Interview WK Roeien

Zijn terugkeer in de eenmansboot pakt goed uit voor Stef Broenink

Stef Broenink in de skiff: ‘Ik heb niet de indruk dat ik nu de enige skiffeur in Nederland ben die dit zou kunnen’. Beeld Merijn Soeters

Als derde Nederlandse skiffeur deze eeuw vaart Stef Broenink zondag in de WK-finale. Een olympisch ticket is binnen, al ziet hij zichzelf ook wel in een andere boot zitten. 

Het veroveren van een zilveren EK-medaille, eerder deze zomer in Luzern, en het bereiken van de WK-finale, gisteren in Linz-Ottensheim, zijn voor een Nederlandse skiffeur geen alledaagse prestaties. Stef Broenink is de man die de afgelopen maanden de eenmansboot weer op kaart heeft gezet. Ook een beetje tot zijn eigen verbazing, want de 28-jarige Leidenaar zat begin dit jaar nog in de dubbelvier.

De klap kwam hard aan bij Broenink toen hij zijn plaats kwijtraakte in de boot die door de roeibond is aangewezen als prioriteitsboot voor de Olympische Spelen van volgend jaar in Tokio. Het gevoel niet goed genoeg te zijn, knaagde aan de topsporter in hem. Na overleg met bondscoach Eelco Meenhorst keerde Broenink terug in de skiff, waarin hij naar eigen zeggen op een zijspoor was geraakt.

Toch pakte zijn rentree in de eenmansboot goed uit. De zilveren plak op de EK in Luzern typeerde hij als ‘surrealistisch’. Na de finish op de Rotsee vroeg hij aan de bemanning van de reddingsboot of hij echt als tweede de finish was gepasseerd. Gisteren liet hij op het water van de zijarm van de Donau zien dat het succes geen incident was. Als derde Nederlandse skiffeur deze eeuw wist hij de WK-finale te halen.

Unieke situatie

“Misschien ligt de kracht van de Nederlanders in het ploegroeien”, zegt Broenink, die geen sluitende verklaring weet voor het lange uitblijven van Nederlands succes in de skiff. “Ik heb ook niet de indruk dat ik nu de enige skiffeur in Nederland ben die dit zou kunnen. Als je Koen (Metsemakers, red.) of Tone (Wieten, red.) uit de dubbelvier pakt kunnen zij het ook. Dat is wel een unieke situatie.”

In een interview met Trouw in 2015 zei Jan Wienese dat de skiff in Nederland in een verdomhoekje zat. De winnaar van olympisch goud op de Spelen van 1968 in Mexico vond dat de roeibond zich te veel richtte op de grote boten en dat er te weinig aandacht was voor de skiff, toch het koningsnummer van de roeisport. ‘Skiff is het enige roeien’, zei Wienese destijds.

“Het is wel de meest extreme vorm van roeien”, reageert Broenink op de ‘wijsheid’ van Wienese. “Je zit open en bloot in de boot en bent helemaal op jezelf aanwezen. Maar in de skiff heb je ook het voordeel dat je altijd gelijk met jezelf zit. Je hoeft met niemand te communiceren. Als ik besluit dat ik op de duizend meter sneller ga roeien, dan doe ik dat.”

Vrijuit racen

Zijn twee voorgangers deze eeuw in een WK-finale, Roel Braas in 2013 en Dirk Lippits in 2002, eindigden als vijfde. Wienese is de laatste medaillewinnaar op een mondiale titelstrijd. In 1966, twee jaar voor zijn olympische succes in Mexico, veroverde hij zilver in Bled. Broenink ziet wel wat er morgen inzit. Hij hoopt in ieder geval vrijuit te kunnen racen, met minder spanning dan gisteren.

Met het bereiken van de finale sleepte Broenink een olympisch startbewijs voor de skiff binnen. Het is de vraag of hij als skiffeur naar Tokio gaat. Hij is een van de acht scullers (roeiers met twee riemen) in de selectie van de bondscoach. Zij vormen de bemanning van de dubbelvier, de dubbeltwee en de skiff. Met het oog op Tokio staat de definitieve samenstelling van de drie boten nog niet vast.

Onderlinge concurrentie

De onderlinge concurrentie houdt de roeiers scherp en volgens Broenink word je als roeier sterker als je onder druk staat. “Je wilt zo goed mogelijk zijn in die groep”, zegt hij. “Die acht roeiers zijn het referentiekader. Je traint elke dag met elkaar en racet afstandjes met elkaar. Er is een soort interne ranking en daarin wil iedereen zo hoog mogelijk staan.”

De invulling van de dubbelvier, in Oostenrijk favoriet voor de wereldtitel, lijkt vast te staan. Maar Broenink ziet zichzelf met Melvin Twellaar als een serieuze optie voor in de dubbeltwee, die met Amos Keijser en Niki van Sprang aan boord gisteren de finale niet haalde. “Als ik kijk naar de ontwikkeling van Melvin en hoe snel we gaan, zie ik mij wel als ploeggenoot in die boot. Maar ik sta er open in, de dubbeltwee of de skiff. Het is lood om oud ijzer. En uiteindelijk beslist de bondscoach.”

Lees ook:

De bondscoaches van de roeiers maken een flinke puzzel voor de WK: ‘Op ieder stoeltje zit iemand’

Op de WK roeien, die zondag in Linz beginnen, gaat het niet alleen om goud, zilver en brons. Er zijn ook startbewijzen te verdienen voor de Olympische Spelen van Tokio.

Hoe vind je motivatie voor de Olympische Spelen? 

Acht maanden niet roeien deed Inge Janssen goed. Ze trainde wel veel, maar dan vooral op de fiets. Na een jaar vrijheid stapt ze weer in de dubbelvier, op weg naar een medaille bij de Spelen van 2020 in Tokio.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden