Interview Anneke van Zanen-Nieberg

Voorzitter van de nationale sportkoepel is er voor meer dan topsport alleen

Voorzitter van het NOC-NSF Anneke van Zanen-Nieberg: ‘We moeten helderheid geven in wat de georganiseerde sport voor iedereen te bieden heeft.’ Beeld Koen Verheijden

Als nieuwe voorzitter van NOC-NSF wil Anneke van Zanen-Nieberg zichtbaar zijn voor alle sportende Nederlanders. ‘Iedereen moet elke dag kunnen sporten.’ 

In haar eerste dagen als voorzitter van NOC-NSF heeft Anneke van Zanen-Nieberg niet bepaald stilgezeten. Vanaf de dag dat ze in mei werd benoemd tot ‘frontvrouw’ van de nationale sportkoepel sprak ze met zo’n 350 mensen. Niet alleen afkomstig uit de sport, maar bijvoorbeeld ook uit de politiek of de gezondheidszorg. En met mensen voor wie topsport een aantal bruggen te ver is.

Het NOC-NSF heeft volgens haar recht op een voorzitter die zich breed laat informeren. In een informele bijeenkomst met een handjevol journalisten zei Van Zanen-Nieberg (55) dat ze het oranje van Team NL schitterend vindt, maar dat ze zichtbaar wil zijn voor alle sportende Nederlanders. Een van haar ambities is dat iedereen in ons land dagelijks aan sport moet kunnen doen.

Onbetaald

Van Zanen-Nieberg, afkomstig uit de handbalwereld - ze is nog coach van de vrouwen van Hellas - en van 2010 tot 2016 al eens penningmeester van NOC-NSF, verruilde haar baan bij accountantskantoor Baker Tilly voor het onbetaalde voorzitterschap van de sportkoepel. Ze omschrijft zichzelf als ‘heel open’, wil naar alle partijen zichtbaar zijn en zegt ‘graag te leven in de balans van een driehoek’. Maandagavond leidde zij voor het eerst de Algemene Vergadering op Papendal.

In haar speurtocht naar informatie ontdekte Van Zanen-Nieberg dat de driehoek topsport-sportparticipatie-internationaal besturen binnen NOC-NSF niet in balans is. Over poot één, de topsport, valt er weinig te klagen. Wie ze ook sprak, Nederland werd geroemd om het prestatieniveau. Vaak klonk er jaloezie door in de loftuitingen die er in het kort op neer kwamen: waar een klein land groot in kan zijn.

Flexibele sporter

Minder zichtbaar is NOC-NSF in de sportparticipatie. Om alle Nederlandse elke dag te kunnen laten sporten, wil ze met alle bonden doelstellingen formuleren. Bonden zouden bijvoorbeeld ook de flexibele sporter binnen moeten halen. “We moeten helderheid geven in wat de georganiseerde sport voor iedereen te bieden heeft.”

Het liefst ziet Van Zanen-Nieberg dat iedereen onder de vlag van een bond gaat sporten. Daar is volgens haar altijd een veilige omgeving en daar is ook de kennis aanwezig. Wel erkent ze dat er bij verenigingen en bonden een probleem is aan bestuurlijke kant. Mede door precaire onderwerpen als privacy en seksueel grensoverschrijdend gedrag worden de verantwoordelijkheden van bestuursleden uitgebouwd. En stappen ze minder snel in of haken ze eerder af.

Terwijl de sporters vaak op het erepodium staan, zijn de Nederlandse bestuurders op belangrijke internationale functies minder zichtbaar. Van Zanen-Nieberg vindt dat elke bond een man of vrouw moet opleiden voor een internationale functie. Een goed cv alleen is daarvoor niet voldoende. Natuurlijk moeten zij beschikken over kunde en kennis van de sport, maar ook over de diplomatieke vaardigheden om met het internationale krachtenveld om te kunnen gaan. “Je moet vrienden kennen.”

Hoogste olympische orgaan

Een van de aandachtspunten van Van Zanen-Nieberg is de terugkeer van een landgenoot in het Internationaal Olympisch Comité. Wellicht dat dat onderwerp ter sprake komt tijdens haar ontmoeting in december met IOC-baas Thomas Bach. Na het terugtreden van Camiel Eurlings in januari 2018 - hij kwam in opspraak na mishandeling van zijn vriendin - is Nederland niet vertegenwoordigd in het hoogste olympische orgaan.

Ze beseft dat er op dit moment weinig kandidaten zijn, bijvoorbeeld in de categorie voorzitters van internationale federaties. Als voorzitter van NOC-NSF zou Van Zanen-Nieberg zelf ook aanspraak kunnen maken op het IOC-lidmaatschap. Ze is echter vooralsnog niet van plan zich kandidaat te stellen. “Dat lijkt mij een bijna kansloze expeditie. Ik moet mij eerst hier maar vier jaar netjes gedragen en hopen dat ik dan word herkozen als voorzitter van NOC-NSF. Daarna zien we wel verder.”

Meldpunt veilige sport werkt goed

NOC-NSF directeur Gerard Dielessen zei gisteren dat veel sporters zich wenden tot het Centrum Veilige Sport Nederland. In juni van dit jaar werd een nieuw registratiesysteem geïntroduceerd en sindsdien kwamen er veertig meldingen per maand binnen. In zeventig procent van de gevallen gaat het om grensoverschrijdend gedrag, vooral seksueel van aard. Veel van de zaken betreffende seksuele intimidatie en misbruik in de sport zijn doorgezet naar het Instituut voor Sportrechtspraak, het OM of de politie. “We zijn steeds weer diep onder de indruk van wat slachtoffers hebben meegemaakt”, zei Dielessen. “Maar het goede nieuws is dat door de invoering van het registratiesysteem de drempel om zich te melden is verlaagd.”

Lees ook:
Komt er met een nieuwe voorzitter ook een nieuwe koers bij NOC-NSF?

Eind mei stopt André Bolhuis (72) als voorzitter van NOC-NSF. De voormalig hockeyer heeft de functie dan bijna twaalf jaar vervuld – de maximale termijn voor een voorzitter. Wie moet de nieuwe voorzitter worden bij sportkoepel NOC-NSF? En welke taak ligt er voor diegene?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden