Beeld Trouw

Column Marijn de Vries

Waarom ik aan een vliegenmepper moest denken toen ik de crash van Formule-2-coureur Hubert zag

Ik kan me niet anders herinneren dan dat ik, zonder erbij na te denken, vliegen en spinnen doodmaakte. Ongedierte. Mep. Plat. Weg. Maar naarmate ik ouder word, krijg ik daar steeds meer moeite mee. Hoe kom ik toch zo veel weekhartiger, vraag ik mezelf af, als ik zelfs bij een mug of een wesp aarzel. Intussen loopt mijn dochter van bijna 2 rond met de vliegenmepper, en schalt het vrolijk ‘Mamma! Vlieg doodmaken!’ door het huis.

Misschien, dacht ik dit weekend toen ik haar bij onze auto zag staan, zo klein naast dat gevaarlijke stuk blik, realiseer ik me steeds meer hoe kwetsbaar het leven is. Want ook een wesp is leven. Of een mier. Het gaat zo makkelijk kapot. Met een goed gemikte tik. Met de punt van je schoen. Met het duwen van je duim.

De slip. De muur.

Ik moest denken aan de vliegenmepper toen ik de crash van Formule-2-coureur Anthoine Hubert zag. De slip. De muur. De auto van Juan Manuel Correa de mepper. Anthoine Hubert de vlieg. Het ging zo snel. De auto spatte uit elkaar, een fontein van losse delen. Niets bleef er over. Niets dan brokstukken, waarvan je wist dat er ergens nog een mens tussen moest zitten. Zo moeiteloos kapot. Zo makkelijk overleden.

De crash van de Belgische wielrenner Bjorg Lambrecht, die een maand geleden in de Ronde van Polen verongelukte, heb ik niet gezien. Eerlijk gezegd weet ik niet eens of het ergens te zien is geweest, en ik hoef het niet te weten ook. Sommige mensen hebben de behoefte zulke beelden juist te bekijken, om dingen te ordenen, de waarheid een plek te geven, wellicht. Ik vermijd het liever. Weten hoe het afliep, is genoeg. Nee, dat is niet waar: liefst zou ik zulke dingen niet eens weten.

Toevallig gefilmd

Om de beelden van de jonge Franse Formule-2-coureur kon ik niet heen. Ik had ze voor mijn neus, via het schermpje van mijn telefoon, voor ik het wist. Toevallig gefilmd door een toeschouwer langs de baan. Zo zie je pas goed hoe snel het ging. Gras, asfalt, de muur en bomen. Passerende racewagens. Een auto in de slip tegen de muur, een tweede vloog er als een stofwolk in.

Van de kwetsbaarheid van kinderen zijn we ons dagelijks erg bewust. Van de kwetsbaarheid van autocoureurs of wielrenners niet. We willen er niet over nadenken. Ik tenminste niet. Want wat voor mens ben je als je geniet van een sport die ook zo makkelijk vernietigt? De dood komt in vele gedaantes, zeggen ze, en dat klopt. Maar in maar weinig gedaantes zoeken we hem als mens bewust een beetje op.

Als we dat doen, omhullen we ons met cijfers. Feiten. Door de jaren heen werd autoracen steeds veiliger. Zo vaak komt een dodelijk ongeval niet meer voor. Kijk: het zijn er maar zus op zoveel. Stiekem weten we heus wel: elke dode is er een te veel.

Het noodlot tarten

Ze tarten het noodlot, de coureurs, maar kijk ze stralen, blaken van gezondheid. Een toonbeeld van kracht en levenslust. Ze zijn onsterfelijk. Tot ze het niet meer zijn. Voor altijd 22. Allebei. De dood kwam als een vliegenmepper. Achteloos en razendsnel. Waarom zou ik een vlieg met één beweging pletten, en tegelijkertijd hopen dat het een sportman niet gebeurt?

Journalist en voormalig profwielrenner Marijn de Vries fietst u elke maandag door het sportweekend. Lees hier eerdere columns terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden