Reportage Mozambique

Terug in Buzi, zeven maanden na cycloon Idai: ‘Onze kinderen zijn hier niet veilig’

Raposo Rego (links) en de secretaris van Rego's kerk Luis Companhia wandelen door de dorpsstraten naar Rego's kerk. Beeld Bram Lammers

Raposo Rego vertelde in maart aan Trouw hoe hij na cycloon Idai in zijn Mozambikaanse dorp Buzi bijna alles verloor. Inmiddels heeft hij zijn leven provisorisch weer op de rails. Toch wil hij er weg.

Raposo Rego gaat netjes gekleed: zwarte broek en keurige schoenen, donkergrijs overhemd. Zo moet hij elke zondag achter het sobere preekgestoelte in zijn kerk in Buzi staan, een houten lessenaar met een vaal bordeauxrood kleedje eroverheen. Het is maandag, maar hij wilde graag zijn kerk laten zien. In maart kon dat niet. Toen stond dit deel van zijn dorp in Mozambique na cycloon Idai nog anderhalve meter onder water. Het kerkgebouw van hout en leem werd volledig verwoest.

“Inmiddels staat het weer overeind.” Rego wijst om zich heen. Het is nogal eufemistisch uitgedrukt. Rond vijftien kerkbankjes verrees vooralsnog slechts een houten skelet. De wind blaast dwars door de met boomtakken gevlochten muren, die voorlopig sowieso slechts tot een meter hoog zijn afgebouwd. Blauwe plastic zeildoeken, door het Rode Kruis gedoneerd, vormden tijdelijk een dak, maar zijn door de wind over het vlakke landschap aan de rand van Buzi alweer aan stukken gescheurd.

Het huis van Raposo Rego hangt met noodverbanden aan elkaar. Beeld Bram Lammers

Het wapperen van dat plastic maakt zoveel herrie dat het nauwelijks voor te stellen is dat kerkgangers op de achterste rijen Rego’s preken kunnen horen. De 32-jarige predikant, klein van stuk, glimlacht. Zijn ronde hoofd geeft hem iets zachts en jeugdigs. “God wil dat Zijn woord wordt gehoord. Daarom zorgt Hij ervoor dat het hier alleen in de middagen waait, zelden in de ochtend.”

Na cycloon Idai, die alleen al in Mozambique ruim zeshonderd dodelijke slachtoffers maakte, ontstonden in maart tussen de buiten hun oevers getreden Buzi- en Pungwe-rivier heuse binnenzeeën: water tot waar je kon kijken. Maar zeven maanden later is er weer een weg. Of nou ja, een hobbelig zandpad eigenlijk, waarlangs trucks en een leger bouwvakkers in hoog tempo een échte weg aanleggen.

Kokosnootmelk

Toch had Rego gelijk: de route was weer ‘begaanbaar’. Dat had hij geschreven via Facebook Messenger. In maart vertelde hij in Trouw hoe de overstromingen na Idai zijn huis hadden geruïneerd en hoe zijn gezin het wassende water had overleefd: door veel kokosnootmelk te drinken bij gebrek aan schoon drinkwater. Zodra de elektriciteit en het internet in zijn dorp terugkeerden, zocht hij opnieuw contact. Hij schreef dat hij spaarde voor bakstenen, om op termijn een écht huis te bouwen. En dat ook zijn kerkgenootschap pogingen deed de kerk te herstellen. Maar ja, met welk geld?

De ochtendrit vanuit havenstad Beira over de hobbelige zandweg duurde drie uur. Maar bij aankomst in Buzi heeft Rego de lunch klaarstaan. Zijn huis hangt van noodverbanden aan elkaar. Sommige door modderstromen weggeslagen muren trok hij opnieuw op met klei en stokken. Op andere plekken gebruikte hij het plastic zeil dat overal in het dorp opduikt: meestal blauw, soms wit. In een slaapkamer ligt één nieuw matras. Daarop slapen zijn drie dochters. Zijn vrouw Maria (26) en hijzelf liggen simpelweg op de grond onder een muggennet. Een pannetje buiten op een houtvuur vormt de keuken. Het toilet bestaat uit twee gaten in de grond langs de weg – één daarvan is, hoe kan het ook anders, afgeschermd met plastic zeildoek.

De secretaris van Rego’s kerk schuift ook aan voor de maaltijd: rijst, kool en visjes die Maria zo lang heeft geroosterd dat de graten week zijn geworden, waardoor je ze gewoon mee kunt eten. Luis Companhia (49) tast gulzig toe. Het is minstens 35 graden in het eetvertrek, maar de kerksecretaris gaat gekleed alsof hij binnenkort een nieuwe ijstijd verwacht. Hij zit naast de vriezer die Rego tijdens cycloon Idai ternauwernood wist te redden en die in het eetvertrek veruit de meeste ruimte inneemt. Het zweet gutst van Companhia’s voorhoofd. Maar zijn dikke winterjas trekt hij niet uit.

Raposo Rego met zijn vrouw Maria en drie dochters Fatima (grijs shirt), Luisa (rechts) en Rosita voor zijn huis in Buzi. Beeld Bram Lammers

Naar een hoger gelegen district

Maria Rego vertelt, nadat ze de mannen eten heeft geserveerd, dat ze weg wil uit Buzi. Ze is bij haar dochters van vier en zes op de lemen vloer gaan zitten. Zij kijken naar een tekenfilm op zender Disney Junior. Hun televisie trekt ook de nodige buurkinderen. De oudste van acht zit op school. Maria praat zacht. Ze laat haar man haar woorden vertalen. “We willen naar Dondo. Dat district ligt hoger en is in maart niet overstroomd. Onze kinderen zijn daar veiliger”, zegt ze.

Rego knikt instemmend tijdens het vertalen. “We hebben in Dondo een stukje land”, verduidelijkt hij. “En ik heb al ongeveer de helft van de benodigde stenen.” Hij laat bouwtekeningen zien. “Maar ik heb natuurlijk ook nog geld nodig om met die stenen het huis te laten bouwen. En nóg meer om het af te werken: elektriciteit, sanitair.” Maar dat laatste komt wel als de stenen constructie eenmaal staat, verzekert hij. Hij zoekt wel wat bijbaantjes. Als zijn gezin alvast maar veilig is. “In de weekends zal ik op en neer reizen om de kerkdiensten in Buzi te blijven leiden.”

Companhia en Rego staan op na de maaltijd. Ze lopen door de onverharde dorpsstraten naar hun kerk. De littekens die Idai achterliet bevinden zich vooral boven ooghoogte. Nog altijd missen veel huizen delen van hun daken. En veel palmen die de windstoten tot 170 kilometer per uur overleefden, staan sindsdien wel structureel dezelfde kant opgewaaid. Op sommige huizen is het waterpeil van een half jaar geleden nog af te lezen aan de verkleuring op de muren. Het dorp oogt stiller dan in maart. Desolaat bijna. “Wie kans ziet, probeert sinds de cycloon weg te komen”, probeert Rego een verklaring te zoeken. Maar hij nuanceert zichzelf direct: “Nou ja, de meeste mensen kunnen helemaal nergens heen natuurlijk.”

De palmen die windstoten tot 170 kilometer per uur overleefden staan sinds Idai veelal structureel dezelfde kant opgewaaid. Beeld Bram Lammers

Het zwaarst getroffen gebied

Kerksecretaris Companhia woont in Ampara, vertelt hij tijdens de wandeling. Dat is een dorp 100 kilometer van Buzi, maar wel in hetzelfde laaggelegen district. Tijdens Idai was dit Buzi-district het zwaarst getroffen gebied. Companhia heeft een kleine boerderij, waar hij leeft met zijn vrouw en zeven kinderen. Elk weekend komt hij voor Rego’s kerkdiensten helemaal naar Buzi. Hij houdt ook in de zon stug zijn winterjas aan. Hij grinnikt ongemakkelijk. “Nee hoor, ik heb het niet warm.”

Terwijl de mannen langs het ziekenhuis lopen, dat evenmin ongeschonden uit de storm kwam en waar omheen Unicef-tenten dienstdoen als noodklinieken, vertelt Companhia dat in Ampara de schade na Idai eveneens enorm was. Zijn huis overleefde de storm op 15 maart bijvoorbeeld niet. De rijst- en maisoogst evenmin. “Veel mensen in Ampara lijden honger”, zegt hij. Rego haakt onmiddellijk in. “Ook in Buzi krijgen heel veel mensen nog steeds voedselhulp. En het is belangrijk dat die hulp niet voor april stopt. Pas dan komt de nieuwe oogst binnen. Anders ontstaan er grote problemen.”

De uitgemergelde kerk, op ongeveer een kwartier lopen vanaf Rego’s huis, bevindt zich tussen tientallen witte tenten van vluchtelingenorganisatie UNHCR van de Verenigde Naties. Rego houdt halt bij die van João Mambucha. “Hij leidt ons kerkkoor”, zegt hij.

Inmiddels is er op het weer drooggevallen land tussen Beira en Buzi opnieuw een begaanbare zandweg, waarlangs trucks en bouwvakkers weer een echte weg proberen aan te leggen. Beeld Bram Lammers

Plastic zeildoeken als nieuw plafond

Rego roept hem. Mambucha (27) steekt zijn hoofd uit de tent. “Binnen zit je uit de wind”, zegt hij nadat hij naar buiten is geklommen. Toen het water na Idai zakte probeerde hij, zo goed en zo kwaad als het ging, een nieuw huisje voor zijn gezin te bouwen. Maar geld had hij niet. Dus zocht hij, net als veel buren rond Rego’s kerk, de gebutste, verroeste en gescheurde zinken golfplaten bij elkaar die overal in het dorp van de daken waren geblazen. Die oude daken werden muren. Plastic zeildoeken vormden de nieuwe plafonds. Maar ’s nachts is de wind guur, zegt hij. En de gerecyclede muurplaten zitten vol scheuren en gaten. “Mijn tweeling van één jaar oud kon niet langer in die hevige tocht blijven slapen.”

Hij staart naar de sneeuwwitte UNHCR-tent, alsof hij die, ruim een maand nadat hij hem ontving nu eindelijk pas eens goed monstert. “Het regenseizoen wordt hierin wel een probleem”, verzucht hij. “Dan moeten we een andere oplossing zoeken. Misschien kunnen we schuilen bij familie. Dat hoop ik.”

Als Rego iets later in zijn kerk achter het preekgestoelte staat en naar de lege bankjes kijkt, zegt hij: “Elke dienst bidden we tot God met de vraag of Hij ons komend jaar een nieuwe cycloon kan besparen.” Hij staart voor zich uit. “Dat is essentieel. Want bijna iedereen zit in hetzelfde schuitje: geen geld om zijn huis waterdicht te maken, en geen werk om dat benodigde geld te verdienen.”

Inmiddels staat de kerk van Raposo Rego weer overeind. Beeld Bram Lammers

Kerkgeraamte

Hij heeft onlangs, samen met het kerkbestuur, besloten elk kerkgaand gezin 100 meticas (anderhalve euro) te vragen. Om nieuwe zinken platen te kopen, zodat er op zijn minst weer een dak op het kerkgeraamte komt. Ze twijfelden er lang over. Anderhalve euro is een reusachtig offer. De muren hebben dan ook geen haast. Rego wijst op een stapeltje verweerde bakstenen naast de kerkingang. “Voor de storm wilden we de kerk uit steen optrekken”, zegt hij. “Dat is niet langer het plan.”

Een windvlaag waait plots vol in zijn gezicht. “Lekker koel wel hè, die middagwind”, glimlacht Rego. Daar staat hij, in zijn wankele kerk zonder muren en met een wapperend dak. Het is niet helemaal duidelijk of hij de opmerking bedoelt als grapje, om de situatie iets draaglijker te maken, of niet.

‘Investeer in zelfredzaamheid’

Ruim een half jaar nadat cycloon Idai – en een maand later Kenneth – over het midden en noorden van Mozambique trok, is in veel getroffen gebieden nog altijd noodhulp nodig. Daarbij gaat het volgens Okke Bouwman, die in havenstad Beira nabij Buzi voor hulporganisatie Save the Children werkt, zowel om voedselhulp als om de reparatie van huizen en scholen.

“Bouwmaterialen zijn simpelweg te duur voor veel mensen”, legt ook Armando Artur uit. Hij was tot half oktober parlementslid namens politieke partij MDM, die Beira bestuurt. “De overheid zou de mensen meer moeten helpen.” Mozambique is volgens het IMF een van de zes armste landen ter wereld.

Idai kostte half maart zeker 1.300 mensen in Mozambique, Zimbabwe en Malawi het leven. Kenneth resulteerde in ruim vijftig doden. Miljoenen mensen werden door de stormen en overstromingen geraakt.

“Nu veel noodhulp eindigt, is het belangrijk te investeren in zelfredzaamheid van de bevolking”, zegt Bouwman. “Mozambique is bijzonder kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering. Daardoor verhevigen zowel periodes van droogte als overstromingen. In dat kader is verbetering van de landbouwproductie belangrijk en moeten er ook alternatieve inkomensbronnen worden gezocht.”

Idai en Kenneth zorgden er bovendien voor dat veel kinderen lange tijd niet naar school konden. Bouwman: “Dat is problematisch in een land waar 44,7 procent van de bevolking jonger is dan 14 jaar. Ook extra aandacht voor onderwijs is dus belangrijk.”

Lees ook:

Op zoek naar meneer Bernardino tussen het puin van Mozambique

Na cycloon Idai is er in en rond de Mozambikaanse havenstad Beira nauwelijks nog internet- of telefoonverbinding. Terwijl de stad opkrabbelt na de storm, proberen inwoners elkaar te vinden.

De kokosnoot is een reddingsboei in het overstroomde Mozambique

Het district Buzi in Mozambique was een van de zwaarst getroffen plekken tijdens de overstroming die volgde op cycloon Idai. Veel mensen raakten alles kwijt. Mensen als Raposo Rego.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden