Tour de France

Tadej Pogacar is hartstikke goed, maar volgens de data niet exceptioneel

Tadej Pogacar kan lachen, op weg naar Nîmes. Beeld EPA
Tadej Pogacar kan lachen, op weg naar Nîmes.Beeld EPA

De suprematie van Tadej Pogacar in de Tour leidt tot scepsis. Maar volgens trainer van profrenners Jim van den Berg is hij niet buitenaards bezig.

Tadej Pogacar is vooralsnog superieur in de Tour de France, met een voorsprong van ruim vijf minuten op zijn naaste concurrent Rigoberto Uran. Het is een dominantie die de laatste jaren zelden is vertoond. En dus rijzen vragen. Kan het wel wat hij doet? Komen de donkere dagen uit het verleden terug, waarin de toppers zich inlieten met allerlei soorten doping?

Juist dat trauma van de wielersport straalt nu af op Pogacar, zeker na zijn prestaties in de Alpen afgelopen weekend. De Sloveen reed zo veel harder dan de rest, dat er gelijk vragen over werden gesteld. En het is waar: zijn entourage bij zijn ploeg UAE Emirates heeft geen dopingvrij verleden. Ploegleider Andrej Hauptman mocht in 2000 niet starten vanwege een te hoge hematocrietwaarde. En sportief directeur Joxean Matxin en de grote baas Mauro Gianetti van de ploeg waren actief bij ‘dopingploeg’ Saunier Duval. Gianetti experimenteerde in zijn tijd dusdanig met nieuwe vormen van doping, dat hij van een middel in 1998 zelfs in coma raakte.

Maar dat was toen, en Pogacar is nu. De Sloveen, die al jaren constant op topniveau presteert, zei zelf niet te weten waarom hij zich zou moeten verdedigen. “Ik domineer de race inderdaad”, zei hij afgelopen week op de verplichte persconferentie voor de geletruidrager. “Er zijn andere sterke renners afgestapt of verzwakt door valpartijen. Daardoor is het verschil soms zo groot.”

Goede wattages

Gegevens delen wilde hij niet, om andere ploegen niet wijzer te maken. Wel zei hij dat hij ‘goede wattages trapt’. En die gegevens zijn (deels) in te zien. Wat valt daarover te zeggen? Jim van den Berg, die met zijn bedrijf Join topwielrenners als Taco van der Hoorn traint en op verzoek de beschikbare gegevens van Pogacar bekijkt, ziet in de data geen exceptionele cijfers. “Ergens is er wel selectieve verontwaardiging”, stelt hij.

Van den Berg kijkt naar de wattages die Pogacar deze Tour heeft getrapt, de eenheid die wordt gebruikt om vermogen uit te drukken, ofwel hoe hard je op de pedalen trapt. Meestal wordt er gekeken naar wattage per kilo. Op die manier kunnen renners met elkaar worden vergeleken. Een renner die de Tour kan winnen, zit bergop in het algemeen op waarden tussen de 6 en 6,5 watt per kilo. Van den Berg: “Lance Armstrong wilde voor de Tour altijd de Col de la Madone, zijn trainingsberg, met 6,5 watt per kilo oprijden. Lukte dat, dan wist hij dat hij ging winnen.”

Niet buitenaards

Van Pogacar zijn deze Tour de klimtijden bekend, de hoogtemeters die hij overwon ook, en zijn gewicht kan redelijk worden ingeschat (66 kilo). Met die gegevens kan Van den Berg een nauwkeurige schatting maken van het wattage per kilogram lichaamsgewicht dat de Sloveen reed. Bijvoorbeeld op de Col de Romme, waar Pogacar zaterdag zo hard demarreerde dat hij uiteindelijk iedereen op drie minuten reed. “Pogacar reed daar ongeveer 6,1, 6,2 watt per kilogram over twintig minuten. Hartstikke goed en genoeg om de Tour te kunnen winnen, maar zeker niet buitenaards.”

Ja, Pogacar zette op die Col de Romme de snelste tijd ooit neer. Maar dat hoeft niet te verbazen, zegt Van den Berg. “De sport wordt altijd sneller, als gevolg van voeding, materiaal, et cetera. Wat Pogacar daar reed, deed bijvoorbeeld in de Tour van 2018 de top van het klassement ook, toen de finale ook over de Col de Romme en de Col de la Colombière ging. En op die laatste klim was de Ier Dan Martin toen sneller dan Pogacar nu, terwijl de etappe van toen zwaarder was dan die van dit jaar.”

Regenrijder

Zondag, op de laatste klim naar Tignes – toen hij weer wegreed bij de concurrentie – kwam Pogacar met zijn tijd tot 5,8 watt per kilo. Wederom niet heel bijzonder. “Nou ja, wel gezien de omstandigheden die dag. Pogacar kan beter in de regen rijden. En ik denk dat je wel moet concluderen dat de tegenstand niet beter kan. Behalve dan woensdag op de Ventoux, toen iemand toch sneller reed (Jonas Vingegaard, red.).”

Van den Berg: “Toen ik zaterdag naar de Col de Romme keek, dacht ik ook: wow, wat een demarrage. Maar op dat moment weet je de wattages nog niet. En uiteindelijk bleken die erg goed, maar niet exceptioneel. Wat dat betreft was de prestatie van Van Aert op de Ventoux relatief veel indrukwekkender, die met tachtig kilo in een uur omhoog reed. Kijk, als Pogacar in de derde week met alle vermoeidheid nog steeds rond de 6,1 watt per kilo omhoog rijdt, dan praten we verder. Maar de conclusie is volgens mij ook dat de echte top dit jaar heel smal is in de Tour. Dat is slechts één renner.”

Lees ook:

Ik geniet met mate van ‘tgv’ Pogacar en wacht op de kater

Drie keer per week werpt columnist Sylvain Ephimenco zijn blik op de actualiteit. Dit keer over een jonge Sloveen die de Tour beheerst: Tadej Pogacar

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden