Analyse Storingen

Is Nederland gebouwd op digitaal drijfzand?

Beeld Getty Images/iStockphoto

Nederland werd in korte tijd opgeschrikt door twee grote storingen, deze week bij 112 en eerder bij pinautomaten. Dat zorgde voor woede en persoonlijk leed, maar juist daarom zijn het volgens deskundigen belangrijke lessen. “Techniek is nooit onfeilbaar. We laten ons meeslepen in een droom.”

Wie hoog klimt, kan diep vallen. Dat leerden de opvarenden van de Titanic, de slachtoffers van de kernramp in Tsjernobyl en de eerste voetganger die op genadeloze wijze omkwam door een zelfrijdende auto op. Ieder nieuw technologisch huzarenstukje gaat vanzelfsprekend gepaard met risico’s, zegt techniekfilosoof en innovatiedenker Martijntje Smits. Maar van die risico’s hebben we vaak een verkeerd beeld.

Dat het falen van techniek tot doden kan leiden, bleek deze week weer in Nederland. Een vrouw uit Breda overleed maandag doordat 112 uren onbereikbaar was door een grote storing bij KPN. Familieleden en haar huisarts probeerden het landelijke noodnummer tevergeefs te bereiken nadat de vrouw onwel was geworden. Ze werd nog wel thuis gereanimeerd, maar hulp kwam te laat.

Ook elders in het land zorgde de storing voor chaos en persoonlijk leed. Hoeveel mensen er precies gedupeerd waren door de storing is nog niet duidelijk, maar al snel sijpelden er persoonlijke verhalen binnen via sociale en reguliere media. Hartpatiënt Noah Rademaker (29) raakte in paniek toen hij pijn in zijn borst kreeg en besefte hoe hulpeloos hij is als de hulpdiensten niet bereikbaar zijn, vertelde hij deze week in Trouw. Uiteindelijk ging hij zelf naar het ziekenhuis, waar hij extra medicatie en een kalmeringsmiddel kreeg.

Vastlopen

Als techniek niet naar behoren werkt, zijn we tegenwoordig snel ontregeld. Dat bleek ook eerder deze maand, toen grote delen van het land werden getroffen door een pinstoring in winkels - onder meer de Albert Heijn en Gall & Gall. De problemen werden wederom veroorzaakt door KPN, die het dataverkeer filtert om ‘foute’ data tegen te houden. Door een fout in de firewall nam een andere het over. Die blokkeerde vervolgens niet alleen de foute, maar alle communicatie.

Die storing zorgde weliswaar niet voor doden of paniekaanvallen zoals de uitval van 112, maar haalde bij sommige mensen wel het slechtste naar boven. Op Twitter verschenen berichten over mensen die caissières de wind van voren gaven of hun mandje lieten staan en woedend wegliepen. Albert Heijn kreeg een stortvloed aan teleurgestelde en boze reacties van klanten. Een woordvoerder toonde daar begrip voor en stelde dat ‘pinnen altijd moet kunnen’, zeker nu winkels steeds langer open zijn en mensen vaker met pin betalen. “Als dat niet kan, lopen we compleet vast.”

Heeft de woordvoerder gelijk? Wat dat vastlopen betreft in ieder geval wel, vindt Martijntje Smits. “Je hoeft geen filosoof te zijn om te constateren dat we te afhankelijk zijn geworden van techniek. De Britse antropologe Mary Douglas schreef dat in 1982 al in haar essay ‘Risk and Culture’, dat gaat over het organiseren van veerkracht in de technologie. Haar devies is: je moet nooit op één paard wedden. In de jaren tachtig waarschuwde ze al om niet alleen in te zetten op kernenergie. Door te anticiperen op het onbekende, creëer je een zekere robuustheid.”

In haar boek ‘Monsterbezwering’ bespreekt Smits twee benaderingen van risico’s van technologie:  anticipatie en de hier boven genoemde veerkracht. Bij anticipatie wordt de aandacht gericht op een beperkt aantal risico’s - zoals bij de Titanic. Beter is volgens haar de ‘veerkrachtbenadering’, die bestaat uit het vermogen om van fouten te leren en het paraat houden van verschillende middelen die in geval van nood inzetbaar zijn.

Veerkracht

Maar terwijl de technologie zich steeds sneller ontwikkelt, lijkt onze ‘veerkracht’ juist af te nemen. Het is opmerkelijk hoe snel we aan innovaties gewend raken en ze als vanzelfsprekend beschouwen. Een landelijk alarmnummer bestaat pas sinds 1990 (toen nog 06-11), en de eerste geldautomaat deed zijn intrede in Nederland in 1976. Maar wie heeft er nog een nummer van de plaatselijke spoedeisende hulp in zijn adressenboekje, of een oude sok met geld in huis, mocht alles uitvallen?

Op een rampscenario zijn zowel de overheid als burgers niet genoeg voorbereid, zegt Marleen Stikker, directeur van de Waag in Amsterdam, een cultureel innovatiecentrum dat opkomende technologieën verkent. “De technologie gaat en zal regelmatig uitvallen, maar dat wordt heel vaak ontkend”, zegt ze. “We denken dat mensen falen, maar technologie niet. Het begint langzaam door te dringen dat technologie óók faalt. De vraag is: wanneer wordt het kritiek? Wat gebeurt er als het langer dan een dag of een week gebeurt? Dat moeten we ons altijd afvragen.”

Het verbaast Stikker dat mensen zo happig zijn op het ‘internet of things’, waarbij apparaten met het internet verbonden worden en met elkaar kunnen communiceren. “Dan heb je een thermometer die je niet meer kunt gebruiken als een server in Amerika eruit ligt. En waarom zou je een app gebruiken om je voordeur te openen? Wat als je batterij leeg is? En waarom zou je een bedrijf mee laten kijken wanneer je wel of niet thuis bent? Dat soort toepassingen zouden niet toegelaten mogen worden op de markt. Ze zijn onveilig.”

Ze is er stellig van overtuigd dat mensen in hun eigen leven zo min mogelijk afhankelijk moeten zijn van technologie. Niet alleen omdat het kan falen, maar ook vanwege onze privacy. Zo is Stikker groot voorstander van het gebruik van contant geld. “Niet per se omdat ik denk dat straks de kassa’s het straks wekenlang niet doen, maar omdat ik geen digitaal spoor wil achterlaten.”

Sommige mensen gaan een heel stuk verder in die onafhankelijkheid. Ze leven off the grid, ofwel niet aangesloten op netwerken, met eigen water- en energievoorzieningen. Een heel interessante ontwikkeling, vindt Stikker. “Niet per se om je af te keren van de wereld. Maar wel om minder afhankelijk te zijn van centrale systemen.”

Wie het iets minder voortvarend wil aanpakken, kan beginnen met Indieweb, een alternatief voor commercieel internet dat is gestoeld op het principe dat alles wat jij plaatst van jou is, en dat je er zelf de controle over houdt. “Zo ben je niet afhankelijk van grote spelers”, zegt Stikker. “Je kunt bijvoorbeeld een lokale server inrichten voor je mail. Dat al onze mail bij Google staat, is helemaal niet nodig.”

Ook een ‘ouderwets’ boekje met telefoonnummers en een voorraad contant geld in huis kunnen geen kwaad, vindt Stikker. Ze hoopt dat de recente storingen bijdragen aan het besef dat mensen zich zo min mogelijk op één systeem moeten vastleggen. “Er is zo’n push geweest van het idee dat bedrijven alles maar voor ons oplossen. We zijn het zicht kwijtgeraakt op hoe technologie in onze samenleving werkt.”

Democratisering

Dat tomeloze vertrouwen in bedrijven leeft niet alleen bij burgers, maar ook bij de overheid, zegt techniekfilosoof en innovatiedenker Martijntje Smits. Ze verbaast zich erover dat Nederland de hele digitale infrastructuur in handen van bedrijven heeft gelegd, terwijl het volgens haar een nutsvoorziening zou moeten zijn.

Smits is groot voorstander van de democratisering van technologie. “Ik zit als consument bij Ziggo, waar ik als individu weinig invloed kan uitoefenen. Er is geen ‘publiek onderdeel’ van het internet. Hooguit een Autoriteit Persoonsgegevens. Soms worden er Europese wetten uitgevaardigd waar Facebook en Google zich aan moeten houden, maar dat is het dan wel. De klant heeft geen macht.”

Toch is het volgens haar fout om na de recente storingen in Nederland gelijk naar KPN als boosdoener te wijzen en het risico voor eens en altijd uit te willen bannen. Dat is heel risicomijdend en geeft een vals beeld van veiligheid. “Dit soort storingen kunnen altijd gebeuren. Er zijn risico’s in de samenleving die we moeten accepteren, maar dat kunnen we nauwelijks. Dat zie je ook bij kwesties als Michael P.”

Dat betekent overigens niet dat we allemaal een generator in de schuur moeten zetten en voor een weeshuis aan blikvoedsel in moeten slaan. Het moet wel in verhouding blijven, vindt Smits. Nederland heeft met 99, 99 procent de hoogste leveringszekerheid en het betrouwbaarst elektriciteitsnet ter wereld. “De gemiddelde Nederlandse afnemer zit jaarlijks 22 tot 28 minuten per jaar zonder stroom. Het gemiddelde van de meeste andere landen ligt hoger. Zo is de jaarlijkse uitvalduur in Frankrijk en Engeland met respectievelijk 69 en 74 minuten ruim driemaal zo lang. Daar mogen we dus best een béétje op vertrouwen. Het is hier geen Rome, waar de stroom om de haverklap uitvalt en iedereen generatoren heeft om op terug te vallen.”

We moeten inderdaad niet onevenredig bang worden, vindt Mariëlle Stoelinga, hoogleraar risicomanagement aan de Universiteit Twente. “We rijden allemaal in een auto, we sturen mensen naar de maan en nemen het vliegtuig. Dat zijn allemaal risico’s. Daarvoor geldt: no risk, no fun. Je kunt alleen innoveren als je een bepaald risico neemt. Het is goed om dat te doen. We moeten niet vergeten dat we als samenleving véél veiliger zijn geworden in de afgelopen decennia door zaken als airbags, de Oosterscheldekering, pacemakers en andere medische apparatuur. ICT heeft ons heel ver gebracht.”

Gebrek aan kennis

Dat het schort aan regie van de overheid, is Stoelinga eens met Smits. Ze noemt de 112-storing een goede wake-up call. “De regie was niet strak genoeg, er ontstond chaos. Daar moet de overheid veel beter bovenop zitten. Er zijn altijd risico‘s. Wen er maar aan. Deze week is 112 een paar uur uitgevallen, maar het had veel erger kunnen zijn. Wat gaan we dan doen?”

Wat niet helpt, is dat het bij Kamerleden enorm schort aan ICT-kennis, ziet Stoelinga. De Kamervragen die na de 112-crisis werden gesteld, getuigen volgens haar niet van ‘diepe inzichten’. “Politici vroegen zich af of er wel back-ups waren. Maar bij een softwarestoring is een back-up niet geschikt!  Je moet enerzijds storingen voorkomen door goede ontwerp- en testmethoden, en anderzijds anticiperen op storingen door goede noodscenario’s vast te leggen, en die ook te oefenen. Met andere woorden: de maatschappij weerbaarder te maken tegen uitval van ICT.”

De overheid heeft zelf geen goed imago op het gebied van ICT als je kijkt naar alle problemen bij de Belastingdienst en het UWV, zegt Stoelinga. Via de website van het UWV zijn onlangs 117.000 cv’s gelekt. Die konden worden gedownload via het account van een werkgever dat in onbevoegde handen was gevallen. En door een datalek bij de Belastingdienst konden accountants persoonlijke gegevens en belastingaangiften van oud-cliënten inzien.

Het is daarom nu geen goed idee om de overheid cruciale digitale infrastructuur zoals energienetwerken en telecommunicatie te laten beheren, zegt Stoelinga. “Je kunt je afvragen of dat bij de overheid in goede handen is. Zeker niet op dit moment. Daarvoor is er te weinig kennis.”

Lees ook: 

Vincent en Sky zijn voorbereid op elke noodsituatie

Na het 112-debacle besefte Nederland hoe afhankelijk we zijn van technologie. Prepper Vincent Lucassen wist dat allang - en houdt er rekening mee. 

Hoe heeft het zo mis kunnen gaan met 112?

Voor het eerst in zeven jaar tijd was op maandag 24 juni het noodnummer 112 niet bereikbaar. Een grote storing was de boosdoener. Wat ging er mis?

Zo hield Nederland zich staande tijdens het 112-debacle 

Urenlang was het noodnummer onbereikbaar door een storing. De chaos werd lokaal beteugeld door creatieve burgers en hulpdiensten. Trouw zet een aantal oplossingen op een rij.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden