Futurologische tekening auto van Rudolf Das.

Rudolf Das(1929-2020)

Ongewenst werd Rudolf Das de schrik van de Britse luchtmacht

Futurologische tekening auto van Rudolf Das.

Dat menig voorspelling van de technisch tekenaar en futuroloog en zijn tweelingbroer uitkwam, vond hij zelf heel gewoon. Hun tekening van een geheime straaljager werd zelfs aangezien voor spionage. Toen hij niet meer kon tekenen, verloor hij alle plezier.

Wanneer de jonge Rudolf Das met zijn tweelingbroer Robbert een schip tekende, begon de een vooraan en de ander met de achterkant. Precies tegelijkertijd kwamen ze aan in het midden.

Robbert werd het eerst geboren en omdat hij nogal licht was, werd hij in de couveuse gelegd. Tot ieders verbazing kwam er nog een jongetje achteraan. Omdat dat nog lichter was, werd Robbert uit de couveuse gehaald en Rudolf erin gelegd.

Vanaf het begin van hun leven waren zij als één. Hetzelfde gezicht met de amandelvormige ogen die dromerig konden staan of waarin pretlichtjes schenen, dezelfde stem, interesses en gedachten. Nooit hadden ze ruzie, want, zo zei Rudolf, je kunt toch geen ruzie hebben met jezelf?

Rudolf Das. recente foto Naschrift

Het tekenen begon op de rollen behang van vader, die meubels en interieurs ontwierp voor rijke boeren. Hij verkocht het door een interieur zo aantrekkelijk mogelijk te tekenen, een ‘likprent’ noemde hij dit, een term die Rudolf en Robbert later zouden overnemen.

De Haarlemse jongens, die ook nog een oudere broer hadden, doken in de Tweede Wereldoorlog onder in Beekbergen om niet voor de Duitsers te moeten werken. Wanneer er in deze omgeving een vliegtuig was neergeschoten, waren ze er meteen bij. Naast elkaar stonden ze het wrak tot in details te bestuderen.

Met hun technisch inzicht en fotografisch geheugen wisten ze later tot in detail hoe een vliegtuig was geconstrueerd. Saai waren hun tekeningen nooit, want de jongens brachten er altijd het likprenteffect van hun vader in, met kleur, sfeer en details.

Eigenlijk wilden ze verkeersvlieger worden, maar toen bleek dat Robbert een oogafwijking had, kozen ze ervoor om van het geliefde technisch tekenen hun beroep te maken. In het ouderlijk huis in Aerdenhout, waar ze na de oorlog weer woonden, begonnen ze op zolder een kantoor, samen aan één tekentafel.

In één klap beroemd

In 1953 werden ze door hun talent in één klap beroemd of aanvankelijk eerder berucht. In de Britse pers was paniek ontstaan omdat er tekeningen in een Zwitsers vakblad waren afgebeeld van de doorsnede van een geheime nieuwe straaljager Supermarine Swift van de Britse Royal Air Force. De gedetailleerde tekeningen zouden gemaakt zijn door twee Hollandse jonge mannen, mogelijk spionnen. Rondom het huis van de familie Das zwierven journalisten uit diverse landen en het onderwerp haalde het Polygoon journaal. “Eigenlijk begrijpen wij die hele drukte niet, wat wij gedaan hebben was niet meer dan het combineren van gegevens die waren gepubliceerd in buitenlandse vakbladen”, sprak Robbert onbekommerd voor de camera. “Van het onthullen van geheimen is hier geen sprake”, vulde Rudolf aan.

Zakelijk bleek dit misverstand een zegen te zijn, want het regende nu opdrachten van grote bedrijven als Philips, Fokker en Shell. Al snel moesten de twee personeel inhuren, maar die collega’s lieten ze na verloop van tijd wegstelen door grote bedrijven zodat ze weer met zijn tweeën waren. Ze wilden niet te groot te worden.

Daar had Walt Disney zelf Rudolf nog voor gewaarschuwd. De godfather van de tekenfilm was alleen nog maar aan het vergaderen, vertelde hij Rudolf toen die voor een groot project in de Verenigde Staten was, hij had geen tijd meer om een lijn op papier te zetten. Dat sloot aan bij Rudolfs eigen idee van dicht bij je passie blijven en dat was tekenen wat hij had uitgedacht. Schatrijk wilde de technisch tekenaar ook niet worden, dan ga je toch maar verkeerde dingen doen, zoals naast je schoenen lopen, vond hij.

Futuroloog Rudolf

In de jaren zeventig splitsten de broers toen Robbert met zijn vrouw in Zuid-Frankrijk ging wonen. Rudolf, die ook getrouwd was en een zoon en dochter kreeg, woonde in Aerdenhout. Het werk verdeelden ze. Rudolf hield zich veel bezig met architectuur. Zo maakte hij verschillende ontwerpen voor groene terraswoningen, schuin tegen elkaar omhoog gebouwd, die gerealiseerd werden in Vleuten en Houten. Op die manier besparen we ruimte en zorgen we er toch voor dat iedereen een tuin heeft, bedacht Rudolf, die in al zijn ontwerpen rekening hield met het welzijn van mensen en ‘het kleine blauwe bolletje’, zoals hij de aarde noemde. Ook maakte hij driedimensionale tekeningen van de ontwerpen van het Leids Universitair Medisch Centrum en de Amsterdamse Arena.

Futuroloog werd Rudolf genoemd, omdat hij oplossingen bedacht voor toekomstige (milieu)problemen en voorspellingen deed die vaak bleken uit te komen. Zelf deed hij daar nuchter en bescheiden over, hij vond het gewoon een kwestie van logisch denken. Neem nou die kleine autootjes die hij dertig jaar geleden tekende als detail bij een gebouw. Zijn opdrachtgever vond het gebouw mooi, maar die autootjes raar. Maar Rudolf wist zeker dat de auto’s van de toekomst er zo uit zouden zien. De wegen raken te vol, redeneerde hij, dus moeten we auto’s gaan maken die klein van buiten zijn en ruim van binnen. Zijn getekende autootjes leken als twee druppels water op de Twingo en Smart van nu. Dat mensen soms lachten om zijn toekomstvoorspellingen deerde hem niet. Zijn zelfverzekerdheid was geworteld in passie en overtuiging en misschien ook wel in het feit dat hij een wederhelft had die net zo anders dacht als hij.

Een betere en schonere wereld

Al zagen de broers elkaar niet vaak, ter voorbereiding van hun diverse boeken kwamen ze meestal wel samen. Dan was het meteen als vanouds en vlogen de ideeën door de lucht. Eén en één was bij hen geen twee, maar veel meer. Zo ontstonden hun lijvige werken als ‘Op zoek naar leefruimte’, ‘Wegen naar de toekomst’ en ‘Energie en onze toekomst’. Het motto van de tweeling was dat wat ze bedachten en tekenden free to grab was, vrij voor gebruik. Achter deze gulheid zat het ideaal dat alles wat mee kon helpen aan een betere en schonere wereld meegenomen was.

Rudolf was na zijn scheiding hertrouwd en had nu vier kinderen, met de dochter en zoon van zijn tweede vrouw erbij. Naast het tekenen, schreef hij ook graag. Hij werkte voor Elsevier Magazine als redacteur van de rubriek ‘Modern leven’ en was columnist voor een website over nieuwbouw in Nederland.

Regelmatig gaf hij lezingen. Podiumvrees had hij niet en de aandacht vond hij leuk. Hij hield van improviseren en kon levendig vertellen over oplossingen voor problemen als ruimtegebrek en milieuvervuiling.

Dat Rudolf als technisch tekenaar de meest ingewikkelde machinerieën op papier kon uitbeelden, betekende niet dat hij in het dagelijks leven ook handig was met techniek. Met afstandsbedieningen had hij het altijd aan de stok en zijn mobiele telefoon – een van de eerste modellen – gebruikte hij niet graag.

Tekenen lukte niet meeer

Niet lang na het overlijden van zijn tweede vrouw, met wie hij bijna veertig jaar samen was geweest, verhuisde hij vijftien jaar geleden van Arnhem naar een dorpje in West-Friesland waar hij op loopafstand woonde van haar dochter met wie hij een hechte band had.

Ondanks het verlies van zijn vrouw kon hij nog intens genieten van het leven. Hij werkte bevlogen aan nieuwe projecten, zoals zijn idee voor drijvende windmolens, en hield van goed eten en een glas wijn, het liefst in gezelschap.

Zes jaar geleden werd de tweeling geportretteerd voor de ‘TV show’ van Ivo Niehe. Hierdoor waren ze na lange tijd weer samen en daardoor helemaal gelukkig. Tijdens een zonnige dag op het strand holden de twee tachtigers als jonge honden de zee in – door familie nageroepen dat ze niet te ver moesten gaan – en kregen ze er geen genoeg van zich te laten aanspoelen door de golven.

De blaaskanker die bij Rudolf werd geconstateerd leek aanvankelijk nog beheersbaar, maar langzaam namen gezondheidsklachten zijn leven over. Hij bleef vriendelijk en charmant, maar kreeg iets verdrietigs over zich. Afhankelijk zijn was niets voor hem, al had hij bewondering voor de toewijding van de meiden van de thuiszorg en vond hij het leuk om met ze te praten over van alles en nog wat. In zijn huis lagen briefjes met hun namen, zodat hij die zou onthouden.

Tekenen lukte niet meer en daarmee leek ook zijn levensvonk te verdwijnen. Boeken over de Tweede Wereldoorlog konden nog wel boeien en er lag altijd wel een gevorderde Jan van Haasteren puzzel op tafel, maar voor veel andere dingen was hij te moe en te mat. Rudolf was, zoals zijn West-Friese buurman het uitdrukte, ‘aan het end van zijn akkertje’, hij verlangde naar het einde.

Kort voor zijn overlijden belde hij met Robbert in Zuid-Frankrijk. Beide broers wisten dat dit hun laatste telefoontje zou zijn. Ze evalueerden de voetbalwedstrijd die ze eerder hadden gekeken.

Rudolf Das werd geboren op 23 januari 1929 in Haarlem en overleed op 31 januari 2020 in Ursem.

Trouw beschrijft het leven van onlangs overleden heel gewone of bekende mensen. Heeft u zelf een tip voor Naschrift? Mail ons via naschrift@trouw.nl.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden