ReportagePumptrack

Pumptrack is de sport van de toekomst in de speeltuin van de toekomst

Merel Smulders in actie tijdens de WK-kwalificatiewedstrijden pumptrack in Eindhoven. Beeld Koen Verheijden
Merel Smulders in actie tijdens de WK-kwalificatiewedstrijden pumptrack in Eindhoven.Beeld Koen Verheijden

Pumptrack is een relatief nieuwe wielerdiscipline die aansluit bij de trend dat sporten ongebonden moet zijn, niet meer in verenigingsverband met vaste tijdstippen. Bijkomend voordeel: iedereen kan gebruik maken van de asfaltbanen. “Een topsporter kan er plezier op hebben, maar een kind van vier ook.”

Esther Scholten

Er wordt een WK-kwalificatiewedstrijd verreden, deze zaterdagmiddag in Eindhoven. Maar of pumptrack topsport is, daarover lopen de meningen uiteen. Iedere volwassene mag meedoen, zonder selectie vooraf. Het is typerend voor het laagdrempelige karakter van de relatief nieuwe wielerdiscipline. Dit is een sport van de toekomst, klinkt het, in de speeltuin van de toekomst.

Een half uur voor de start zijn de asfaltstroken van het Urban Sportpark nog het domein van de jeugd uit de buurt. Twee jongetjes van een jaar of vijf steppen over de hobbels, een groepje tieners neemt de bochten per fiets. Ze lachen. Dit is cool, uitdagend voor jong en oud. Het past ook bij de tijdsgeest van dit moment. Corona heeft onderstreept hoe belangrijk beweging is, en een fit lichaam. De stijgende zorgkosten benadrukken de urgentie.

Mensen hebben lang binnen gezeten

Velosolutions, het bedrijf dat pumptrack in Nederland introduceerde, heeft dit jaar al een kleine twintig banen in het land gebouwd. Tegen zes vorig jaar. “Tien jaar geleden zijn we hiermee begonnen”, verklaart Tim Smit, directeur Benelux. “Nu zien we door corona dat het een enorme vlucht neemt. Mensen hebben lang binnen gezeten en gemeenten willen meer investeren in het buiten sporten.”

Een pumptrack is een circuit met bulten en kombochten die elkaar ritmisch opvolgen. Een soort kruising tussen een BMX-baan en skatepark. Het grote voordeel van deze nieuwe buitenspeelplaats is dat het geschikt is voor alles met wieltjes: crossfietsen, mountainbikes, loopfietsjes, inline skates, steps en skateboards. Daarmee bereikt het een grotere doelgroep.

Wie er met een fiets overheen gaat, zoals tijdens deze kwalificatiewedstrijd, maakt snelheid door een pompende beweging van het lichaam. Trappen is door het hellende oppervlak nauwelijks mogelijk. Het is de kunst om, als op een schommel, op het juiste moment met de armen en benen te trekken en duwen. De hoge sprongen uit het BMX ontbreken, ook is de snelheid lager omdat er geen startheuvel is. Dat maakt het minder gevaarlijk en dus toegankelijker.

BMX-grootheden als blikvangers

Blikvangers in Eindhoven zijn twee BMX-grootheden. Merel Smulders won in Tokio nog brons. Zij doet deze sport er ‘voor de fun’ bij. “Het is leuk voor de afwisseling.” Op de eerste WK in 2018, in het Amerikaanse Arkansas, werd ze tweede. Nu plaatst ze zich als een van de vier tijdsnelsten bij de vrouwen ook voor het komende kampioenschap in Lissabon, dat in oktober wordt gehouden.

Haar collega en oud-wereldkampioen Twan van Gendt slaagt daar niet in. Hij heeft ook beduidend meer concurrentie. Verreweg de meeste van de 75 inschrijvingen zijn man. “Dat ik hier niet win, zegt iets over het niveau. Al is pumptrack wel iets heel specifieks, waar ik niet op train. Of het topsport is? Het is groeiende.”

Merel Smulders: de last van een medaille

Na een lastige periode gaat het nu weer ‘super goed’ met Merel Smulder (23). Na haar bronzen race in Tokio vond ze het moeilijk om zich weer op te peppen voor wedstrijden. “Ik ben wel bang geweest dat ik mezelf niet meer in de mentale positie kon zetten die nodig is om supersnelle rondjes te rijden. De Olympische Spelen hebben zoveel energie gekost, ook emotioneel.” Het ene moment putte ze zelfvertrouwen uit haar plak, het volgende voelde ze er juist extra druk door. Een sportpsycholoog heeft haar met die wisselende gedachten geholpen. “Ik ben er nu weer klaar voor om te zien hoever ik kan komen, in deze nieuwe realiteit.”

De Internationale Wielerunie UCI heeft pumptrack erkend als discipline. Ook de Nederlandse KNWU is blij met de opkomst. “Dit is een enorm goede leerschool voor toekomstige wedstrijdrijders in BMX, mountainbiken, veldrijden of wielrennen”, stelt Simon Schram, medewerker wedstrijdsport. “Je leert spelen met de fiets: behendig sturen en balanceren. Misschien dat er in de toekomst wel selecties gevormd kunnen worden. De sport heeft potentie.”

Volgens directeur Smit, wiens bedrijf samen met Red Bull deze wedstrijd organiseert, past pumptrack bij een belangrijke trend van de laatste tijd: sporten moet ongebonden zijn, niet meer in verenigingsverband met vaste tijdstippen maar op momenten dat je zelf wil. “Lange tijd waren gemeenten heel afwachtend. Niet voor niets bouwden we de eerste baan in Nederland voor een campingbaas. Ondernemers durven gelijk te investeren als ze potentie zien. Lokale overheden zijn misschien bang voor nieuwe trends. Nu ze het succes bij een ander zien, stromen de aanvragen binnen.”

Van Gendt roemt het maatschappelijk belang van een pumptrackbaan. “Je haalt kinderen achter de spelcomputer vandaan, daagt eigenlijk iedereen uit om te bewegen. Met zoiets simpels bedien je een brede doelgroep. Ik kan er plezier op hebben, maar een kind van vier ook.”

Twan van Gendt: afvallen voor de mountainbike

“Dit was waarschijnlijk mijn allerlaatste wedstrijd op een BMX-fiets”, zegt Twan van Gendt (29). Hij heeft zin in zijn nieuwe avontuur, dat mountainbiken heet. “Het gaat leuk in de trainingen. Verder is het belangrijkste dat ik afval. Ik moet zeker tien kilo aan spiermassa kwijtraken. Kracht is nu minder belangrijk en iedere kilo die je de berg mee moet opnemen, maakt het zwaarder.” Hij geniet van de vrijheid; het rondrijden door bossen. “Veel mensen vragen waarom ik niet ga baanwielrennen. Voor mij is dat alleen linksom fietsen. Op de mountainbike moet je je constant aanpassen aan nieuwe omstandigheden. Daar hou ik van.”

Lees ook:

Veel Nederlanders zeggen sinds corona minder te fietsen, wandelen en sporten, maar volgens het RIVM bewegen ze vaak toch nog genoeg

Nederlanders blijven sinds corona vaker op de bank zitten, zo zeggen ze zelf. Maar uit onderzoek van het RIVM blijkt dat ruim de helft van de Nederlanders desondanks genoeg beweegt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden