De Dinorotonde in Boxtel.

Economie

Boxtel moest het dinodorp van Nederland worden. Het experiment mislukte jammerlijk

De Dinorotonde in Boxtel.Beeld Merlin Daleman

De winkelleegstand neemt toe vanwege de coronacrisis. Ondernemers in Boxtel bedachten een paar jaar geleden al een plan om mensen naar het centrum te lokken: de Brabantse plaats moest het dinodorp van Nederland worden. Het experiment mislukte jammerlijk. Een reconstructie.

Op de centrale rotonde van Boxtel staat een kunststof dino van vier meter lang en twee meter hoog. Het is een Styracosaurus: een vierpoter met kleine oogjes en een hoorn op zijn neus. Met sinterklaas draagt de rotondedino een sinterklaaskostuum. Met Kerst krijgt-ie een kerstmuts op, met vorig jaar zelfs een kleine plastic dino als Kerstkind in een kribbe ernaast. Inwoners van het Noord-Brabants arbeidersdorp (30.000 inwoners) delen dan massaal foto’s van hun dino op Facebook en Instagram. Dat gebeurt trouwens ook op zaterdagavonden na het uitgaan. Dan klimmen aangeschoten jongeren op de Styracosaurus, en maken ze selfies met hun prehistorische dorpsmascotte.

Maar het verhaal over de geliefde rotondedino kent ook een tragische kant. Het bouwwerk, in 2017 geplaatst door Oertijdmuseumdirecteur René Fraaije (61), had slechts één van de vele gezichten van ‘Dinodorp Boxtel’ moeten worden. Als het aan Fraaije en een aantal enthousiaste ondernemers had gelegen, stond het centrum van Boxtel vol met dinobankjes. Om het dorpscentrum nieuw leven in te blazen, moest op de markt één van de grootste kunststof ­dino’s ter wereld verrijzen – ‘drie autobussen lang’ – waarop kinderen konden spelen. In wegenverf zouden dinopootafdrukken wandelroutes wijzen tussen winkels en ­cafés. Fraaije fantaseerde zelfs over een ­levensechte dino op het viaduct over de A2. Maar dat is allemaal niet gelukt.

De dino’s moesten Boxtel wapenen tegen toenemende winkelleegstand. De nieuwe generatie bestelt kleren online, of trekt naar grote steden om een dagje te shoppen. Een probleem voor veel gemeentes: in 2020 staat ruim 7 procent van de Nederlandse winkelpanden leeg. Dat zal door de economische gevolgen van de coronacrisis alleen maar toenemen, voorspelde onderzoeks­bureau Locatus twee weken geleden. Als ­gepoogde oplossing zoeken gemeentes naar hun unique selling point, een ‘beleving’, in de hoop toeristen te trekken. Nuenen profileert zich met Van Gogh-wandeltochten, als voormalige en idyllische woonplaats van de schilder. Het Overijsselse Zwartewaterland – een van de weinige plekken waar meer kerken worden bijgebouwd dan er verdwijnen – lokt toeristen met religieus erfgoed.

Maar geen enkele Nederlandse gemeente kwam met zo’n inventief plan als Boxtel. Wat namelijk wél goed liep, was het Oertijdmuseum aan de rand van het dorp. Jaarlijks trekt het ruim 80.000 bezoekers, grotendeels dankzij kleine dinofans die ouders en grootouders meesleuren. Boxtel mag om weinig meer bekend staan dan om het treinstation, Yvon Jaspers en een van de grootste slachthuizen van Nederland, het Oertijdmuseum is intussen een van de tien best bezochte musea van de provincie. Wat als museumbezoekers naar het dorpscentrum gelokt konden worden?

Dus er kwam een plan. Een ‘unieke samenwerking’, zo blikken alle betrokkenen nu terug, van gemeente en ondernemers tot de gepassioneerde dinoman Fraaije. Na het bezoek aan het Oertijdmuseum zouden kinderen te horen krijgen dat er zes dino’s zijn ontsnapt. Naar het winkelcentrum van Boxtel, op drie minuutjes rijden. Met een Pokémon Go-achtige augmented reality-app moesten ze daar op dinojacht. Ouders, zo was de hoop, zouden verleid worden voor een kopje koffie of een bezoek aan de plaatselijke kledingwinkel. Dus betaalden ondernemers, net zoals de gemeente, voor de app. In 2017 vond een spectaculaire lancering plaats: met rookmachines, robotdino’s, honderden kinderen en ambities voor landelijke televisie. Lukte het Boxtel om met virtuele dino’s het winkelcentrum te redden?

Het Oertijdmuseum in Boxtel Beeld Merlin Daleman
Het Oertijdmuseum in BoxtelBeeld Merlin Daleman

Diplodocusskelet

Het Brabantse dinoavontuur begint op het Isle of Wight. Het Britse dinomuseum daar lanceerde in 2013 een vergelijkbare speurapp. Fraaije raakt in 2016 geïnspireerd: met zo’n app zou hij op zijn museumterrein de 100.000 bezoekers per jaar kunnen halen. Dan genereert hij genoeg inkomsten om het museum ongesubsidieerd goed te kunnen laten draaien. Fraaije is sinds zijn elfde geobsedeerd door fossielen. In de jaren zeventig stelde hij zijn vondsten als geologie­student tentoon in een Brabantse schuur. Eigenhandig bouwde hij die passie uit tot een goedlopend bedrijf. Boven in zijn huidige museum laat hij zien hoe vrijwilligers en ‘dinobouwers’ met professionele apparatuur een Diplodocusskelet reconstrueren. “Ook het wetenschappelijke onderdeel kunnen we dan helemaal bekostigen.”

Net wanneer Fraaije de app wil laten bouwen, krijgt de kersverse ‘centrummanager’ Berry Dankers het idee dat het dinomuseum de redding van Boxtel kan zijn. Dankers – die vertelt dat hij ooit Prins Carnaval was en ‘weet hoe de hazen lopen’ in het dorp – moest in 2016 als ‘oliemannetje’ een brug slaan tussen het logge gemeentebestuur en ondernemers. En ook: iets bedenken tegen de verdorring van het winkelcentrum.

Na een telefoontje komen hij en Fraaije bij elkaar, met een paar ambitieuze ondernemers en de wethouder van economische zaken. Fraaije vertelt over de geplande app. “Eén plus één was twee”, zegt Dankers. Die app zou er komen, met 25.000 euro gemeentesubsidie en 25.000 euro van ondernemers en het museum. Kinderen zouden alleen geen virtuele dino’s gaan vangen in het dinobos, maar tussen de lokale winkels en cafés. Museumdirecteur Fraaije is wetenschapper, zag Dankers, geen horecaman. “Die gaat geen friet bakken voor zijn bezoekers. Maar Boxtel barst van de potentie voor die toeristen.”

Een verlaten winkelstraat in Boxtel. Beeld Merlin Daleman
Een verlaten winkelstraat in Boxtel.Beeld Merlin Daleman

Groen hart

De gemeente is huiveriger om van Boxtel het Jurrasic Park van Nederland te maken. Ze zijn ‘wel enthousiast’, zegt Dankers. Maar de stap om Boxtel écht als ‘dinotown’ te profileren, ‘om het plan te omarmen’, dat wil de gemeente in 2017 niet, erkent wethouder van economische zaken Eric van den Broek. Volgens hem heeft Boxtel meer te bieden dan dino’s. Het dorp wil zich met natuurgebied Het Groene Woud bijvoorbeeld al langer profileren als ‘groen hart’ tussen grote Brabantse steden. En het probeert al jaren nieuw leven te blazen in een vervallen ecologische instelling.

Dankers is kritisch. “Veel gemeentes willen zich als groen of duurzaam profileren. Daar gaat Boxtel niet mee opvallen. Ons natuurgebied kan nooit op tegen de Veluwe of Biesbosch.”

Plannen om een dino van veertig meter lang naar Brabant te halen, gaan niet door. Er wordt nee gezegd tegen dinobankjes van vierhonderd euro per stuk. “Er was geen commitment”, zeggen Dankers en Fraaije. Wethouder Van den Broek zegt niet voldoende draagvlak gevoeld te hebben onder burgers en ondernemers om het roer om te gooien. “Wij moeten de hele gemeente dienen, niet alleen het dinomuseum.” Waar hij op doelt, is dat het Fraaije zelf óók goed zou uitkomen als Boxtel een uithangbord voor zijn museum wordt.

Talk of the town

Maar draagvlak blijkt er wel degelijk te zijn. Ruim zeventig Boxtelse ondernemers trekken in het voorjaar van 2017 naar het museum om kunststof dino’s te lenen. In de Hema van het dorp verrijst een Brachiosaurus (een langnek) met een jas aan. Aan de gevel van de kapperszaak wordt een vliegende Pterosaurus gemonteerd. In etalages van kleding- en brillenzaken verschijnen dino’s. Fraaije koopt voor twaalfduizend euro de iconische rotondedino voor het dorp. Kort voor de lancering van de app zijn de plots opduikende dino’s talk of the town in het Brabantse dorp. De ­lokale krant Brabants Centrum schrijft er wekelijks over. Ook de gemeente draait bij na de lancering van de app, hopen Fraaije en Dankers. Dan zien ze dat Boxtel de dino’s wél als uithangbord wil.

Zo’n tweehonderd Brabantse basisschoolkinderen kijken met grote ogen naar een show van twee mannen in robotdino-pakken. Het is juni 2017, het crescendo­moment waarop de app gelanceerd wordt. De NOS en het Jeugdjournaal zijn niet gekomen, maar Boxtelse gezinnen trekken enthousiast naar het centrum. Scannen ze de borden daar, dan zien ze door hun camera geanimeerde vliegdino’s boven de Sint-Petrusbasiliek. Als alle dino’s zijn ­gevangen, krijgen kinderen een gratis ijsje in de snackbar, ouders een kop koffie in café het Hart van Boxtel. Normaal struinen alleen met carnaval zoveel kinderen en ouders door het centrum, ziet een verheugde Fraaije. Tegelijkertijd weet hij: dit is niet de doelgroep. In de weken na de lancering moeten buitenstaanders naar het centrum gelokt worden.

Lukt dat? In de zomer van 2017 gaat zo nu en dan nog wel een Randstadgezin op ­dinojacht in Boxtel. Hart van Boxtel-eigenaar William van Dinther ziet wel degelijk gezinnen op zijn terras neerstrijken voor Oertijdkorting. In het eerste jaar ontvangt hij zelfs een ‘paar duizend man’ via de app.

Maar het doel van driehonderd toeristen per week wordt bij lange na niet gehaald. De app wordt inmiddels niet meer gebruikt, zegt de kroegbaas. Het bloedde dood. Er was geen langetermijnplan om toeristen te blijven trekken. De foldertjes in het museum raakten op. Updates bleven uit. Dus stopte kroegbaas Van Dinther met de dinokorting. De leidinggevende in de Hema zegt verbitterd dat ze meerdere dino’s in de winkel gehad heeft, maar dat het hele project ‘geen klanten trok.’ In snackbar Strik kwam de afgelopen twee jaar niemand een ijsje claimen. Winkeliers brachten hun ­dino’s eind 2017 terug naar het museum, omdat ze te veel plek innamen.

Fraaije zag het project ‘uit zijn handen glippen’. Ondernemers hadden misschien méér kunnen inspelen op de app, denkt hij: mammoetburgers bij de friettent, dinopy­jama’s, een glas dinobloed of een dino-ijsje. Maar hij snapt ook dat winkeliers genoeg aan hun hoofd hebben. Bij de gemeente ging alles intussen zo traag dat er in drie jaar tijd geen wegwijsbordje richting het centrum kwam bij het museum, zegt oud-centrummanager Dankers. “Terwijl ik er wekelijks om vroeg.” Fraaije wacht nu al anderhalf jaar op de vergunning voor twee Europasaurussen die hij op een andere rotonde wil plaatsen. Wethouder Van den Broek geeft toe dat ‘de ambtelijke radertjes soms te langzaam draaien’.

null Beeld Merlin Daleman
Beeld Merlin Daleman

Compact centrum

Het plan om toeristen met een dino ­hunter-app naar het centrum van het provinciale dorp te lokken, is mislukt. Zonde, zegt Gertjan Slob van onderzoeksbureau Locatus. “Het is slim als dorpen en steden zich profileren met iets eigens.” Wel vindt hij het te optimistisch om een app als redding te zien. “De realiteit is dat veel winkelleegstand niet te voorkomen is. Kleine kledingwinkels zijn nu eenmaal niet zo interessant voor de nieuwe generatie, en worden dat ook niet.” Locatus raadt gemeentes aan om hun dorpskernen compact te maken, en lege panden daarbuiten een andere maatschappelijke bestemming te geven. “Tandartsen, fysiotherapeuten, bibliotheken. Of woonruimtes.” Ook Boxtel werkt aan zo’n compact centrum en het herbestemmen van lege winkelpanden.

Dankers denkt achteraf dat hij misschien ‘te naïef’ was met zijn hoop voor dinodorp Boxtel, maar Fraaije is nog steeds optimistisch. Buiten op zijn terrein wijst hij naar de enthousiaste basisschoolkinderen en erachteraan sjokkende ouders tussen de kunststof vleeseters. “Als de gemeente doorpakt, kan het nog steeds.”

Na het terugblikgesprek met Trouw ziet wethouder Van den Broek ‘nieuwe kansen’. Hij wil vaart zetten achter de vergunning voor de nieuwe rotondedino’s en gaat opnieuw met Fraaije in gesprek over de kunststof dino. “Op de markt wordt lastig, maar misschien past-ie in de tuin naast het gemeentehuis.” Tegelijkertijd is de strijd om het dinocentrum van Nederland te worden nu nog moeilijker. Het in 2016 geopende Dinoland in Zwolle trok in het openingsjaar al meer bezoekers dan de concurrent in Boxtel, en heeft zelfs plannen om een hostel te openen.

Ondertussen blijft de aantrekkingskracht van Boxtel beperkt. Rond lunchtijd is de Bredase Peter Lanting (39) niet van plan met zijn vierjarige zoon naar het centrum te gaan, zegt hij na een bezoek aan het dinomuseum. “Wat moet ik er doen? Ik weet niet eens of er een ­pannekoekenhuis is.” Ook Cas van Gaffen (61) vertrekt met zijn kleinkinderen naar zijn dochter in Gemert, drie kwartier verderop, voor een kop koffie. “Boxtel kan best keimooi zijn, maar ik ben er nog nooit geweest.”

Lees ook:

Er is een grote leegstandsgolf op komst

Het valt nu nog mee, maar grote winkelleegstand is op komst, voorspelt Locatus. Eind volgend jaar verwacht de marktonderzoeker de laagste door hen gemeten winkelbezetting aller tijden – lager dus dan tijdens de kredietcrisis.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden