Sissieretta Jones Beeld Hollandse Hoogte / Glasshouse Images

Déjà vu Paul van der Steen

Operazangeres Sissieretta Jones liet zich niet zomaar knechten

“Wetten wijzigen is één ding, hart en hoofd van mensen veranderen iets heel anders. Dat kost meer tijd”, zei de deze week overleden operazangeres Jessye Norman over racisme. Als burger en als artieste in de blanke wereld van de klassieke muziek kreeg ze geregeld te maken met vooroordelen en gesloten deuren.

Bij haar inzet voor meer gelijkheid vergat Norman niet welke weg al was afgelegd. Een van haar laatste projecten ‘Sissieretta Jones: Call her by her name!’ getuigde van dankbaarheid daarvoor. De show was een aaneenschakeling van zwarte toppers uit klassieke muziek, jazz, hiphop, dans en poëzie. Norman vertelde over de naamgeefster van de show, een van haar verre voorgangers Sissieretta Jones (1868-1933). Die trad in 1892 als eerste zwarte vrouw ooit op in de Music Hall in New York – een gelegenheid die een jaar later zou worden omgedoopt tot Carnegie Hall. Een volwaardige rol in een opera kreeg ze nooit, omdat de theaters daarvoor verboden terrein voor zwarten waren.

Domineesdochter Mathilda Sissieretta Joyner leerde zingen in de kerk, waar ze al snel veelgevraagd werd. Op haar veertiende trouwde ze krantenverkoper en piccolo David Richard Jones. Aan het conservatorium in Boston leerde ze vervolgens de fijne kneepjes van het vak van vocaliste.

Doorbraak

Tournees in het Caribisch gebied onttrokken haar daarna grotendeels aan het gezicht en gehoor van Amerika. Maar in het begin van de jaren negentig van de negentiende eeuw beleefde ze alsnog haar grote doorbraak in eigen land.

Jones werd vergeleken met een van de grote operasterren van dat moment, de blanke sopraan Adelina Patti. Het leverde haar de bijnaam ‘the Black Patti’ op. Critici roemden Jones’ stem en verschijning. “Ze is volbloed zwart, maar toch fijn om naar te kijken”, schreef een recensent.

De zangeres weigerde op te treden als zwarten niet welkom waren. Soms ontkwam ze niet aan concessies. Bij haar optredens voor vier verschillende Amerikaanse presidenten in het Witte Huis moest ze driemaal door de bediendeningang naar binnen. Pas de laatste keer onder president Theodore Roosevelt kon ze op normale wijze haar entree maken.

Jones liet zich niet zomaar knechten. Ze scheidde van haar gokverslaafde man, die het vooral druk had met het verjubelen van haar geld. In haar glorietijd spande ze met succes een rechtszaak aan tegen een nieuwe, blanke manager. Onderscheidingen die ze gaandeweg kreeg, droeg ze bij vrijwel elk optreden als een rijk gedecoreerde veldmaarschalk trots op haar jurk.

Schijntje

Op het hoogtepunt van haar roem verdiende Jones tweeduizend dollar per week. Veel geld, maar een schijntje vergeleken bij de gages van Adelina Patti, die gemakkelijk het dubbele per optreden verdiende. De Metropolitan Opera in New York overwoog even om Jones te vragen voor een rol, maar durfde het uiteindelijk niet aan.

De zwarte zangeres bleef noodgedwongen recitals geven met werk van onder meer Verdi en Gounod. Buitenlandse tournees brachten haar naar Zuid-Amerika, Azië, Australië en Europa, waar ze minder racisme ervoer. De laatste twintig jaar van haar loopbaan toerde Jones met the Black Patti Troubadours, een show met zang, dans, acrobatiek en meer, afgesloten door zang van haarzelf.

In 1915 stopte Jones als professioneel artieste, ook omdat ze voor haar zieke moeder wilde zorgen. Haar vermogen verdampte snel. De laatste jaren van haar leven bleef ze financieel nog een beetje op de been dankzij steun van de zwarte burgerrechtenorganisatie National Association for the Advancement of the Colored People.

Toen ze in 1933 op 65-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van kanker, ontbrak het geld voor een grafsteen. Die kwam er pas vorig jaar bij de viering van het 150ste geboortejaar van Jones.

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Lees ook:

Jessye Norman (1945-2019) was de hogepriesteres van de zangkunst

Om de zwarte operazangeres Jessye Norman hing het aura van een priesteres. De hogepriesteres van de zangkunst vooral, met een dijk van een stem waar je moeilijk omheen kon. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden