Donorkinderen

Lex erkent donorkind één, maar donorkind twéé dan?

Lex van Wietingen en dochter Lotte Beeld Hanne van der Woude
Lex van Wietingen en dochter LotteBeeld Hanne van der Woude

Donorvader Lex van Wietingen vond twee donorkinderen terug. Nu gaat hij een stap verder: hij wil ze erkennen. Maar dat heeft nogal wat haken en ogen.

Jeroen den Blijker

Op tafel staat taart, er is versgezette koffie. Lex van Wietingen, een kwieke pensionado uit Delft, oud-ambtenaar van de sociale dienst, is namelijk jarig. Niet dat hij veel aan zijn verjaardag doet maar vandaag is hij helemaal naar zijn dochter Lotte gereisd, aan het andere eind van het land. Op tafel ligt een envelop. Zie je wel, zegt Lex als hij de brief uit de envelop leest. “99,99 procent aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid.” Lotte, die om privacyredenen alleen met haar voornaam in de krant wil, knikt. “Had je iets anders verwacht?”

Veertien jaar geleden was dit tafereel ondenkbaar, waren beiden volstrekt onbekend voor elkaar. Toen hoorde Lotte van haar moeder dat de man die ze jarenlang voor haar vader hield, helemaal niet haar biologische vader was. “Mijn ouders waren toen al lang gescheiden, dat gebeurde toen ik zes of zeven jaar oud was. Mijn vader woonde toen een tijdje in een caravan, de omgangsregeling voorzag in een bezoek eens in de twee weken maar dat werd allengs minder. Ik ben dus vooral door mijn moeder en later, mijn stiefvader, opgevoed, ook omdat mijn ‘échte vader’ na verloop van tijd overleed.”

Jaren gingen voorbij, maar de kwestie van die donorvader hield haar bezig. Het had iets geheimzinnigs, zette haar fantasie ook in werking. Misschien heb ik wel ‘halfjes’, dacht ze dan. “‘Halfjes’ heten de lotgenoten van dezelfde donorvader; halfzusjes of halfbroertjes.” Uiteindelijk schreef ze zich in bij twee bekende commerciële Amerikaanse databanken. “Aan het vinden van een donorvader dacht ik niet. De kans daarop is zo klein, al zijn er mensen die daarvoor complete puzzeltochten door dna-databanken maken of familiestambomen uitpluizen.”

Speurtochten

Dus was Lotte, dik vijf jaar geleden, hoogst verbaasd dat er wel een match bleek – maar niet met een halfje maar met Lex van Wietingen, die als zaaddonor uit de anonimiteit was getreden en op een Facebooksite zijn donornummer bekend had gemaakt. Hij was namelijk onder de indruk geraakt van alle verhalen over de eindeloze en tevergeefse speurtochten die donorkinderen maken om hun donorvader te traceren. “Geen halfje dus, maar een hele”, grapt Lotte. Hoge verwachtingen van de ontmoetingen die daarop volgden, had ze niet. Maar met wat voorzichtig geapp over en weer startte, is uitgegroeid tot een stevig, warm en diep contact. Beide gezinnen maakten zelfs meerdaagse uitstapjes. Al blijft Lotte hem met Lex aanspreken. “Net als mijn oudste dochter.” ‘Vader’ of ‘opa’ voelt toch wat gek na al die jaren van afwezigheid. “We waren toen opeens met zijn zessen”, vat donorvader Lex van Wietingen samen: “Mijn vrouw en ik, mijn drie dochters én Lotte. Zo voelde dat: een gezin.”

Maar na zes kwam ook nog nummer zeven, inmiddels ruim een jaar geleden. Lex laat trots een familiefoto zien van vijf jonge vrouwen op een rijtje. Niet dat hij na Lotte extra actief op zoek is gegaan, onderstreept hij. “Ik heb altijd gezegd: ik ben niet op zoek, ik sta er alleen voor open om gevonden te worden. Ik denk wel dat het hierbij zal blijven. Want waarschijnlijk weet maar twintig procent van de donorkinderen dat ze donorkind zijn – vroeger drukten artsen de ouderparen op het hart daar vooral over te zwijgen – en lang niet alle donorkinderen zoeken naar hun wortels. Maar de deur staat open.”

Vorig jaar meldde de app van MyHeritage op Lex’ telefoon dus opeens een nieuwe match: Mara, een jonge dertiger, werkend in de zorg in het zuiden van het land meldde zich. Een donorkind wier levensverhaal Lex toevallig eerder al had gelezen op de besloten Facebookgroep, speciaal voor donorkinderen die op zoek zijn naar hun wortels. “Ze is opgevoed door een alleenstaande moeder en na haar overlijden is Mara op zoek gegaan. “’Ik wens je een donor met een groot hart toe’, reageerde ik toen. Destijds schoot ook nog even door mijn hoofd: wat zou het leuk zijn als zij ook mijn donorkind zou zijn.” Een gedachte die hij evenwel snel verwierp, ook omdat Mara, anders dan Lotte, geen uiterlijke overeenkomst vertoont met Lex en zijn kinderen.

Worstenvingers

Lotte: “Ja, we lijken heel sterk op elkaar, mijn oudste dochter vindt het gewoon eng.” Lex: “Ja, de neus hè. En de handen. We hebben allemaal worstenvingers. En onze dochters zijn ook wat flinker van bouw. Maar Mara is juist fijn gebouwd, heel anders.”

Na de match begon het hele verhaal weer van voren af aan. Het voorzichtig kennismaken online, telefoneren met elkaar, appen, de persoonlijke ontmoetingen en de introductie in Delft – en ook nu weer klikte het, zegt donorvader Van Wietingen.

Lex: “Ook met Mara mis ik natuurlijk een heel stuk geschiedenis. Ik heb ook geen Pluk van de Petteflet voorgelezen, heb geen pleisters geplakt noch was ik er om te troosten als ze verdriet had. Maar dat staat een waardevol contact niet in de weg, heb ik gezien. Het kan echt groeien naar een hoger niveau. Daar past, voor mijn gevoel, nu ook iets anders bij: het erkennen van Mara en Lotte als mijn wettige kinderen.”

Dat is natuurlijk nogal wat – zitten Lotte en Mara daar wel op te wachten? Dat bedacht hij natuurlijk ook zelf, zegt Van Wietingen. “Ik heb het dus heel open voorgesteld: hoe zouden jullie dat vinden? Ze kunnen natuurlijk ook gewoon nee zeggen. Beiden vroegen bedenktijd, bij Lotte volgde al vrij snel ‘ja’, Mara moest er langer over nadenken, moest er ook over praten met vrienden.”

Lotte, inmiddels met een nieuwe kop koffie: “Logisch dat Mara meer tijd nodig had. Jouw relatie met Mara was nog niet zo sterk als die van tussen ons hè.”

Lex: “Ja, wij kennen elkaar eind juli 5 jaar, met Mara is dat nu iets langer dan een jaar.”

Bekroning

Het is best snel om dan al zo’n verzoek neer te leggen, geeft Lex ook toe. “Maar ik wil mijn kinderen gelijk behandelen. Lotte en Mara zijn, net als mijn dochters en vrouw Corrie, hetzelfde voor mij. Ik wil het ook goed regelen, want ik zie steeds vaker in overlijdensadvertenties geboortejaren opduiken die niet veel verschillen van het mijne. En in feite is de erkenning voor de wet louter een papieren actie. Maar gevoelsmatig is het een bekroning van de relatie.”

Voor het erfrecht maakt die ‘louter papieren actie’ natuurlijk wel veel verschil. Van Wietingen: “Inderdaad; een donorkind is voor de wet helemaal niks van de overledene en moet dus het grootste deel van wat die bij testament toegewezen krijgt, afdragen aan de fiscus. Terwijl de kinderen die ik met Corrie heb aanspraak maken op een erfdeel, waarvoor een veel milder tarief geldt.”

“Ik heb mijn plannen natuurlijk ook met mijn kinderen én mijn vrouw besproken – allemaal afzonderlijk. Mijn vrouw zei: als jij dat wil, heb je mijn zegen. Corrie is net zo gek op Lotte en Mara als ik ben. Ze ziet beiden min of meer als eigen kinderen – ook omdat Lotte bijvoorbeeld zoveel op onze jongste dochter lijkt. En onze drie dochters vonden het gewoon leuk. ‘Ho ho’, zei ik, ‘Dat gaat jullie wel in de erfenis schelen’. Waarop zij antwoordden: ‘Voor mijn part maak je het allemaal op’.”

Lotte: “Ik denk dat het ook iets genetisch is. Wij gaan allemaal vrij nuchter om met dit soort dingen, geen zware filosofische discussie alsjeblieft.”

Uiteindelijk zei Mara ook ‘ja’; zij wilde Lex wel als wettig vader erkennen. Lex: “Daarna ging het vrij snel; bij Mara was in de bevolkingsadministratie immers nooit de naam van een vader ingevuld. We maakten toen een afspraak bij de gemeente Utrecht, de plaats waar Mara geboren was. Je neemt je legitimatie mee, er wordt wat in papieren en boeken geschreven en dat is het dan. Niks feestelijks, ze stonden niet klaar met champagne, terwijl het voor ons zo speciaal was. Maar het was ook coronatijd. We zijn nog wel uit eten gegaan, bij het enige restaurant dat open was: de Burgerking, voor een whopper en frietjes.”

Lotte: “Voor de hele familie is dat de favoriete fastfoodketen. Net zoals we allemaal paars als lievelingskleur hebben.”

Lex: “Daarna liepen we nog langs Mara’s geboortehuis en de kerk waar ze is gedoopt – daar staken we een kaarsje op voor haar overleden moeder. En vanaf die dag heeft Mara er vier halfzussen bij - én een biologisch vader en diens vrouw. Ze heeft nog alleen nog maar contact met één oom en tante en twee neven.”

Verstreken

Zo vlotjes de erkenning van Mara verliep, zo moeizaam verloopt die van Lotte - nota bene het donorkind dat als eerste ‘ja’ tegen Van Wietingens voorstel zei. Want de wet staat donorkinderen toe hun wettelijke vader te ontkennen, maar dat moet binnen drie jaar gebeuren nadat het kind het bestaan van een donorvader duidelijk werd. “En die drie jaar zijn bij mij natuurlijk al lang verstreken: ik hoorde op mijn 21ste van mijn moeder over dat mijn wettelijk vader niet mijn echte vader was, nu ben ik 35”, zegt Lotte.

“Die drie jaar is sowieso een belachelijk korte tijd. Als een kind hoort over het bestaan van een donorvader, duurt dat vaak jaren om dat te verwerken. De vraag ‘Ga ik op zoek, ja of nee’, is ingewikkeld. En dan nog: stel dat je je donorvader treft, dan duurt het ook nog enige tijd voordat je weet wat je van dat contact kunt verwachten en hoe je daarmee verder wilt”, zegt Van Wietingen.

Maar in het geval van hem en Lotte maken ze nu samen de gang naar de rechter: die zal kijken naar de DNA-test waarvan de uitslag in de envelop zit, voor hen op tafel. Van Wietingen: “Het is een wettelijk erkende DNA-test, waarvoor allerlei strikte eisen gelden. Een geregistreerd arts moet de test op eenzelfde plaats en tijd afnemen. De arts moet een goed verloop met zijn handtekening garanderen en de test moet naar een erkend lab worden gestuurd. Onze advocaat verwacht echter dat we een gerede kans maken; de wet is eerder door een rechter soepeler uitgelegd. Per saldo kost dat allemaal wel veel geld, vele duizenden euro’s, daarom zijn we ook een crowdfunding gestart. Ook om de aandacht te vestigen op het belang van aanpassing van de regels voor ouderschap. Het kabinet heeft daar al in 2019 het meerouderschap van willen maken, maar in de behandeling daarvan zit weinig schot.”

Dat ze naar de rechter moeten, voelt onrechtvaardig, benadrukt Lotte. “Ik zou het natuurlijk liever niet doen, het ontkennen van mijn vader. Ik doe dat niet met plezier, maar ik heb vrede met de oplossing die we nu hebben bedacht. Het past gewoon om Lex aan te nemen als mijn wettige vader. Allebei de vaders hebben betekenis voor mij, van mijn vader heb ik bijvoorbeeld meegenomen dat je nooit ergens heen gaat zonder eten. Want eten is leven; mijn vader is geboren in een Jappenkamp, dat heeft hij zijn hele leven zo gehouden. Maar nature is ook heel aanwezig: als ik ga kijken naar mijn karakter, dan zie ik veel overeenkomst met dat van Lex. Om over het uiterlijk nog maar te zwijgen.”

De volledige naam van Lotte en Mara zijn bekend bij de hoofdredactie. Deze zijn om privéredenen achterwege gelaten.


Een zeldzaamheid

Het gebeurt zelden dat donorvaders hun donorkinderen officieel erkennen als hun kind. Bij de stichting Donorkinderen, die de belangen behartigt van donorkinderen die op zoek zijn naar hun donorvader, zijn slechts enkele gevallen bekend – een registratie daarvan wordt niet bijgehouden. Naar verwachting zal het verzoek van Van Wietingen en zijn dochter Lotte niet eerder dan in september door de rechtbank in Almelo worden behandeld.

Lees ook:

Zaaddonor Lex (65) stapt uit de anonimiteit: ‘Donoren belanden onterecht in het verdomhoekje’

Deze week besluit de rechter of een spermadonor met terugwerkende kracht anoniem mag zijn. Lex van Wietingen stapte uit de anonimiteit en kreeg er een donordochter bij. ‘Je bent toch nieuwsgierig? Het is wél je kind!’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden