Lilian Marijnissen: ‘Ik heb niet zoveel met politici die klagen over de werkdruk’. Beeld Mark Kohn
Lilian Marijnissen: ‘Ik heb niet zoveel met politici die klagen over de werkdruk’.Beeld Mark Kohn

Tien gebodenLilian Marijnissen

Lilian Marijnissen: ‘Kiezers zijn niet afgehaakt, maar afgehaakt gemaakt’

SP-fractievoorzitter Lilian Marijnissen heeft geen gewone baan, maar een politiek bestaan. Ze ergert zich aan collega’s die politieke spelletjes spelen en klagen over werkdruk terwijl ‘gewone mensen’ zich wanhopig afvragen hoe ze rond moeten komen.

Arjan Visser

I Gij zult de Here uw God aanbidden en hem liefhebben met geheel uw hart, geheel uw ziel en met al uw krachten

“Alles en iedereen om mij heen was katholiek. Ik voelde me wel verbonden, maar hoorde er niet echt bij. Mijn ouders hadden zich allebei laten uitschrijven, ik werd niet gedoopt, deed geen communie. Dat herinner ik me nog goed: hoe vriendinnetjes op die dag een nieuwe fiets of een ander groot cadeau kregen en ik niets. Maar dat vond ik niet erg hoor.

Mijn oma was wel gelovig. Haar man stierf toen mijn vader tien jaar oud was en zij vond vooral steun bij Maria. We gingen regelmatig samen naar de Sint-Jan, in Den Bosch, om in de Mariakapel een kaarsje aan te steken. Ik ga nog steeds graag naar een kerk. Waar ik ook ben; ik moet er altijd even rondkijken. De rituelen zijn prachtig, maar ik kan me redelijk goed verzoenen met het idee dat we niet weten of God bestaat. We zullen het zelf moeten doen. Iedereen is verantwoordelijk voor zijn eigen keuzes, ja, maar wees niet te streng in je oordeel want omstandigheden maken de mens. Ik kan nu wel heel hoogdravend gaan doen en zeggen dat ik nooit heb gestolen – wat waar is, trouwens – maar wat zou ik doen als ik straatarm was en niks te eten had?”

II Gij zult de naam van de Heer uw God niet zonder eerbied gebruiken

“Wij, volksvertegenwoordigers, hebben twee wapens: onze ideeën en de taal. Daar moeten we het mee doen. Het is een kwestie van fatsoen om niet te gaan schelden in de Kamer, maar er wordt tegenwoordig misschien wel iets te snel ingegrepen.

Als Thierry Baudet iets zegt over de zogenaamde spionnenschool waar Sigrid Kaag haar opleiding zou hebben genoten, loopt heel Vak K leeg, wat ongekend is want het kabinet is bij de Tweede Kamer te gast. Met deze actie is ook een precedent geschapen, want bij een volgende belachelijke uitspraak komt geheid de vraag: o, en waarom blijft het kabinet nu wél zitten, keuren ze het nu wel goed? Je kunt denk ik beter weerleggen dan weglopen. Het gebeurde tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen, het belangrijkste debat van het jaar, dat eigenlijk over de gigantische koopkrachtcrisis had moeten gaan, maar wat kreeg daarna alle aandacht? Baudet die lelijke dingen roept en een kabinet dat boos wegloopt. Dat kwam ze ook wel goed uit.

Eerder waren er al andere ingestudeerde, politiek verdienmodel-achtige clashes geweest: Geert Wilders die Rob Jetten een ‘klimaatpsychopaat’ noemt, waarna de partijgenoot van Jetten, Jan Paternotte, Wilders uitmaakt voor de ‘bedrijfspoedel van Poetin’. Iedereen duikt er bovenop, maar het is gewoon een toneelstuk want zodra de camera uitgaat is het weer ouwe-jongens-krentenbrood. En waar hebben we het wéér niet over gehad? Over de wanhoop van gewone mensen die zich afvragen hoe ze hun energierekening moeten betalen, of het schoolgeld van hun kinderen. En de media spelen het spelletje doodleuk mee. Ik zou vanavond nog bij alle talkshows kunnen aanschuiven om te praten over de positie van Kamervoorzitter Vera Bergkamp of over de zoveelste bedenkelijke tweet van Gideon van Meijeren, maar als ik zeg dat ik het liever wil hebben over kinderen die in armoede opgroeien ben ik niet welkom meer! Ik zou er haast van gaan vloeken.”

III Gij zult de dag des Heren heiligen

“In mijn agenda heb ik vrij, maar in mijn hoofd ben ik bijna altijd met mijn werk bezig. Het is trouwens niet eens ‘werk’; het is mijn bestaan. Iemand met een eigen onderneming denkt als de zaak gesloten is toch ook na over de klandizie of het personeelsbeleid? Ik heb niet zoveel met politici die klagen over de werkdruk. We nemen in Den Haag besluiten die rechtstreeks ingrijpen in de levens van mensen; besluiten die bepalen of ze hun rekeningen kunnen betalen, of ze wel of niet bij een dokter binnenstappen als ze iets onder de leden hebben! Wat nou werkdruk? Sorry hoor.”

Lilian Marijnissen (Oss, 1985) deed al op haar zestiende mee aan de gemeenteraadsverkiezingen in Oss, werkte van 2008 tot 2016 bij de Abvakabo FNV en trad op 23 maart 2017 toe tot de SP-fractie in de Tweede Kamer. Aan het eind van datzelfde jaar werd ze gekozen tot fractievoorzitter en partijleider. Op 19 december verschijnt bij Prometheus haar boek De winst van eerlijk delen.

IV Eer uw vader en uw moeder

“Het gaat vaak over mijn vader, maar ik heb meer tijd met mijn moeder doorgebracht. Ze werkte als kleuterleidster, bouwde samen met andere moeders een speeltuin in Oss, deed – en doet nog steeds – allerlei dingen voor de lokale SP-afdeling en was voor het huishouden verantwoordelijk omdat mijn vader meestal van huis was. Het bestaan van een fractievoorzitter geeft veel stress, en een deel daarvan kwam soms ook letterlijk in Oss terecht: een dieptepunt was de dag waarop er voor én achter ons huis een beveiligingshuisje werd neergezet. Het was na de moord op Pim Fortuyn, ik was zestien jaar. Zoiets heeft een enorme impact, vooral ook omdat ik er eigenlijk met niemand over kon praten. Geen van mijn vrienden zou echt begrijpen hoe het voelde om een kogelbrief uit de brievenbus te halen, niemand uit mijn klas had een vader wiens collega door zijn hoofd was geschoten…

Ik begin de laatste jaren beter te begrijpen hoe zwaar het voor mijn vader is geweest. Op het politieke vlak heb ik veel van hem geleerd, maar ik heb ook gezien welke prijs hij heeft betaald. Mijn vader werkte dag en nacht en hield zijn gezondheid niet goed in de gaten. Dat doe ik anders. Ik rook of drink niet en ik probeer veel aandacht te geven aan mensen die mij dierbaar zijn.

Ik zal niet zeggen dat ik zelf aandacht tekort ben gekomen – zo heb ik dat toen in ieder geval niet ervaren – maar ik kon me er wel over verbazen als ik bij een vriendje of een vriendinnetje speelde en zag dat allebei de ouders thuis waren. Ik had alleen mijn moeder of zat bij mijn oma. En je bent als enig kind sowieso meer op jezelf aangewezen. Onder die omstandigheden ben ik jong zelfstandig geworden. Zelfverzekerd? Hmm, ja, misschien ook wel. Ik kan goed in mijn eentje opereren, maar ik vind het ergens ook wel jammer dat ik geen broer of zus heb om herinneringen mee op te halen of om bepaalde gebeurtenissen uit onze jeugd te duiden. Nu moet ik altijd mijn eigen analyses maken, mijn eigen problemen oplossen. Een andere zorg die ik niet kan delen is: hoe moet het straks gaan, als mijn ouders hulpbehoevend worden? Er is maar één dochter en dat ben ik.”

V Gij zult niet doden

“Ik bezoek met enige regelmaat militaire begraafplaatsen en dan kijk ik naar de data op al die kruizen: de meeste soldaten zijn twintigers. Ze zijn gedood en hebben waarschijnlijk zelf ook tegenstanders uitgeschakeld. Was het een gevecht tussen goede en slechte mensen? Nee, natuurlijk niet. Dat is precies wat me nu ook zo stoort als we het hebben over de oorlog in Oekraïne, een verhaal dat véél te zwart-wit wordt gepresenteerd. Politici die de tien geboden heel hoog hebben zitten, pleiten er met het grootste gemak voor om nóg meer wapens te sturen.

Ik ben geen pacifist. Natuurlijk hoop ik dat mensen de moed hebben om tegen een verderfelijk regime in opstand te komen, en dat ik dat zelf ook zou doen als het nodig zou zijn. Maar de vraag is in welke mate wíj ons met een conflict in het buitenland moeten bemoeien. Al in 2002 heeft de SP zich uitgesproken tegen Nederlandse steun voor de Amerikaanse oorlog in Irak. Over de oorlog in Afghanistan hadden we óók een afwijkend standpunt. Toen werden er de vreselijkste dingen over ons gezegd, maar achteraf hebben we helaas gelijk gekregen. De Taliban hebben het er inmiddels weer voor het zeggen, de oorlog heeft miljarden dollars en vele levens gekost.”

VI Gij zult geen onkuisheid doen

“Gisteren heb ik die tien geboden nog eens doorgenomen en het eerste wat ik me afvroeg was: wat is dat eigenlijk, onkuisheid? Het gaat over wat je wel of niet op seksueel gebied zou mogen doen, toch? Daar ga je lekker zelf over. De aanvoerder van Feyenoord, Orkun Kökcü, weigerde vanwege zijn geloof als moslim (op 11 oktober, Coming Out Day, AV) het OneLove-regenboogbandje te dragen. Nu, in Qatar, is het wéér een issue: als een speler met zo’n bandje op het veld verschijnt krijgt-ie meteen een gele kaart. Belachelijk. Dat het WK in Qatar wordt gehouden is absurd, maar het is niet eerlijk om het de Oranjespelers nu kwalijk te nemen dat ze daar gaan spelen. Ik ben een voetbalfan dus ik kijk, maar wel met frisse tegenzin. Ik heb het voorrecht dat ik een politieke strijd mag voeren en zal geen moment onbenut laten om de walgelijke praktijken in Qatar aan de kaak te stellen. Het WK had daar nooit mogen plaatsvinden. Een en al corruptie. Toen eenmaal was beslist, dienden wij een motie in om dan in ieder geval géén formele regeringsdelegatie naar Qatar te sturen. De motie werd gesteund door een meerderheid van de Kamer, maar is inmiddels vanwege de handelsbelangen terzijde geschoven door het kabinet. Handelsbelangen boven mensenlevens? In wat voor een wereld wil je leven?”

VII Gij zult niet stelen

“Als ik belastingaangifte moet doen, schrik ik altijd even van wat ik daadwerkelijk als Tweede Kamerlid verdien: met alle vergoedingen erbij opgeteld is dat volgens mij wel 10.000 euro per maand. Ik doe dit werk voor anderen, spreek iedere dag mensen die nauwelijks rond kunnen komen. Ik zou me een dief voelen als ik al dat geld voor mezelf hield; een modaal inkomen – uit mijn hoofd: netto 3200 per maand – is voor mij meer dan genoeg. De rest gaat naar de partij. Daar doen we goede dingen mee, zoals bijvoorbeeld lokale gratis juridische hulpdiensten opzetten, acties voeren met huurders tegen het slopen van huizen of een prachtig fotoboek en tentoonstelling maken van getroffen gezinnen in het toeslagenschandaal, zodat dit op de agenda blijft.”

VIII Gij zult tegen uw naaste niet vals getuigen

“De lijst van leugens is inmiddels eindeloos, maar om even bij het toeslagenschandaal te blijven: memo’s die zijn weggehouden, zaken die onder het tapijt werden geveegd, een ministerraad die het drukker had met roddelen over kritische Kamerleden dan zich bezig te houden met het oplossen van de ellendige omstandigheden waar zoveel mensen in verkeren… Kiezers zijn niet afgehaakt, maar afgehaakt gemaakt. Zij hebben de politiek niet de rug toegekeerd, maar zij worden niet gezien door de politici die te veel met hun eigen belangen bezig zijn. En daarover liegen als het zo uitkomt. De normalisering van de leugen is desastreus voor het vertrouwen, niet zozeer in de politiek van alledag, maar voor de werking van het democratisch systeem in het algemeen.

Misschien is het pretentieus om te zeggen – en ik denk dat niemand altijd de volledige waarheid spreekt, al was het maar omdat je anderen niet onnodig wilt kwetsen – maar ik durf hier met de hand op mijn hart te zeggen dat ik er geen dubbele agenda op nahoud. Dat is wat anders dan af en toe een compromis sluiten hè? Zoiets kun je uitleggen – en de noodzaak daarvan snapt iedereen – maar politieke spelletjes spelen? Ik zou het niet eens kunnen.”

IX Gij zult geen onkuisheid begeren

“Oké, ik weet niet wat je ervan hebt meekregen (‘We hoorden kreten, de ruiten vlogen eruit!’ – relatie Lilian Marijnissen en Bart Nolles eindigt met een knal?’, Privé, 21 september, AV), maar ik heb onlangs in de roddelbladen gestaan met een verhaal dat ik liever voor mezelf had gehouden. Ik ben, zoals je merkt, best open over alles, maar ik vind het bezwaarlijk als anderen erbij worden betrokken: zij hebben niet voor een leven in de openbaarheid gekozen. Ik begrijp heus wel dat er ook interesse is voor de mens achter de volksvertegenwoordiger, maar juist vanwege dat vergrootglas ben ik over dit soort zaken terughoudender geworden. Ik heb nu geen relatie, zoveel wil ik je wel vertellen. Natuurlijk lijkt het me hartstikke fijn om lief en leed met iemand te kunnen delen – liefde is uiteindelijk hetgeen wat het leven werkelijk de moeite waard maakt – maar het is nu zoals het is. Een fase. Geen idee hoe het er straks uit gaat zien; ik leef in het moment.”

X Gij zult niet begeren wat uw naaste toebehoort

“Als het om materiële zaken gaat, kom ik niets tekort en begeer ik ook zeker niet wat mijn naaste toebehoort, maar als we het over mijn ándere wensen gaan hebben, ah jongen, ik wil nog zoveel beleven! Steden bezoeken, strandwandelingen maken, mooie films kijken, langs historische plekken trekken… Ik wil mezelf blijven ontwikkelen, eruit halen wat er in zit: dat is voor mij echte rijkdom. Vroeger stond ik er minder bij stil, maar de laatste jaren zie ik steeds beter hoe makkelijk je kunt worden opgeslokt door de waan van de dag en de dagelijkse dingen. Maar het leven heeft zoveel meer te bieden. En door de politiek, dat is waar, maar dit zie ik – beetje hoogdravend misschien – toch als mijn opdracht. Ik zit nu in de Kamer om het verschil te maken voor mensen die zich niet gehoord voelen. Er komt een moment waarop ik meer tijd zal hebben voor de dingen die ik net noemde, al heb ik geen idee wanneer. Dat is ook iets waar je in dit politieke bestaan maar beter in kunt berusten: het kan nog jaren duren, maar het kan ook morgen afgelopen zijn.”

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden