Olympische geschiedenis

Pionier Rie Beisenherz was eeuw geleden snelste Europese zwemster, zonder te duiken

Komende zondag is het honderd jaar geleden dat zwemster Rie Beisenherz in Antwerpen als eerste Nederlandse vrouw op de Olympische Spelen actief was. De heren van de zwembond vonden het maar niks.

Zwemster Rie Beisenherz was precies 100 jaar geleden in Antwerpen de eerste Nederlandse vrouw op de Olympische Spelen .Beeld NOC*NSF

Rie Beisenherz, geboren in 1901 in Amsterdam, groeide op in een sportieve familie, met vader Louis als een bekende wielrenner, tijdgenoot en collega van Jaap Eden. Zelf was ze twaalf jaar oud toen ze zich aanmeldde bij de Hollandse Dames Zwemclub, samen met enkele leeftijdsgenoten. Vanwege hun jonge leeftijd werden ze geweigerd, waarna de meisjes diep verontwaardigd een eigen zwemclub oprichtten, De Jonge Waterratten, in het bad aan de Heiligeweg. Ze vertrokken alweer snel, omdat ze er geen prijzenkast mochten ophangen – vanwege de spijkergaatjes.

In 1920 zwom Beisenherz vooral in het bad van Obelt aan het IJ. “Ik herinner mij dat ik nog heb gezwommen in een rood katoenen pak, met pijpen tot mijn knieën en een geplooid pasje. Kunt u zich voorstellen hoe zwaar al die plooien werden in het water?”, vertelde ze in 1960 in het radioprogramma ‘In het dal van Olympia’. Ze trainde dagelijks om mee te doen aan de Olympische Spelen in Antwerpen. “Dat had uiteraard heel wat voeten in de aarde eer het zo ver was”, zei ze. Haar ambities botsten frontaal met de leefwereld van de sportbestuurders, onwetend van de wetten van de wedstrijdsport.

Aantikpaal op 80 meter

Niemand bij de zwembond geloofde dat dit Amsterdamse meisje de olympische limiet kon halen, smaalde ze in 1988 in De Telegraaf. “Toch lukte het mij op een avond aan de Ruysdaelkade in Amsterdam om de 100 meter vrije slag binnen de gestelde tijd af te leggen. Daarvoor moest wel de aantikpaal, die op 80 meter stond, uit de bodem van het zwembad worden getrokken om er twintig meter verderop weer te worden ingeslagen.”

Deze kwalificatie bracht de heren niet tot andere inzichten. “Ik kreeg derdeklas trein vergoed en vier dagen verblijf. Mijn vader is met mij meegegaan, maar van de kant van de zwembond was praktisch geen sprake van enige verzorging.” Verder wist niemand dat het bij internationale wedstrijden al jarenlang de gewoonte was om te duiken tijdens de start. Beisenherz kwam er pas achter toen ze zich in Antwerpen gereedmaakte voor haar olympische debuut. “Men krijgt bij het overdenken van al deze dingen den indruk alsof de Ned. Zwembond de Olympiade geen evenement van groote beteekenis vindt,” hoonde Algemeen Handelsblad twee dagen na haar optreden.

Snelste Europese zwemster

Ondanks een slechte start verbrak ze het nationale record met zes seconden, als snelste Europese zwemster van deze Spelen. Het bondsbestuur weigerde deze tijd te erkennen, omdat die niet was gemeten in Nederlands water. Dat maakte het Handelsblad razend: “Wanneer dat inderdaad in het reglement staat, dan wordt het toch werkelijk meer dan tijd, zoo’n reglement overboord te werpen en een nieuw te maken.” Later erkenden de zwemofficials het nieuwe nationale record alsnog.

Beisenherz bleef nuchter onder al die opwinding. “Je kunt veel plezier van de zwemsport beleven, zoals ik nog altijd heb, maar het moet toch niet een hoofdzaak worden dat alles, alles en alleen, om de sport draait.” Dat ze als eerste Nederlandse vrouw aan de Olympische Spelen heeft meegedaan, vond ze heel plezierig, waarbij ze ook nog was opgeroepen voor een demonstratiewedstrijd waterpolo.

Het allerleukste, zo vond ze zelf, was om door de stad te lopen, samen met haar vader. “In Antwerpen ging ik alles bekijken. Tussen de wedstrijden door kon ik precies doen wat ik wilde.” 

Beisenherz zwom tot 1982 dagelijks 400 meter in het Sportfondsenbad in Naarden, tot de dokter dat verbood. Tien jaar later is ze overleden.

Lees ook: 

Vijf jarige ringen, als fietsbanden gevlochten door engeltjes 

Op 14 augustus 1920 werd in Antwerpen voor de eerste keer de olympische vlag aan het grote publiek vertoond. Sinds 1932 ligt die in een privékluis in de Verenigde Staten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden