InterviewPirmin Blaak

Pirmin Blaak, het fundament van de hockeyers: ‘Vroeger kon ik zo enorm op mezelf zeiken’

Pirmin Blaak, doelman van het Nederlands hockeyteam. Beeld ANP
Pirmin Blaak, doelman van het Nederlands hockeyteam.Beeld ANP

De Nederlandse hockeyers beginnen zaterdag de Spelen tegen België met Pirmin Blaak (33) als doelman. Lang worstelde hij met zijn woede en bewijsdrang, nu is hij mentaal weerbaar en bij tijd en wijle onpasseerbaar.

Voor hij afreisde naar Japan kwamen de afgelopen weken in de supermarkt meerdere keren mensen naar hem toe. Of ze op de foto mochten met de keeper van Oranje. Pirmin Blaak, zijn voornaam keken zijn ouders af van skiër Pirmin Zurbriggen, wist niet wat hij hoorde. Op het hockeyveld zit zijn 1.88 meter lange gestalte verborgen in een ruimzittend kanariegeel pak, met het gezicht anoniem onder de keepershelm.

Zijn glansrol in de shoot-outs in de finale van het Europees kampioenschap, een maand geleden in Amstelveen, maakte van de geboren Rotterdammer in ieder geval lokaal een bekendheid. Zijn prestatie kwam volgens hemzelf niet uit de lucht vallen. Sinds anderhalf jaar heeft Blaak mentale begeleiding. “Vroeger kon ik zo enorm op mezelf zeiken”, zegt Blaak. “Ik was altijd boos als er tegen mij werd gescoord. Daarna verplichtte ik mezelf niets meer door te laten. De druk creëerde ik zelf. Voorheen wilde ik de schade beperken, nu denk ik na over hoe we een wedstrijd kunnen winnen.”

‘Hartstikke onrealistisch om dit te eisen’

Blaak groeide als keeper, zelfs in dit matige seizoen voor zijn club Oranje-Rood, door vooral zijn gedachten beter te sturen. De jongere versie wilde elk duel de nul op het scorebord houden. Zo niet, dan volgde een uitbarsting van woede. Ongepast, vindt de doelman nu. “Het is hartstikke onrealistisch om dat van jezelf te eisen. Dat moest ik leren.”

Als eerste keeper debuteerde Blaak pas op het wereldkampioenschap van 2018. Nederland veroverde zilver. Hij blonk uit, maar werd daarna opnieuw in het gebruikelijke roulatiesysteem van keepers gezet door bondscoach Max Caldas. “Ik baalde daar enorm van. Wat kon er nog beter? Wat deed ik fout? Het kroop weer in mijn hoofd. Dat ben ik nu kwijt. Ik ben de keeper voor deze Olympische Spelen.”

Meester van de shoot-outs

In Tokio is Blaak aangewezen als eerste man. Het fundament waar de verdediging op kan bouwen. Met zijn 33 jaar behoort de 108-voudig international tot de oudere garde, zeker tussen jongeren als Jorrit Croon (22) en Jip Janssen (23). “Soms moet ik ze uitleggen hoe wij in de tijd voor smartphones een meisje mee uit vroegen. Dat ik naar een huistelefoon belde en dan aan de vader vroeg of ik met zijn dochter naar de bioscoop mocht. Dat begrijpen die jongens niet. Op en om het veld zijn we verder gelijkwaardig, dan zijn er geen verschillen.”

Croon, een van de grootste talenten ter wereld, ziet de doelman met de week onpasseerbaarder worden. De middenvelder vreest straks een gelijkspel in de knockoutfase niet, Blaak is de meester van de shoot-outs.

“Ik speel dat spel graag”, zegt Blaak, die altijd een paar ballen pakt. Voor hem is het een kwestie van ontregelen: opzichtig een papiertje bestuderen waar soms nutteloze informatie als twee halfjes bruin brood en een pak melk op staat. Het maakt niet uit, de keeper is dan al doorgedrongen tot het hoofd van de nemer. “Fantastisch.” En als tegenstanders dit lezen? “Misschien staat de volgende keer wel iets op papier.”

‘Tokio als stad boeit mij niet’

Per wedstrijd steekt Blaak vier tot vijf uur in die analyse. Zelfs tot kort voor het beginsignaal visualiseert hij de mogelijke bewegingen van de hockeyer tegenover hem. “Bij de Argentijnen is het inmiddels zover dat ze eerst iemand voor de schijn naar voren sturen en vervolgens een ander de shoot-out neemt.”

De reservekeeper van de Spelen van 2012 en 2016, waar Nederland tweede en vierde werd, is na het EK gebrand op nieuw succes. Zakelijk en klinisch wil Blaak doorstoten naar de olympische finale. “Van eerdere deelnames weet ik wat er op ons af gaat komen. Tokio als stad boeit mij niet. Ik wil presteren.”

Hockeysters in laatste test nipt langs Nieuw-Zeeland

De Nederlandse hockeysters hebben donderdag hun laatste oefenwedstrijd voor de Spelen nipt gewonnen. De ploeg van bondscoach Alyson Annan won op het olympische veld in Tokio in een verkort oefenduel met 2-1 van Nieuw-Zeeland. Maria Verschoor maakte in de laatste minuut het winnende doelpunt. Frédérique Matla nam uit een strafcorner de andere Nederlandse goal voor haar rekening. De Nederlandse hockeysters, die het zaterdag opnemen tegen India, gaan in Tokio proberen de olympische titel te heroveren.

Lees ook: Frédérique Matla: van onzeker meisje tot een van de beste hockeysters ter wereld

De Nederlandse hockeysters, topfavoriet voor goud, zijn gearriveerd in Japan. Onder hen goalgetter Frédérique Matla, die de afgelopen jaren op ontdekkingsreis naar zichzelf als topsporter was.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden