Neem de kwestie met de funderingsschade: mensen kregen schade aan de muren van hun huis wél vergoed maar schade aan de fundamenten niet, omdat de deskundigen oordeelden dat dit niet door de gaswinning komt (maar bijvoorbeeld het gevolg is van veenoxidatie of het inklinken van de grond). “Maar door die funderingsschade staat de muur onder spanning, en als er dan een beving komt, scheurt die muur”, zegt Kormann. “De bewoner snapt dan niet waarom de fundering niet wordt vergoed, en ik eerlijk gezegd ook niet.”

Kortmann schreef de minister van economische zaken een brief, want, vond hij, in zulke gevallen zou er een tegemoetkoming moeten komen. “Wanneer precies is nog niet bekend, vermoedelijk pas 1 januari, maar die tegemoetkoming komt er.”

Sociaal onaanvaardbaar

Verder nog op het verlanglijstje: een oplossing voor de ondernemers, boeren bijvoorbeeld, die eindeloos ruziemaken met de Nam en de Nationaal Coördinator Groningen. Onder omstandigheden moeten zij geholpen kunnen worden, zegt Kortmann.

Of: de zogenoemde schrijnende gevallen. “Denk dan bijvoorbeeld aan schade waarvan de deskundigen zeggen dat die niet door bevingen is veroorzaakt maar bijvoorbeeld door achterstallig onderhoud, maar waarbij de gezinnen er dusdanig bij zitten dat de burgemeester mij belt omdat het sociaal onaanvaardbaar is.”

Wat dan precies schrijnend en onaanvaardbaar is? Kortmann: “Daarvan wordt vaak gezegd dat het vage begrippen zijn. Maar tegelijkertijd weten we als maatschappij heel goed wát onaanvaardbaar is.”

Lees ook: Kan het Instituut Mijnbouwschade Groningen het vertrouwen herstellen? ‘We zijn er nog lang niet’

Groningers praten over ‘vóór Huizinge’ en ‘na Huizinge’ als over een jaartelling. In dat dorp vond in 2012 de zwaarste aardbeving tot nu toe plaats. Woensdagavond werden de bewoners opnieuw opgeschrikt door trillingen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden