InterviewPaul en Seve van Ass

Tijd voor bezinning in het hockey: ‘We moeten met de tijd mee en internationaal sexyer worden’

Seve (l) en Paul van Ass: ‘Willen we als hockeysport internationaal sexyer worden, dan moeten we elkaar ook internationaal kunnen ontmoeten.’Beeld Jerry Lampen

In een sportloze tijd is er ruimte voor bezinning. Hoe moet het verder met de sport? Deel 1 van een serie waarin sporters, coaches en experts aan het woord komen: Paul en Seve van Ass over het hockey.

Meimaand, finalemaand. Eigenlijk hadden Paul en Seve van Ass, vader en zoon en coach en speler van hockeyclub HGC, stoute plannen voor deze periode. Ze wilden voor het eerst sinds 1996 de landstitel ­behalen met HGC uit Wassenaar.

Niet dus. Hockeybond KNHB ­reageerde daadkrachtig na het nieuws dat er tot 1 september niet gesport kan worden vanwege het nieuwe coronavirus. Het besloot alle competities direct te beëindigen, waardoor er dit seizoen geen club tot kam­pioen is uitgeroepen.

Eigenlijk is het gekkenwerk

Tijd voor bezinning dus. Hoe moet het straks, als de coronacrisis voorbij is, verder met het hockey? Hoe kan de sport hervormd worden? En welke thema’s verdienen de aandacht van de hockeybond (244.000 leden)? Paul van Ass (59), oud-bondscoach van het Nederlands elftal, en Oranje-international Seve van Ass (28) buigen zich over actuele kwesties. Dat gebeurt via een driehoeksgesprek per telefoon.

Allereerst de Pro League, het nieuwe format van de internationale hockeybond FIH. De Pro League is een mondiale landencompetitie die de populariteit van de hockeysport wereldwijd moet vergroten. Is de prijs – veel vliegreizen, jetlags, tijdsverschillen en soms matige wedstrijden in sfeerloze decors – niet te hoog om de sport mondiaal te promoten? “Ik sta helemaal achter het doel, het wereldwijd neerzetten van het hockey”, begint Seve van Ass. “Maar zoals we nu met elkaar bezig zijn, is eigenlijk gekkenwerk. Dat besef was er al, en dat is alleen maar groter geworden door de gezondheidsproblemen die er nu zijn vanwege het coronavirus. Ik denk dat we moeten nadenken over een alternatief, want voor sportwedstrijden naar een ander land reizen? Ik vraag me af wanneer de grenzen weer opengaan en hoe dat precies zal gaan. Het zal er voor ons als sporters ook anders uit gaan zien.”

Paul van Ass is dat met zijn zoon eens. Al wil hij er graag iets aan toevoegen. “Onze relatief kleine hockeysport is alleen nog enigszins sexy omdat wij een olympische sport zijn”, stipt hij aan. “We moeten zorgen dat we die status behouden. Dat betekent dat we moeten schakelen naar de wensen van deze tijd. Die hebben te maken met entertainment en commercie. Vanuit dat idee is de Pro League ook ontstaan. De vraag is alleen of dit de juiste vorm is. Misschien niet. Het vele vliegen past, zeker gezien het milieuaspect, niet helemaal bij deze tijd.”

Hoewel de FIH al aangaf dat het huidige, tweede seizoen van de Pro League volgend jaar alsnog wordt afgemaakt, is het tijd voor hervormingen, vindt Van Ass senior. “We moeten veel meer clusteren”, meent de HGC-coach. “We hebben nu een oud businessmodel. We spelen op zondag competitie, omdat dat zo gezellig is op de club. Wij zijn het enige land dat er zo inzit. We moeten zeggen: willen we internationaal sexyer worden, dan moeten we elkaar ook internationaal kunnen ontmoeten en daar een heel spannende competitie neerleggen. En ja, dat zou mogelijk consequenties kunnen hebben voor de traditionele indeling van de competitie.” Van Ass denkt aan twee, drie blokken, waar diverse landen tegen elkaar spelen op één plek. Minder reizen, evenveel wedstrijden.

Van Ass junior, inhakend: “Als we als hockeysport met onze tijd mee willen gaan, dan moeten we interessanter worden. Als sport heb je een verdienmodel nodig. Dat is er onvoldoende. Het meest interessante is nu: hoe ga je de mensen thuis ervan overtuigen dat ze hun laptop open-klappen en een wedstrijd gaan kijken? Zo simpel is het. Je hoeft tegenwoordig niet meer via de traditionele tv-stations je sport te verkopen. Laat hockey maar de voorloper zijn van uitzenden op YouTube, zodat iedereen ter wereld mee kan kijken.”

Rotgevoel als topsporter

De Pro League zorgde er wel voor dat de verhoudingen op scherp werden gezet in de hockeywereld. Clubs beklaagden zich over de lange afwezigheid van hun internationals, die steeds vaker op pad waren met het nationale team. Terwijl de clubs hun salarissen betalen. “Soms heb je het gevoel dat je een keuze moet maken”, zegt Seve van Ass. “Als topsporter is dat een rotgevoel. Bij je club voel je dat er wordt gedacht: moet je nu alweer naar Oranje, het is competitietijd, je moet nu hier zijn om te presteren. En Oranje heeft zoiets van: we zijn aan het trainen richting de Olympische Spelen, die competitie is allemaal leuk en aardig, maar je zit bij Oranje en wij hebben een groter doel. En ja, beide is waar. Dat is lastig.”

Paul van Ass ziet veel internationals worstelen met die tweestrijd. Hij ging eerder het gesprek aan met de hockeybond, zegt hij. “In mijn beleving denkt de hockeybond verkeerd. Mijn voorstel was: voor het seizoen betaalt de club de international een bepaald salaris. Daarmee zeg je dat de speler in dienst is van de club. Daarna kun je diegene verhuren aan de bond, waarbij je – als je als club slim bent – de huursom weer doorschuift naar de international. Het grappige in die discussie is dat de KNHB vindt dat de internationals van hun zijn. Daar schrok ik wel van. Want de club, je werkgever, is echt de basis hoor.”

Play-offs op één centrale plek

Het is al jaren een doorn in het oog van veel hockeyliefhebbers: het tempo waarin de play-offs worden afgewerkt. “Dat zo’n mooi, hockey-eigen concept zo snel wordt afgeraffeld, is erg jammer”, vindt Seve van Ass. “Om op woensdag, zaterdag en mogelijk zondag play-offs te ­spelen is gewoon taai, waarbij er spelers sneuvelen vanwege blessures.”

Paul van Ass pleit voor een andere opzet, die rekening houdt met de fitheid en frisheid van de spelers. Hij wil clubs laten bieden om het landskampioenschap te mogen organiseren, waarbij de ­locatie elk jaar varieert.

“Daar zou je al je wedstrijden, inclusief de jeugdkampioenschappen, moeten afwerken. Met daarbij goede faciliteiten en een goede infrastructuur. Dat is ook toegankelijker voor de pers, want je hoeft maar één keer camera’s neer te zetten.”

Vanaf het moment dat Seve van Ass debuteerde voor Oranje, in 2010, is dit al een discussie. “Wat ik jammer zou vinden, is dat er nog langer geen beslissing wordt genomen. We horen het telkens aan, en dan komt er weer een nieuw bestuur bij de KNHB en nieuwe sportbestuurders bij de club, en die gaan dit weer opnieuw uitvechten. Op den duur worden er weer afspraken gemaakt waar beide partijen niet echt happy over zijn. Ik vind dat we daar nu echt iets structureels mee moeten.”

Een paar vraagstukken

Als het aan Van Ass junior ligt, liggen er een paar vraagstukken op tafel. “Wat doen we met de hoofdklasse? En wat doen we met het nationale team? Hoe gaan we onze doelen als hockeyend Nederland nastreven – en wat zijn überhaupt onze doelen? Aan de ene kant roepen we: we hebben de beste competitie ter wereld, en aan de andere kant willen we beste van de wereld worden op een WK of Olympische Spelen. Kennelijk wringt dat. We zijn al twintig jaar geen eerste geworden op een WK of Spelen.” Dat is enerzijds begrijpelijk, meent de stijlvolle middenvelder. “De bond is er voor zowel het nationale team als de competitie. Dat is meteen waarom er niet gekozen wordt. Wie gaat die keuze maken? En wie zou hem moeten maken?

Vader Paul van Ass weet het wel: “De hockeybond, de KNHB, is er voor ons, de hockeyers. De bond bepaalt niet het beleid, dat zijn de hockeyers zelf.

“De hoofdklasseclubs hebben zich verenigd in de HHcv (Hoofdklasse Hockey cv, red.), een orgaan dat veel te zwak bestuurd wordt, geen power heeft, waar gebrek aan kennis zit en waar bestuurders veel te vluchtig in en uit gaan. Daardoor kunnen ze geen vuist maken. Daar ligt ons eigen fundamentele probleem. Het is een amateurclubje dat aan de basis staat van deze problematiek.”

“Het gaat erom dat we keuzes durven maken”, besluit Seve van Ass. “Vanuit onze eigen kracht, ­doelen en visie. Nu is het moment om hierover na te denken.”

Lees ook: 

Seve van Ass, de hockeyer met het eerlijke hart

Oranje begint vandaag aan HWL-finale tegen Spanje. Met Seve van Ass als een van de leiders. ‘Ik merk dat anderen het prettig vinden als ik het voortouw neem.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden