ReportageSpanje

Gay Pride tussen de koeienstallen: Marta Álvarez (51) ijvert voor acceptatie op het Spaanse platteland

Marta Álvarez (51) probeert de motor van de grasmaaier aan te zetten. De grasmaaier houdt ze normaal opgeborgen in deze oude koeienstal, die tevens als expositieruimte fungeert. Beeld Eline van Nes
Marta Álvarez (51) probeert de motor van de grasmaaier aan te zetten. De grasmaaier houdt ze normaal opgeborgen in deze oude koeienstal, die tevens als expositieruimte fungeert.Beeld Eline van Nes

Via een festival probeert Marta Álvarez (51) in Galicië de acceptatie van lhbti+ te vergroten. Vorig jaar zomer werd er in dit deel van Spanje nog een homoseksuele man doodgeslagen.

Jurriaan van Eerten

Op het platteland is men conservatief, in de stad progressief. In de stad bestaan bubbels van inclusiviteit waarin iedereen zich vrij kan bewegen, op het platteland zijn het familietradities en religieuze normen die de boventoon voeren.

Dat zijn de eerste vooroordelen die je moet achterlaten zodra je de koeienboerderij van Marta Álvarez binnenstapt. En niet alleen omdat hier de muren in regenboogkleuren zijn geverfd en omdat Álvarez waarschijnlijk de bekendste lesbische boerin hier in het weelderig groene binnenland van Galicië is. Nee, omdat volgens Álvarez juist het idee van een conservatief platteland helemaal niet strookt met de werkelijkheid. Of in ieder geval niet zoals zij die heeft ervaren.

Ruim twintig jaar runt de 51-jarige Álvarez nu haar koeienboerderij in Ulloa, een bestuursgebied vergelijkbaar met een graafschap. Ze moet erover nadenken of ze zelf ooit een ongemakkelijk moment heeft meegemaakt. Enkele jaren geleden in Lugo, een grotere stad op een half uur rijden van Ulloa, toen een aantal jongens nare dingen riepen. Ze weet dat er problemen zijn, het ergste was de doodslag van Samuel Luiz, vorig jaar in de zomer in kuststad A Coruña. Maar zelf heeft Álvarez nog nooit met geweld te maken gehad.

Gaypride tussen de koeienstallen

En dan is Álvarez allerminst iemand die haar identiteit onder stoelen of banken schuift. Sinds een kleine tien jaar organiseert zij met vrienden hier in het dorp een jaarlijks festival, Agrocuir: een soort Gay Pride tussen de koeienstallen, waar intussen duizenden bezoekers op af komen. Lachend vertelt Álvarez erover. “Je zou niet weten wat je ziet. Jongens die met jongens zoenen in de dorpskroeg, transseksuelen aan de bar.”

Door de combinatie van de golf aan inkomsten die het festival brengt, de netheid van de bezoekers, die altijd hun troep opruimen, en de gewenning van dorpelingen aan taferelen die zij voorheen niet voor mogelijk hielden, is het festival volgens Álvarez een klein succes te noemen. Een korte inventarisatie bij de dorpscafés vooraf bevestigt dat beeld, over Agrocuir wordt geen kwaad woord gesproken. Hoe dat kan? Nou ja, wat Álvarez betreft komt het omdat haar medeboeren mensen vooral beoordelen op hun harde werk en vriendelijkheid. Dat iemand als Álvarez ook lesbisch is, nou ja, daar haalt men toch voornamelijk de schouders over op.

“Een aanzienlijk deel van mensen valt nu eenmaal op hetzelfde geslacht. Op het platteland wist men dat altijd al, hier kan je weinig voor elkaar geheimhouden. Het verschil is dat er vroeger niet openlijk over gesproken werd. Dat is wat ik altijd heb geprobeerd te doorbreken.”

Trots neemt Marta Álvarez de bezoeker mee over haar land om het bedrijf te tonen dat ze hier op heeft gezet. In de koeienstal klinkt een klassiek strijkkwartet uit de gettoblaster, de koeien rusten in de schaduw van eikenbomen. “Het gaat er vooral om dat de mensen zien dat er niets vreemds is aan homoseksualiteit”, vertelt Álvarez.

De kalfjes van Marta Álvarez krijgen melk. Beeld Eline van Nes
De kalfjes van Marta Álvarez krijgen melk.Beeld Eline van Nes

Nog lang geen paradijs

Als je tussen de regels door luistert, hoor je dat het succes van Agrocuir niet het einde is van de missie die Álvarez zichzelf stelde: het platteland laten wennen aan andere levensstijlen. De strijd is allerminst voorbij, zo zegt de koeienboer. Natuurlijk is het allemaal nog lang geen paradijs. In de afgelopen jaren is er zelfs in heel Spanje een toename in de statistieken zichtbaar van zogeheten haatdelicten: incidenten waarbij mensen zijn aangevallen of lastiggevallen met discriminatie als motief.

De grote omslag was begin juli vorig jaar, toen de 24-jarige verplegersassistent Samuel Luiz uit een kroeg aan de boulevard van de Galicische kuststad A Coruña naar buiten stapte om te bellen. Er ontstond ruzie met een jong stel, dat dacht dat hij hen filmde. Na de eerste confrontatie kwam de jongen van het stel terug met een groep vrienden, die samen Luiz doodsloegen terwijl ze hem uitscholden voor maricón de mierda – vuile flikker. Het nieuws verspreidde zich als een schokgolf door Galicië en de rest van Spanje. Het leidde tot grote protestacties in steden en dorpen. Bekende Spanjaarden en politici beschuldigden de in de afgelopen jaren opgekomen conservatief-rechtse partij Vox voor het creëren van een homofoob klimaat. Dit aangezien de partij zich onder andere hard heeft gemaakt tegen het homohuwelijk. Er is echter geen link tussen het incident en de partij – intussen vraagt de vader van Samuel Luiz demonstranten vooral de dood van zijn zoon niet te politiseren.

Niet zoals in Madrid

In het kantoor van lhbti+-vereniging Alas in de havenstad A Coruña, met 250.000 inwoners de tweede stad van Galicië, vertelt de 34-jarige Ana Garcia Fernandez over die moeilijke zomer vorig jaar. Vele journalisten kwamen vanuit Madrid naar A Coruña om onder andere met Alas te praten. Fernandez: “Ze waren verbaasd te horen dat homoseksuelen zich niet altijd veilig voelden. Ze wisten helemaal niet dat het niet overal is zoals in het centrum van Madrid. Terwijl, dat proberen we iedereen nou juist al jaren duidelijk te maken.” Verzuchtend voegt ze eraan toe: “Dat is misschien het enige lichtpuntje: het heeft wel echt iets teweeggebracht.”

Zelf woonde Fernandez vanaf haar achttiende ruim tien jaar in Madrid, maar kortgeleden is ze terug verhuisd naar A Coruña: op zoek naar lagere huur en meer stabiliteit in haar leven. Door deze keuze wordt ze opnieuw geconfronteerd met de verminderde acceptatie van de lhbti+-gemeenschap in de provincie. “Je bent je er altijd van bewust, wanneer je de straat op gaat, dat bepaalde groepen jongens zomaar zo’n groep kunnen zijn die Samuel doodsloegen.”

Medewerker Pablo Faz Varela, 24 jaar, knikt met Fernandez mee. Hij benadrukt dat je in alle Europese landen ziet dat lhbti+’ers juist naar de grotere stad toe verhuizen, omdat ze zich daar veiliger voelen. Sexilio, noemt hij het – een samentrekking van de Spaanse woorden voor seksuele geaardheid en ballingschap.

Toch hebben ze beiden het gevoel dat het Spanje buiten Madrid ook snel opent. “We hadden pakweg veertig jaar dictatuur (Franco, 1939-1975, red), die gestoeld was op een vorm van katholiek nationalisme”, zegt Fernandez. “Dat doorbreek je niet zomaar. Toch zie je ook hier verandering. Als ik zelf vanuit A Coruña naar het platteland ga, heb ik soms nog een vooroordeel. Maar ik moet niet vergeten dat ze daar ook gewoon televisie en telefoons hebben. Het is allemaal niet meer zoals dertig jaar terug.”

Lhbti+-organisatie Alas gaat geregeld naar scholen op verschillende plekken in Galicië, om daar voorlichting te geven. Maar, zo stellen ze bij Alas, helaas zijn het vooralsnog alleen publieke scholen waar ze welkom zijn. Bij privéscholen is er vaak een duidelijke link met de kerk, waardoor het schoolbestuur de meer conservatieve ouders niet voor het hoofd wil stoten door hen uit te nodigen.

Marta Álvarez bij haar koeien. Beeld Eline van Nes
Marta Álvarez bij haar koeien.Beeld Eline van Nes

Stadse bril

De 42-jarige Xácia Ceive moet toch een beetje lachen als ze het verhaal van Alas hoort. Zittend aan tafel op haar landgebied met een indrukwekkend uitzicht over de heuvelachtige vallei van de Sil, een rivier die Galicië ruim tweehonderd kilometer doorkruist, zegt ze dat de mensen van Alas een denkfout maken. Ze gaan met hun stadse bril de dorpen in. “Dan kom je van buitenaf met een boodschap over hoe men hoort te leven. Natuurlijk wil niet iedereen daarnaar luisteren. Je bent geen deel van het weefsel van het platteland.”

Elf jaar geleden kocht Ceive met haar toenmalige vriend dit stuk land, met het idee om meer in de natuur te wonen. Ceive, nu een dame met de eerste grijze plukken in haar lange haar, ging toen nog als man door het leven. Intussen is ze flink onderweg in wat zij zelf haar “avontuur in de transseksualiteit” noemt. In de zomer stelt Ceive haar land open onder de naam Sete Outeiros (zeven heuvels in het Galicisch) voor leden van de lhbti+-gemeenschap: om te komen werken, om te praten over moeilijkheden die ze ervaren, of om er simpelweg te verblijven. Binnen in de gezelschapsruimte staan de kasten vol boeken voor diezelfde gasten: van filosofen tot moderne denkers als Naomi Klein, en uiteraard een plank vol boeken over transseksualiteit. Trots vertelt Ceive dat sommige van haar gasten hier de vrijheid voelden om hun eerste stappen in de transseksualiteit te nemen.

“Doordat mijn buren hebben meegemaakt hoe ikzelf veranderde, is het denk ik voor hen veel begrijpelijker. Op het platteland ben je aan elkaar overgeleverd, waardoor je ook samen een transformatie meemaakt. Misschien heb ik geluk met mijn buren, je kan altijd een rotte appel treffen. Maar de meeste lijken er prima mee om te kunnen gaan. Je merkte in het begin dat ze wat onhandig vragen stelden, omdat ze niet precies wisten wat ze moesten vragen. Maar er werd nooit gek over gedaan.”

Opgegroeid in een rondreizend streng religieus gezin, heeft Ceive – van origine Amerikaans – overal ter wereld gewoond voordat ze in Galicië neerstreek. Maar ondanks die wereldwijsheid had ze juist behoefte aan haar plek in de natuur, hier aan de rand van een afgelegen dorp in het binnenland van Galicië: een groentetuin, vogels om haar heen. Ze zag dat plekken waar mensen normaal gesproken naartoe gaan voor een natuurretraite, niet altijd even open waren voor lhbti+-leden. Lachend beschrijft ze een boek uit de hippietijd, toen veel stedelingen naar het platteland trokken om een alternatieve levensstijl te zoeken. “Op de kaft stond de man met een glas bier en de vrouw was aan het koken.”

De boekenkast in het huis van de 42-jarige Xácia Ceive in Galicië. Beeld Eline van Nes
De boekenkast in het huis van de 42-jarige Xácia Ceive in Galicië.Beeld Eline van Nes

Openheid en nieuwsgierigheid

Door juist hier in het rurale Galicië te wonen, hoopt Ceive kleine verandering teweeg te brengen. Iets dat, als het maar op genoeg plekken gebeurt, misschien openheid en vooral nieuwsgierigheid kan brengen. Want wat Ceive vooral stoort is dat de discussie nog voornamelijk gevoerd wordt vanuit acceptatie of tolerantie. Terwijl die dingen die zij heeft meegemaakt toen ze begon met haar genderverandering ook een ervaring zijn, die ze juist graag wil delen. Als je iemand alleen maar tolereert, is er nog geen interesse in diens ervaringen.

“Ik heb kunnen ervaren hoe verschillend de samenleving je behandelt als man en als vrouw, en alle onbewuste patronen die daarbij komen kijken. Daardoor krijg je zicht op de tandwielen van de samenleving, op de manier hoe het allemaal werkt. Als mensen me daarnaar vroegen, zou ik ze een fantastisch verhaal kunnen vertellen. We kunnen de transseksualiteit en het queer-zijn ook gewoon vieren.”

Xácia Ceive (42) klust aan het huis waar ze ’s zomers andere lhbti+’ers ontvangt voor natuurretraites. Beeld Eline van Nes
Xácia Ceive (42) klust aan het huis waar ze ’s zomers andere lhbti+’ers ontvangt voor natuurretraites.Beeld Eline van Nes

Lees ook: Man meldt zich bij politie in homo-app-moordzaak Spanje

Een jonge man die wordt verdacht van de moord op zeker vier homo’s heeft zich gemeld bij de politie in de Baskische stad Bilbao in Noord-Spanje.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden