EK sprint

Thomas Krol pakt zijn bonustoernooi mee

Thomas Krol, ook voor hemzelf onverwacht sprintkampioen. Beeld BSR Agency
Thomas Krol, ook voor hemzelf onverwacht sprintkampioen.Beeld BSR Agency

Thomas Krol noemt zich geen sprinter, vindt zich geen sprinter, maar is wel Europees kampioen sprint. ‘Dit is een mooie bonus.’

Thomas Krol kent zijn lijf heel goed, en weet even goed wat voor type schaatser hij echt niet is. “En dat klinkt gek om te zeggen als je net Europees kampioen sprint bent geworden, maar een sprinter, nee hoor, dat ben ik niet.”

Sterker nog, ooit was Krol (28) een allrounder. In zijn juniorentijd (2012) kwam hij de Noorse allroundspecialist Sverre Lunde Pedersen nog weleens tegen. Maar in de loop der jaren werd hij steeds meer een man voor de korte afstanden. Zondag veroverde hij de grootste sprintprijs in zijn carrière: de Europese titel, voor Hein Otterspeer en de Duitser Joël Dufter.

Maar noem Krol dus geen sprinter. Wat wel? Middenlangeafstandspecialist. Hij is gemaakt voor de 1000 en 1500 meter, zoals hij zelf zegt. Daar is hij kanshebber, eigenlijk al sinds hij vier jaar geleden zijn olympische startbewijs ‘doneerde’ aan de toen geblesseerde Kai Verbij. Hij was een labrador, zo zei hij, die vanaf toen veranderde in een roofdier. Het leidde tot een gros aan ereplaatsen, met een wereldtitel op de 1500 meter in Inzell in 2019 als voorlopig hoogtepunt.

Een solide basis op de 500 meter

En nu, begin 2021, is hij ook Europees kampioen sprint. Iets wat hij naar eigen zeggen nooit had verwacht, omdat in zijn ogen zijn 500 meter te matig is om mee te doen. Jarenlang vond hij zich bij races terug met een tijd boven de 35 seconden. Wie daar niet onder rijdt, doet sowieso niet mee op een sprinttoernooi. Maar toen hij bij het kwalificatietoernooi opeens 34,97 reed, stond hij opeens op EK-plaatsing, zeker na een razendsnelle 1000 meter. 

Zaterdag kwam er ineens een 34,90 bij. Dat gaf hem een solide basis voor het Europees toernooi. De snelheid komt dit seizoen makkelijk, zei hij. Hij prees zondag vooral de sprinttrein van zijn ploeg Jumbo-Visma, waarin dit seizoen naast Krol en Otterspeer ook Dai Dai Ntab en Kai Verbij zitten. Daardoor kan er veel op snelheid worden getraind.

Maar zijn echte klappers kwamen dit weekend op de 1000 meters, het terrein waar Nederlanders vaak op gedijen, ook in het verleden met bijvoorbeeld Erben Wennemars of Stefan Groothuis. Zeker in de eerste, zaterdag, schoot hij met 1.07,49 uit de slof. “Dat is op zo’n toernooi wel de belangrijkste afstand. Bijna niemand heeft een laatste ronde zoals ik in de benen op de 1000 meter.” Krol won de 1000 meters uiteindelijk allebei.

Op eigen kracht naar de titel

Krol werd zo de laatste Nederlands kampioen van het weekend, want uiteindelijk wonnen vier Nederlanders de Europese titel. Zeker een gevolg van het feit dat in Nederland gewoon door kon worden gereden, aldus Krol. “Ik weet zeker dat de buitenlanders hebben gedacht; o, een bubbel, dan gaan we eens trainen.”

Het deed aan zijn prestatie dit weekend niets af, net als de val van Kai Verbij hem uiteindelijk ook niet beïnvloedde. Krol reed op eigen kracht naar een titel, en zelfs een val van de Duitser Nico Ihle (‘dat was schrikken’) en een braam op zijn schaats – een klein uitstekend stukje metaal – hadden daar geen invloed op. “Ik hoorde opeens een sisgeluid, en dan weet je als schaatser dat het niet goed is. Toen ben ik gelijk 10 procent minder gegaan, om geen risico meer te nemen.”

Een overstap naar de sprint zit er vooralsnog niet in, en ook een sprintvierkamp is vooralsnog geen hoofddoel. Afgelopen weekend was een ‘bonus’, want uiteindelijk wil hij half februari wereldtitels op ‘zijn’ afstanden. Maar hij had nog wel een goed idee: in de catacomben van Thialf hangen grote plakkaten van allroundkampioenen. Krol: “Maar het is wel een goed idee om daar nu ook sprintkampioenen bij te doen”.

Leerdam kampioen, en dat na een volledig mislukte eerste dag

Zelden stond iemand na twee ‘volledig mislukte’ races relaxter in de mixed zone dan Jutta Leerdam (22) zaterdag. Het was toch allemaal slecht, dus het kon alleen maar beter, zo oordeelde het sprinttalent. Zondag bewees ze waarom. Ze werd na een sterke 1000 meter Europees kampioen, voor de Russin Angelina Golikova en Femke Kok.

Leerdam stond na één dag nog op plek drie. Ze maakte zich daar zodanig niet druk over, dat ze zaterdagavond nog de grootste lol had in het bouwen van een sneeuwpop. En zondag reed ze naar haar eerste Europese sprinttitel. “Mijn moeder zei al: die krans, die kom ik wel ophalen.”

Lees ook: 

De uitstervende allrounders winnen in Thialf

Het Europees kampioenschap allround werd gewonnen door de echte allrounders. Dat klinkt logisch, maar de allrounder is een uitstervend ras.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden