Liefdadigheidsorganisatie Caritas deelt voedsel uit aan migranten

ReportageCeuta

Met migranten zet Marokko buurland Spanje onder druk

Liefdadigheidsorganisatie Caritas deelt voedsel uit aan migrantenBeeld foto Antonio Sempere

Een run van migranten op de Spaanse stad Ceuta, lijkt Marokko uit te komen. Zo kan Rabat druk uitoefenen op Spanje, waar extreem-rechtse partijen profiteren van de moeilijk beheersbare instroom.

Abulrahim (28), Anas (23), Bilal (23), Omar (22), en Rida (22), krijgen een nummer op hun hand ­gekalkt met een dikke blauwe watervaste stift. Dat voorkomt dat iemand nog een keer in de rij gaat staan voor een tweede bakje pasta met tonijn. We staan voor parochiekerk Del Valle, waar op een snikhete middag in juni migranten uit alle hoeken en gaten van Ceuta zich verzamelen voor een warme maaltijd.

Van de open blaren trillen Omars handen als hij eet. Die blaren heeft hij overgehouden aan de oversteek van de Marokkaans-Spaanse grens, vertelt hij. Om de pijn te verzachten heeft hij er maar druipende stukken aloë vera opgedaan, een plant die hier in de weelderige ­vegetatie rond de berg Monte ­Hacho volop groeit. “Wij willen hier blijven, want in Marokko ga je bijna dood van de honger”, verzekert Omar. “We willen echt niks slechts doen”.

Dan breekt je hart toch?

“Hey, ben jij zo’n slimmerd die zegt dat hij nog niets gehad heeft”, roept Caritas-vrijwilliger Cristina Navarra plotseling streng in vloeiend Darija (Marokkaans-Arabisch) tegen een voordringer, die na wat tegenstribbelen even snel in de wirwar van kronkelstraatjes verdwijnt als hij gekomen is. “Ze vragen of ze ­‘mama’ tegen je mogen zeggen. Dan breekt je hart toch? Het kan je zoon zijn”, zegt Isabel Gutiérrez, die vandaag heeft gekookt.

“Zoveel moeite hebben ze gedaan voor dít”, zegt ­Caritas-medeweker Manuel Gestal hoofdschuddend als hij razendsnel de laatste bakjes voedsel uit zijn bus tovert; een groepje jongens dat net aan komt lopen druipt zonder middagmaal af.

Het Caritas-team van Ceuta

 Beeld Antonio Sempere
Het Caritas-team van CeutaBeeld Antonio Sempere

Omar en zijn vrienden, afkomstig uit de omgeving van de 80 kilometer verderop gelegen Marokkaanse stad Tanger, kwamen dit kleine stukje Spanje in Noord-Afrika twee maanden geleden binnen met maar liefst achtduizend anderen. Vooral Marokkanen zwommen en renden op 17 en 18 mei de Spaanse exclave binnen, nadat grenswachten de normaal gesproken zo zwaarbewaakte landsgrens tussen Afrika en Europa plotseling openzetten.

Miljoenen van de EU en Spanje

Marokko ontvangt miljoenen van de Spaanse buur en van de Europese Unie om illegale migratie naar Europa tegen te gaan en misbruikt haar machtige positie als poortwachter al jaren over de ruggen van migranten; de beelden van met name migranten uit sub-Sahara Afrika die de hekken van Ceuta en Spanje’s andere exclave Melilla bestormen zijn bekend. Door dit toe te staan oefent Rabat politieke druk uit op Spanje.

Maar het immense aantal dat in mei naar Ceuta wist over te steken is zelfs voor de 18 vierkante kilometer grote stad met ruim 80.000 inwoners ongekend.

De ‘invasie’, zoals kranten kopten, deed de bevolking ineens met bijna een vijfde toenemen; op het hoogtepunt van de stormloop kwamen er maar liefst negentig migranten per minuut binnen, herinnert de vicepresident van Ceuta, Carlos Rontomé zich. Hij spreekt van een ‘bezetting’. “Het was verschrikkelijk, alsof we de stad hadden verloren”, vertelt hij voor het presidentiële paleis. Op dit moment, begin augustus, zitten er nog duizenden migranten vast in Ceuta.

Politiek conflict over rebellenleider

Achter de actie van Rabat gaat een groot politiek conflict met Spanje schuil. Madrid haalde zich de woede van de Marokkanen op de hals omdat de leider van rebellengroep Polisario, Brahim Gali, in mei een behandeld werd in een Spaans ziekenhuis. Gali strijdt voor een onafhankelijke Westelijke Sahara, een gebied dat Marokko tot haar grondgebied rekent en inlijfde. Tot 1975 hoorde het bij het Spaanse protectoraat.

Twee politieagenten in Ceuta

 Beeld Antonio Sempere
Twee politieagenten in CeutaBeeld Antonio Sempere

Maar ook nu Rabat haar tanden heeft laten zien is het conflict niet beslecht. Terwijl Marokko half juni de grenzen weer opende voor bezoekers, blijven de grensovergangen met Ceuta en Melilla potdicht. Dat houdt de Spaanse autonome steden in een pijnlijke houdgreep, omdat de de economie afhankelijk is van de grenshandel.

Spanje heeft op haar beurt gedreigd een visumplicht in te stellen voor Marokkanen uit de omgeving van de exclaves die daar nu van vrijgesteld zijn. De gebieden horen nu niet bij de Schengen-zone, maar daar zegt Madrid verandering in te willen brengen.

Chaotische taferelen

Ceuta is de dupe: bij de anders zo drukke grensovergang naast het Tarajal-strand van grijs kiezelzand zijn de blauwe grenshekken gesloten: in de mist zijn de eerste huizen van het Marokkaans Fnideq (of Castillejos in het Spaans) te zien. De stad is de afgelopen jaren uit haar voegen gegroeid vanwege de nabijheid met Ceuta.

De meeste migranten die hier in mei binnenkwamen, werden tijdens chaotische taferelen waarbij het Spaanse leger uit de barakken kwam direct terug de grens overgezet. Maar duizenden ontsprongen de dans. Leegstaande fabriekshallen waar voor de pandemie de grenshandel werd overgeladen op de ruggen van grensarbeiders die ze naar Marokko brachten, worden nu gebruikt om de migranten op te vangen. Maar de meesten verkiezen de straat uit angst voor plotselinge deportatie.

Mohamed Mustafa, tweede man van de politieke partij  Coalicón Caballas

 Beeld foto Antonio Sempere
Mohamed Mustafa, tweede man van de politieke partij Coalicón CaballasBeeld foto Antonio Sempere

Ceuta zit met de duizenden nieuwe straatbewoners in haar maag, maar de massale intocht heeft ook verderstrekkende gevolgen: het broze evenwicht van ‘vreedzaam samenleven’ of ‘co-existeren’ (het is maar net aan wie je het in Ceuta vraagt) tussen de moslimgemeenschap en de christelijke inwoners (de ceutis) is verstoord, ziet Mohamed Mustafa. Hij is de tweede man van de kleine lokale politieke partij Coalicón Caballas. Een fusie van een moslimpartij en een linkse partij, waarbij caballa (een soort sardien) de bijnaam is van de Ceutis.

Extreem-rechtse partij

Dat verstoorde evenwicht komt niet zozeer door de komst van de migranten zelf, legt hij uit in een koffietentje naast een van de meer dan veertig moskeeën van Ceuta. Het komt door de politieke draai die de extreem-rechtse partij Vox aan de gebeurtenissen gaf door een manifestatie in Ceuta te beleggen en de moslimgemeenschap en politici ervan te beschuldigen een ‘vijfde colonne’ te vormen die zou heulen met Rabat. De verhitte demonstratie werd overigens verboden omdat een tegenbeweging ook de straat op ging.

Zo’n confrontatie tussen ‘christenen en moslims’ in Ceuta is het schrikbeeld van Mustafa. Zijn angst is dat Vox meer macht zal verwerven ten opzichte van de conservatieve Volkspartij (PP) die al twintig jaar in Ceuta aan de macht is.

Dat gebeurt al langer elders in Spanje. Het islamkritische Vox is inmiddels Spanje’s derde partij. Maar in Ceuta kan dit volgens Mustafa een recept zijn om de vlam in de pan te doen slaan. “Marokko heeft zo de beste campagne ooit voor Vox geregeld”, verzucht Mustafa.

Dat de loyaliteit van Ceuta’s moslims bij Rabat zou liggen lijkt vergezocht. Uit peilingen blijkt dat Ceutis zich vooral erg Spaans voelen. Marokko claimt op historische gronden Ceuta en Melilla, maar mocht die claim ooit worden ingewilligd, dan zit haast geen inwoner daar dus op te wachten.

Onder de armoedegrens

“Problemen worden ‘geïslamiseerd’. Je bent al snel pro-Marokko, maar dat is echt niemand hier, kan ik je vertellen”, zegt Mustafa. Het geloof, dat is een andere zaak, erkent hij. Evenals de economische situatie voor de moslimbevolking in Ceuta, die beroerd is: het bruto nationaal product is er weliswaar een van de hoogste van Spanje, maar bijna de helft van de Ceutis leeft onder de armoedegrens en de exclave heeft een van de hoogste werkloosheidscijfers van het land.

Dáár loopt volgens Mustafa de werkelijke scheidslijn in Ceuta, dat het moet hebben van ambtenaren, militairen en agenten die een bonus krijgen om in de afgelegen exclave te werken. Maar Ceuta’s moslimbevolking weet volgens hem nauwelijks deze gewilde banen te bemachtigen.

Wie geboren en getogen is in Ceuta en de kans heeft, gaat vaak elders studeren en komt dikwijls niet meer terug, weet stadschroniqueur José Luis Gómez Barceló. Hij is zelf geboren in Tetouan, ten tijde van het protectoraat.

Hij denkt dat Marokko geen enkele aanspraak maakt op Ceuta en Melilla. “Wij zijn hier omdat het van ons is. Tot kortgeleden bestond gewoon nog het recht op verovering”, zegt hij. Met de grillige buur moet maar samengeleefd worden, met af en toe een confrontatie. “Wij zijn een voorwendsel, Marokko wil graag een buitenlandse vijand om de aandacht af te leiden van de grote binnenlandse problemen”, denkt hij.

Ismael Mohamed studeert in Sevilla en zoekt werk in Madrid
 Beeld  Antonio Sempere
Ismael Mohamed studeert in Sevilla en zoekt werk in MadridBeeld Antonio Sempere

Ismael Mohamed is fervent hardloper en geboren in een achterstandswijk in Ceuta. Hij heeft zelf maar het heft in handen genomen, vertelt hij op de ferry van Algeciras naar Ceuta. Ja, ook hij weet dat hij er twee Ceuta’s zijn. Daarom studeert hij politicologie in Sevilla, waar hij net een examen heeft afgelegd. Nu is hij op zoek naar werk in Madrid. “Door de migratiecrisis komt hier veel naar boven waar normaal niet uitgesproken wordt: subtiel racisme komt nu aan de oppervlakte. Voor een plek als Ceuta kan dit echt gevaarlijk zijn”, zegt Mohamed.

Hij is blij dat de stad zich ook heeft laten horen tegen Vox. “Het doet wat met je als je stadgenoten klappen als wij een vijfde kolonne van Marokko worden genoemd. Dan ga je haast denken dat je geen Spanjaard bent.”

De ferry is er niet voor de migranten

Er hangt een groot nevelgordijn op zee, waardoor het Spaanse vaste land moeilijk te zien is, alleen de rots van Gibraltar doemt op in de mist terwijl ferry’s heen en weer pendelen. Voor Mohamed is zo’n ferry een optie, maar dat geldt niet voor de duizenden migranten die niets liever zouden willen dan de oversteek maken naar het vasteland van Spanje.

Tegen etenstijd vormt zich weer een lange rij migranten, ditmaal voor de moskee Sidi Embarek. Terwijl de vrijwilligers van hulporganisatie Witte Maan de laatste plastic zakjes vullen, vliegen kermende meeuwen verlekkerd boven de uitgiftetafel.

Elfhonderd zakjes liggen er volgens coördinator Mustafa Mojtar klaar. “Ze hebben een obsessie met Europa. Ze willen maar één ding en dat is het water oversteken”, vertelt Mojtar als hij begint met uitdelen.

Ook Abdul (30), die in de rij staat, rende in mei na een bericht op Facebook als een dolle vanuit Fnideq, 23 kilometer verderop, richting het grenshek. Hij was nog op tijd om Ceuta binnen te komen. Maar de volgende horde die hij moet nemen is een stuk moeilijker.

Abdul kreeg een dag eerder van iemand het aanbod om met een klein bootje over te varen, maar de persoon in kwestie werd vanochtend met een handjevol anderen, waarvan enkelen het zelfs op een surfplank hadden geprobeerd, door de kustwacht linea recta teruggebracht. Abdul heeft wat geld gespaard en wacht nu op een betere mogelijkheid om naar Madrid te reizen, waar zijn familie woont. Nu nog rechtsomkeert maken naar Marokko is geen optie. “Ik moet hier hoe dan ook weg”, zegt hij.

De achternamen van Omar en Abdul zijn bekend bij de redactie.

Lees ook:

Overstekende migranten blijken een opvallend effectief dwangmiddel te zijn

De Wit-Russische dictator Aleksandr Loekasjenko laat illegale migranten door om de EU onder druk te zetten. Hij is niet de eerste. En het is een opvallend effectief dwangmiddel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden