null Beeld
Beeld

ColumnHenk Hoijtink

Nee, ik had Arjen Robben liever niet zien terugkeren

Maandag, de dag na Emmen-FC Groningen belde een redacteur van het Radio 1-programma Dit is de dag. Ik kon niet opnemen, wist al wel vrijwel zeker waar het over ging en ik wist dat ik vroeg in de avond op hun uitzendtijd vanwege werk niet in de studio kon zijn. Ik belde terug uit beleefdheid – en, toegegeven, om te horen of mijn sterke vermoeden juist was; of het, anders gezegd, een dag na Emmen-FC Groningen al zo uit de hand aan het lopen was.

Ja en nee, zo bleek. Of ik, inderdaad, in de uitzending wilde praten over Arjen Robben en, ja hoor, het EK. Moest bondscoach Frank de Boer hem meenemen? Hoe stond ik daarin? Ik zei de redacteur dat ik niet kon komen, dat ik vond dat de bondscoach zo verstandig moest zijn, en ook wel zou zijn, om hem niet mee te nemen en dat ze zeker een ander zouden vinden die dit zou willen verkondigen – en uiteraard ook wel ergens iemand die hem al enthousiast op het EK zag.

Toch benieuwd, zocht ik de uitzending terug, maar een item over Robben kon ik niet vinden. Van de presentator begreep ik dat het onderwerp was vervallen. Maar het had wel gekund, meldde hij: ze hadden een voor- en een tegenstander. Hij noemde de namen en ze verbaasden me niet, het voetbaljournaille natuurlijk nog wel kennende. Waarom het onderwerp was geschrapt, vertelde hij niet, maar als er toch iemand op de redactie is geweest die heeft gevraagd of dit niet al te gortig was, een dag na Emmen-FC Groningen, zou ik zeggen: heel verstandig.

De grootste van zijn generatie

Voor een goed begrip: Arjen Robben is een van de grotere spelers uit onze voetbalgeschiedenis, en juist daarom schrijf ik dit – moet ik dit schrijven. Hij was uiteindelijk de grootste van zijn generatie, als de enige die tot het einde de regie over zijn loopbaan wist te voeren.

Dat was, bij Oranje, mooi om te volgen. Jarenlang hield hij zich afzijdig, kon hij dat ook, wetende dat er anderen waren om het woord te voeren. In zijn laatste jaren stond hij op, de enige topspeler nog. Hij vertelde, voor wie het wilde horen, de waarheid over het toen afkalvende Oranje. Het zal persoonlijk zijn, maar bij Arjen Robben zal ik altijd meer daaraan denken dan aan zijn spel dat, gebaseerd op snelheid en een karakteristieke beweging, het allerverfijnste toch niet was.

Ik heb niet over hem willen schrijven toen hij terugkeerde bij FC Groningen. Mooi dat hij iets voor zijn oude club wilde doen? Wat kon dat nog zijn? Diep in het seizoen kon hij spelen, tegen Emmen. Hij gaf twee voorzetten waaruit werd gescoord. Dan is de emotie niet meer te stoppen: over de liefhebber, zelf ook geëmotioneerd, zo blij als een kind; over wat hij, zo kwetsbaar en oud al als sporter, van zijn lichaam nog heeft willen vragen – voor ons niet voor te stellen inderdaad.

Topsport op zijn allermooist

Het is óók instant-emo. Dit was topsport op zijn allermooist, zei Frank de Boer. Sympathiek bedoeld, maar het is niet waar. Topsport op zijn allermooist was hoe Robben zich in zijn laatste jaren bij Oranje manifesteerde. Met topsport kan Emmen-FC Groningen niets te maken hebben, laat staan dat het op zijn allermooist kan zijn.

Donderdag speelde Robben tien minuten, als invaller. Twee of drie keer de bal geraakt, één volledig mislukt passje. Dat wil je niet zien van zo’n grote voetballer, maar het is inherent aan zo’n comeback, even inherent als beleefde verdraaiingen over topsport op zijn allermooist daaraan zijn.

Nee, ik had Arjen Robben liever niet zien terugkeren. Zeer tegen mijn zin heb ik het nu toch geschreven – moeten schrijven, vind ik.

Henk Hoijtink bespreekt in zijn columns de voetbalwereld. Lees ze hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden