InterviewMarrit Steenbergen

Zwemtalent Marrit Steenbergen zoekt de weg terug

Marrit Steenbergen na training met Marcel Wouda. Beeld Merlin Daleman

 De nationale zwemtop kan zich eindelijk weer internationaal meten. Marrit Steenbergen is er niet bij. De sensatie van 2015 is al jaren op zoek naar haar oude niveau. ‘Het gaat wel goed nu, zeker als je ziet waar ik vandaan kom.’

Twintig is ze pas, toch werkt Marrit Steenbergen al jaren aan haar rentree. Sinds 2017 heeft het grootste zwemtalent van Nederland geen internationaal toernooi meer gezwommen. “Soms vergeet ik zelf ook dat ik nog niet zo oud ben. Normaal gesproken zou mijn carrière op deze leeftijd pas beginnen.”

Met de haren nog nat van de ochtendtraining, samengebald in een knot op haar hoofd, stapt ze het kantoortje in het Pieter van den Hoogenband Zwemstadion binnen. De stoere tatoeage op haar linkeronderarm valt meteen op, net als haar timide oogopslag - een intrigerende combinatie. De vijf olympische ringen in inkt herinneren aan een tijd waarin zij als tiener de sportwereld verbaasde.

Vijftien jaar was ze, toen ze in 2015 Europees jeugdkampioen 100 meter vrije slag werd in een sensationele tijd van 53,9 seconden. Datzelfde jaar nog werd ze naar de senioren doorgeschoven en won ze op de WK zilver met het estafetteteam. Op de Spelen van Rio mocht ze in 2016 samen met Ranomi Kromowidjojo, Femke Heemskerk en Inge Dekker de olympische finale zwemmen.

In het zweet

Terwijl een aantal van deze oudgedienden nu weg is voor de International Swimming League trekt Steenbergen haar baantjes in de anonimiteit van het trainingsbad in Eindhoven. Zij illustreert dat overwinningen niet alleen in wedstrijden geboekt worden. Al drie jaar lang werkt ze zich in het zweet, dag-in-dag-uit, in de hoop ooit haar oude niveau weer te benaderen. “Tijdens trainingswedstrijden zwem ik meestal in de 55. Maar laatst nog klokte ik 54,9 en ik heb ook al een keer 54,6 neergezet. Dat zijn best wel prima tijden, zeker als je ziet waar ik vandaan kom.”

Eind 2017 was Steenbergen op. Haar beide schouders waren overbelast en het moordende tempo van haar carrière eiste zijn tol. “Ik ging altijd maar door. Van wedstrijd naar wedstrijd en als anderen na een toernooi vakantie hadden, moest ik weer naar school. Ken je dat gevoel dat je ergens bent en eigenlijk alleen maar kunt denken: was ik maar thuis? Ik trok het fysiek en mentaal niet meer.”

Een zware periode volgde, getekend door twijfels. “Of ik door wilde met zwemmen wist ik niet. Ik heb zelfs een baantje in de bediening van een restaurant genomen, om te kijken of dat het dan was. Nog steeds heb ik het soms best wel moeilijk. Ik ben heel veel vertrouwen kwijtgeraakt.”

Valkuil

“Waar het is mis gegaan, weet ik niet. Van de sportpsycholoog moet ik het eerder aangeven als het zwaar wordt. Ik kan dingen inderdaad heel goed voor mezelf houden. Maar die valkuil ken ik nu. Ook weet ik dat ik moet oppassen als ik snel emotioneel word. Vermoeid is iedereen bij ons, dat is normaal. Maar als ik echt op de grens zit, kan zich dat bij mij in tranen uiten.”

Beeld Merlin Daleman

Wie het verhaal van Steenbergen hoort, ziet in gedachten een meisje dat razendsnel volwassen moest worden en gaandeweg haar onbevangenheid verloor. In 2017 verliet ze haar ouderlijk huis om naar Eindhoven te verhuizen. Daar viel het op zichzelf wonen haar zwaar, moest ze wennen aan een nieuwe trainingsgroep en worstelde ze met haar eindexamen vwo. “Toen ik 53,9 zwom, woonde ik nog thuis. Toen was het allemaal stabiel. Dan is het makkelijker om hard te zwemmen dan wanneer alles los aan elkaar hangt.”

Moeilijke of betere dagen; de liefde voor de sport bleef onveranderd. “Ik vind zwemmen gewoon heel erg lekker.” Dat is een belangrijke drijfveer voor de pupil van Marcel Wouda, net als het gevoel dat er nog meer in moet zitten. Sinds krap een jaar kan ze weer maximaal trainen. Alleen bij enkele krachtoefeningen moet ze nog rekening houden met de belastbaarheid van haar schouders. Ze ‘werkt toe’ naar de Open Nederlandse Kampioenschappen in december, waar tickets voor de Olympische Spelen te verdienen zijn.

Een doel wil ze dat niet noemen. “Voor mij is het belangrijk om in het hier en nu te blijven. Tuurlijk wil ik me plaatsen voor Tokio, maar ik weet van mezelf dat als ik daar teveel mee bezig ben ik me juist niet ga plaatsen.” Ze is even stil en vervolgt dan verlegen lachend: “Misschien hebben mensen mij al afgeschreven, maar ik geef niet snel op. Ik ben pas twintig hè.”

International Swimming League

Voor het eerst sinds maanden is er weer een wedstrijd waar de internationale zwemtop elkaar kan treffen. Vrijdag start in Boedapest de tweede editie van de International Swimming League, een lucratief toernooi waar vooral financiële belangen op het spel staan maar dat door corona ook sportief interessanter is geworden. Zoveel meetmomenten zijn er immers niet.

Onder anderen de Nederlanders Ranomi Kromowidjojo, Kira Toussaint en Femke Heemskerk sluiten zich zes weken op in een ‘zwembubbel’ in de Hongaarse hoofdstad. Al is de deelname van Heemskerk nog onzeker, omdat zij positief bleek bij de verplichte coronatest vooraf. In mixed teams nemen de zwemmers het tegen elkaar op, zonder de aanwezigheid van publiek.

“Onze topzwemmers snakken – op weg naar de Olympische Spelen van Tokio – naar wedstrijden op het hoogste niveau”, verklaart André Cats, technisch directeur van de KNZB. “De ISL is voor Ranomi, Kira en hopelijk ook Femke een mooie gelegenheid om zich eindelijk weer te meten met de wereldtop.”

 Lees ook:

Marrit Steenbergen is een zwemfenomeen in de dop: 

Vijftienjarige wint zilver met estafettevrouwen op WK.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden