ReportageHawija

In Hawija heersen haat en woede jegens Nederland

Slachtoffers verzameld in een hal van het gemeentehuis van HawijaBeeld Judit Neurink

Burgerslachtoffers in Hawija stellen de Nederlandse staat verantwoordelijk voor het inferno dat volgde op het bombardement van een explosievenfabriek van IS. Ze zitten klem: eerst werden ze onderdrukt door IS, nu verwijt de regering ze dat ze de radicale groep destijds met open armen ontvingen.

De koude hal van het maar deels herbouwde gemeentehuis van Hawija zit vol met mannen en vrouwen in het zwart. De stemming is verwachtingsvol, met ondertonen van verdriet en woede. Dit zijn slachtoffers van de bom die Nederlandse vliegtuigen in de nacht van 2 op 3 juli 2015 lieten vallen op een bommenfabriek van IS in Hawija. Zeker zeventig burgers kwamen om.

Hier zitten overlevenden van het inferno dat op het bombardement volgde en dat een groot deel van hun stad wegvaagde. Ze hebben foto’s meegebracht van hun verwondingen en vertellen over de gevolgen van de bom. Zo verloor Mohamed Khalef zijn vader. “Ik was op het dak van ons huis, dat deels instortte, net als die om ons heen. Mijn ouders waren beneden en raakten bedolven onder de muren.” Abdullah Ramadan vult aan: “Mijn kinderen zijn nu bang voor alles wat ze in de lucht zien of horen.” Haar neef is gek geworden, zegt een vrouw. Hij eet waspoeder, ze moeten hem vastbinden.

Fatima Dawood, wiens dochter kanker heeft, en (met bril) Ali Asam, die een oog verloor door de explosieBeeld Judit Neurink

Als Fatima Dawood opstaat, zwijgt iedereen. De bom had gevolgen voor 35 familieleden van deze vrouw in het zwart. Drie van haar kinderen raakten gewond. “En nu heeft mijn dochter kanker, als gevolg ervan. We hebben geen inkomsten en we kunnen de medicijnen niet betalen.” Veel overlevenden klagen dat er chemicaliën vrijkwamen die gevolgen hebben voor hun gezondheid.

De bom was bedoeld voor een gebouw dat IS gebruikte als bommenfabriek, op een industriegebied dat aan drie zijden ingeklemd lag tussen woonwijken. Er stonden tankwagens vol explosieven voor de deur, klaar voor een aanslag op de naburige olieraffinaderij van Baiji, en vlakbij was een opslagplaats voor kunstmest die IS gebruikte bij de bommenproductie. De dodelijke mix zorgde voor een schokgolf, tot op zeker een kilometer afstand vielen er slachtoffers. “Families sliepen in de zomernacht voor hun huis en raakten bedolven onder de buitenmuren”, zegt wijkhoofd Musa Jassam van de getroffen Yarmouk-wijk. “Mensen zijn door de kracht van de explosie meters ver weg geworpen.”

Het wijkhoofd, met een zwarte bontmuts op en een colbertje over zijn lange blauwe mannenjurk, vertelt dat hij elders in de stad was en ontkwam door met zijn auto hard weg te rijden. “Het was als Hiroshima. Niemand in de stad ontkwam eraan. De volgende ochtend zag ik dat onze mooie winkels en huizen vernield waren. Op de plaats van de inslag was een krater van 300 meter doorsnee, wel 40 meter diep.” Huizen, winkels, scholen en klinieken lagen in puin, net als noodopvang voor ontheemden van buiten de stad.

In de wijk waar de bom is gevallen staat niets meer overeindBeeld NOS

Het IS-bewind was streng

Wisten mensen niet hoe gevaarlijk het was om zo dicht bij de explosievenfabriek te wonen? Risha Ahmed, een oudere vrouw met een traditionele blauwe tattoo op haar kin schudt haar hoofd. Ze wisten niet eens van het bestaan ervan. Velen dachten dat IS in het gebouw een gasthuis had. “We hadden nauwelijks bewegingsvrijheid. Alleen onze jongens konden naar buiten, maar als ze op dit soort plaatsen zouden gaan kijken, werden ze onthoofd.”

Geen enkele burger die niet met IS werkte mocht daar zijn, vallen anderen haar bij. Hawija zuchtte immers onder de bezetting van IS. Het bewind was streng. Wie zich niet hield aan de regels of probeerde te ontsnappen, werd geexecuteerd. Ter afschrikking herhaalde IS de video’s van die executies voortdurend op schermen in de stad.

Hawija werd een belangrijk bolwerk, en toen de groep begin 2015 achttien Koerdische peshmergastrijders gevangen wist te nemen, reed ze die daar in kooien rond. Dat bezorgde de stad de naam geheel op de hand van IS te zijn. Ook het opstandige karakter dat de conservatieve soennieten al voor de komst van IS hadden getoond speelde mee. Na de val van dictator Saddam Hoessein hadden soennieten in Irak de macht moeten overdragen aan de sjiitische meerderheid. In 2013 protesteerden soennieten maandenlang tegen de manier waarop die hen discrimineerde, tot de regering daar in Hawija een bloedig einde aan maakte, omdat de beweging geïnfiltreerd zou zijn door Saddam-getrouwen en IS.

In april 2015 werd een ander IS-bolwerk bevrijd, Tikrit. Veel burgers vluchtten naar Hawija. Ook dat draagt bij aan het imago van Hawija. Dat deze mensen ontheemden waren die van IS niet mochten vertrekken en als menselijke schild werden gebruikt, was minder bekend. Velen van hen werden slachtoffer van het bombardement van juli 2015.

Een van de slachtoffer van de Nederlandse bom laat foto's zien van zijn verwondingenBeeld Judit Neurink

‘Ga maar naar de kleermaker om je wonden te hechten’

Het is achteraf moeilijk vast te stellen hoeveel burgers in Hawija IS inderdaad steunden. Geen van de vrouwen in het koude gemeentehuis draagt nog de onder IS verplichte nikaab. De slachtoffers werden op de nacht van het bombardement door IS in de steek gelaten.

“Ik ging naar het ziekenhuis”, vertelt Ali Asam, die verwondingen had in zijn gezicht. Hij verloor een oog en draagt een zonnebril – ook al is de hal slecht verlicht. “‘Ben je een van de broeders?’ vroegen ze. Omdat ik niet bij Daesh was, noemden ze me een hond. Ik moest maar een kleermaker zoeken om mijn wonden te hechten.”

Daesh is de lokale naam voor IS; dat bestuurde het ziekenhuis in Hawija, waar alleen haar eigen leden werden behandeld. Ghamiza Khalef probeerde daarom voor haar gewonde dochter buiten de stad hulp te vinden. “Daesh hield me tegen bij de controlepost. Ik moest een vergunning halen om Hawija te verlaten”, vertelt ze verontwaardigd. “Ik heb ze uitgescholden en vervloekt. Ze namen de auto in beslag.”

Er is haat en woede jegens Nederland

Vier jaar na het bombardement is het exacte aantal slachtoffers nog steeds niet bekend. Wie verbonden was aan IS is begraven in massagraven waarvan ook het wijkhoofd de exacte locatie niet kent. De bomkrater is dichtgegooid. Er wordt voorzichtig herbouwd. Winkels zijn weer open, maar de schade is nog groot. Slachtoffers klagen dat ze niet alleen hun woning maar ook hun kostwinners en inkomstenbronnen verloren. Zoals de dertiger Omar Khalid, die zijn garagebedrijf met auto’s erin verloor ter waarde van 50.000 dollar. “Ik had mijn eigen bedrijf. Nu moet ik voor iemand werken”, zegt hij bitter. Net als de anderen eist hij compensatie van de Nederlandse autoriteiten voor wat hem is aangedaan. Er is haat en woede jegens Nederland.

Alles wat er aan wederopbouw gebeurt, doen de burgers zelf, met geleend geld of steun van hulporganisaties. “De Iraakse autoriteiten doen niets voor ons”, klaagt Khalid. Net als elders in van IS bevrijd gebied blijft overheidssteun grotendeels uit, wat ook de staat van het gemeentehuis verklaart. Tot frustratie van de burgers, die zich dubbel gestraft voelen. Eerst door de IS-onderdrukking en nu door de Iraakse regering die de bevolking verwijt dat ze de radicale groep met open armen ontving – zelfs al gold dat lang niet voor iedereen.

Toen burgers in Hawija via familie in Europa hoorden dat er een dader voor hun ramp was aangewezen, herleefde de hoop, vertelt viceburgemeester Mohammed Mahmoud in zijn kantoor. Een westers land als Nederland zou zich verantwoordelijk voelen om de aangerichte schade te herstellen. “Als je iets fout doet, probeer je dat zo goed mogelijk te herstellen”, zegt Mahmoud. “Dat is normaal in Irak bij een ongeluk of een conflict: de veroorzaker betaalt.”

Nu de overheid het laat afweten, is dat wat Hawija van Nederland verwacht.

Lees ook:

Advocaat Zegveld: Kul! Nederland moet wél schade vergoeden aan slachtoffers Hawija

Anders dan minister Bijleveld van defensie beweert, is Nederland wel degelijk verplicht schadevergoeding te betalen aan de burgerslachtoffers van de F-16-aanval op het Irakese Hawija. Dat zegt advocaat en hoogleraar oorlogsherstelbetalingen Liesbeth Zegveld.

Dit is wat we weten over de Nederlandse aanval op Hawija

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden