Beeld Maartje Geels

Column Bettine Vriesekoop

Poupou, een dinosaurus die bleef boeien

Zeg je in Frankrijk tegen iemand ‘Courage Poupou’, dan bedoel je: ‘Laat je hoofd niet hangen, kop op’.

Poupou is in Frankrijk de belichaming van doorzettingsvermogen, hij staat voor respect, voor sympathie, voor aanvaarding van het lot.

Poupou is geen held van de rijken, ook niet van de armen, hij overstijgt het allemaal.

Poupou is nationaal bezit.

Poupou, de eeuwige tweede, de sportman die de tweede plek een status wist te geven.

Driemaal werd Raymond Poulidor tweede in de Tour de France en vijfmaal derde. Nooit stond een wielrenner vaker op het podium, maar nooit wist hij de beroemdste ronde te winnen. Poupou was de lieveling, niet de trots van de Franse wielernatie.

“Hoe meer pech ik had, des te meer het publiek van me ging houden”, zei Poulidor na zijn carrière. “Ik heb zelfs gedacht dat winnen nutteloos was. Als ik de Tour wél had gewonnen, hadden de mensen veel minder over mij gesproken.”

Niet dat hij niet kon winnen. In mijn geboortejaar won hij Milaan-San Remo, zijn eerste Klassieker. De Waalse Pijl, de Dauphiné, Parijs-Nice en WK-medailles volgden.

Toen ik voor de derde keer achter elkaar de tweede plaats behaalde op de Europese Top-12 schreef de sportpers dat ik de Raymond Poulidor was van het vrouwentafeltennis. Dat vond ik een eer.

In 1982 won ik, nota bene in zijn land, in Nantes. Fransen eren niet alleen hun eigen kampioenen, merkte ik toen. Ze zijn sportgek.

Na zijn wielercarrière etaleerde Poulidor het ideale Franse familieleven dat voor ons een beetje oranje kleurde. Zo trots als hij was op zijn kleinzoon Matthieu van der Poel, over wie hij laatst nog zei dat hij wél de Tour de France zal winnen.

Nieuwsgierig naar heroïsche verhalen bel ik oud-wielrenner Rini Wagtmans. Hij won drie etappes in de Tour. “Mensen die de Bastille hadden kunnen bestormen, zo denken de Fransen over hun sporthelden,” zegt Rini. “Poulidor was heel collegiaal. In de Tour kwam hij naast me rijden om te waarschuwen voor gevaar verder in de koers. Hij was bescheiden, net als Eddy Merckx. Hij ging niet op z’n strepen staan. Dat was ook niet nodig. Niet in Frankrijk of België. Respect voor wielrenners hoort bij de cultuur.

“Hij was zo aimabel. Had altijd tijd en aandacht voor zijn fans. Wie hem had ontmoet, vergat het nooit meer. Hij was echt, hij betaalde niet voor zijn overwinningen. Zijn liefde voor het wielrennen, zijn band met iedereen die houdt van die sport was authentiek.”

Rini vertelt me niet over een heroïsche kampioen maar over een zoon van het Franse platteland, een doodgoeie vent die verschrikkelijk hard kon fietsen.

In 1964 kwam-ie het dichtst bij een Touroverwinning. Op de Puy de Dôme stelde hij de demarrage uit die hem de overwinning zou brengen. Hij liet de doodvermoeide Jacques Anquetil recupereren. De tragiek van de verliezer die had moeten winnen.

“Kinderen raken uitgekeken op Pokémon of op Dragon Ball, maar dinosaurussen blijven boeien”, zegt Rini nog voor ik de telefoon neerleg.

“Poupou is zo’n dinosaurus. Il est mort, maar hij was bij leven al onsterfelijk.”

Marijn de Vries is met zwangerschapsverlof. Komende maanden vervangt Bettine Vriesekoop haar als columnist.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden