AnalyseOlympische prestaties

Wéér een domper: het zijn nog niet de Spelen van TeamNL

Mathieu van der Poel na zijn val op de ‘Sakura Drop’ in het olympisch mountainbikeparcours in Izu. Beeld Reuters
Mathieu van der Poel na zijn val op de ‘Sakura Drop’ in het olympisch mountainbikeparcours in Izu.Beeld Reuters

Een gebrek aan communicatie en knullige misperen kostten de Nederlandse ploeg in Tokio al diverse ‘zekere’ medailles. Besmettingen bevorderen de sfeer ook niet.

Daar lag hij te kermen in het Japanse gras, met gehavende knieën, met pijn aan zijn heup en aan zijn schouders. Daar lag ook een olympische illusie. In de voorlaatste ronde van de mountainbikewedstrijd op de Spelen had Mathieu van der Poel zijn fiets de materiaalpost ingestuurd. Dit was het dan. In plaats van een huldiging op het podium, waar vooraf bijna iedereen op had gerekend, moest Van der Poel naar het ziekenhuis. Daar bleek dat hij niets had gebroken.

Zijn val was wel een nieuwe domper voor de Nederlandse afvaardiging in Tokio. Net als zondag in de wegwedstrijd voor de wielrensters was het met Van der Poel misgegaan op een knullige manier; niet een kwestie van botte pech. In de eerste omloop wilde hij zijn fiets na een stenige afdaling over een houten plankje naar beneden laten rollen. Dat plankje had er tijdens de verkenning immers ook gelegen. Van der Poel was in zijn team vooraf gewaarschuwd dat de plank er in de wedstrijd niet zou liggen. Toch besloot hij niet te ‘springen’. Hij duikelde voorover. Met pijn in zijn lijf reed hij nog wel door, maar de favorieten waren gevlogen. Weg kans op goud, weg droom.

Geen zaak van kansberekening en logica

De nieuwe sof voor TeamNL bewees nog eens dat olympische medailles veroveren geen zaak van kansberekening en logica is. Met statistieken en econometrische modellen werd in de aanloop naar deze Spelen voor Nederland een historische recordoogst voorspeld. Op basis van alle uitslagen van de laatste jaren concludeerden de voorspellers dat Nederland zesde of hoger zou eindigen in het medailleklassement.

Maar olympische roem vergaren is geen kwestie van statistiek. Op het juiste moment moet onder hoogspanning alles kloppen, ook voor de sporters die eigenlijk de sterkste zijn, of zich de sterkste wanen. Bij de wielrensters klopte er zondag heel veel niet. Miscommunicatie, tactisch geblunder, een gemis aan heldere afspraken vooraf én een gebrek aan opofferingsgezindheid binnen het team leidden ertoe dat de Nederlandse vrouwen die het wielrennen al jaren domineren zich lieten aftroeven door een Oostenrijkse amateur.

Lag het bij Van der Poel ook aan communicatie? Zelf liet hij via Twitter weten dat hij niet wist dat het plankje er niet meer lag. Teamgenoot Milan Vader en bondscoach Gerben de Knegt beweerden wat anders. Eerder was er knullig gestuntel op het hockeyveld. In de eerste wedstrijd tegen België had bondscoach Max Caldas per ongeluk twaalf spelers (één teveel) het veld ingestuurd; voor straf moest een speler vijf minuten aan de kant zitten. België won. Turnster Sanne Wevers moest zondag van de pers in de catacomben horen dat ze zich niet had geplaatst voor de balk-finale. Blijkbaar had niemand zich om haar bekommerd. Ook gezien haar felle reactie na afloop mag dit typerend zijn voor de gespannen sfeer bij de turnsters, als gevolg van alle schandalen en de verbanning van haar omstreden vader Vincent.

Veel potentiële gouddelvers moeten nog in actie komen

Ook de coronabesmettingen houden een deel van de ploeg in haar greep. Drie sporters moesten in quarantaine, waardoor onder meer maandag het gemengd dubbel in het tennis moest worden geschrapt. Niemand weet of de strenge regels toch niet helemaal zijn nageleefd. Feit is dat de omvangrijke roeiploeg na drie positieve tests in volledige afzondering het toernooi moet vervolgen. Chef de mission Pieter van den Hoogenband zei vorige week nog dat het er op deze Spelen om draait wie het beste met de moeilijkste omstandigheden kan omgaan. Vanaf dinsdag zal blijken of de roeiers dat lukt. Dan begint hun jacht op medailles.

Wat óók niet meezat: drie vierde plaatsen, in het wegwielrennen, het judo en – maandag – handboogschieten. Sportkoepel NOC-NSF heeft al jaren de ambitie om bij de toptien van de wereld te horen; daarvoor tellen alleen medailles mee. De vierde plaatsen geven aan hoe dun de scheidslijn is.

Bij vorige succesvolle Spelen, met uitschieters in Sydney 2000 en Londen 2012, vertelden de atleten vaak dat ze in de euforie elkaar inspireerden. Die stemming hangt er nu bepaald niet. Nóg niet. Want enige relativering is op zijn plaats. De Spelen zijn amper vier dagen oud. In het zwembad zorgde Arno Kamminga voor een uitzonderlijke prestatie met zijn zilver op de schoolslag. Eerder zorgde het handboogduo Schloesser-Wijler voor een lichtpuntje. Bovendien, veel potentiële gouddelvers, bijvoorbeeld de baanwielrenners, moeten nog in actie komen. En ondertussen lijken de zeilers en surfer Kiran Badloe – ondanks diskwalificatie maandag – de juiste wind richting eremetaal te hebben gevonden. Elke Spelen leveren sowieso onverwachte medailles op. Het zal in Tokio niet anders zijn.

Lees ook:

Van Vleuten is eventjes olympisch kampioen – in haar hoofd. Wat ging er mis?

Een opeenvolging van blunders kostte het topfavoriete Nederland zondagmiddag olympisch goud. Annemiek van Vleuten won slechts zilver na een uiterst chaotische race.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden