InterviewMerijn Zeeman

Merijn Zeeman: Het gaat helemaal niet goed met het Nederlandse wielrennen

Directeur Merijn Zeeman en Robert Gesink van Jumbo-Visma. Beeld Bram Berkien

Renners, ploegbazen en sportief directeuren reflecteren op de staat van het wielrennen in Nederland. Deel 5: Merijn Zeeman, sportief directeur bij Jumbo-Visma. ‘De KNWU moet zich bezinnen op zijn rol.’

Hoe staat het wielrennen ervoor in Nederland?

“Wat zeggen de anderen? Dat het goed gaat? Ja, in de topsport is het goed geregeld. Maar eigenlijk vind ik dat het niet goed gaat. Je ziet dat het aantal licentiehouders bij de jeugd al jaren daalt. Steeds minder jonge mensen doen aan wielrennen.

“Het is niet mijn bedoeling de wielerunie KNWU de maat te nemen, maar de structuur van het wielrennen in Nederland hangt aan mensen en niet aan plannen. In het veldrijden bijvoorbeeld stoppen Gerben de Knegt en een aantal fanatieke coaches ziel en zaligheid in trainingen door het hele land. Daar plukt de sport de vruchten van. Maar het verbloemt de gebrekkige structuur.

“Wij hebben met de ploeg nu een Academy, waarin we met een fietsprogramma naar scholen gaan. Dat wordt gefinancierd door partners, omdat wij een plan hebben. Er zijn al drieduizend kinderen bereikt. Ik ken het hoe en waarom niet hoor, maar we merken nauwelijks initiatief en medewerking van de KNWU. De bond moet zich herbezinnen op zijn rol. Als we achterover leunen, gebeurt er niks. Dan komt er een punt dat we geen basispotentieel meer hebben. De begeleiding voor een talent is er wel, maar als de vijver met talent opdroogt, komt er een probleem.”

Is er een imagoprobleem?

“Nee, helemaal niet. Het grenzen willen verleggen, dat zit echt wel in kinderen. Op scholen liggen leerlingen na een fietstest van twee minuten uitgeput op de grond. En daarna willen ze gewoon wéér. Maar zij kijken niet naar wielrennen op televisie. Tom Dumoulin kan niet door een winkelstraat lopen, dan wordt hij overal herkend. Maar op een schoolplein kan hij rustig een boterhammetje eten. In de belevingswereld van kinderen spelen wij geen rol. De enige manier om kinderen enthousiast te krijgen, is naar ze toe gaan.”

Jumbo-Visma heeft een profploeg, een opleidingsploeg, een Academy. Jullie willen een vrouwenploeg. Dat wordt een wijdverbreid netwerk, net als de Rabobank-ploeg dat had. Is zo’n grote en brede ploeg voor de onderliggende structuren in Nederland noodzakelijk?

“Dat denk ik wel, ja. Anders komt de sport op alle vlakken stil te staan. Wat blijft er over als wij talentontwikkeling en topsport niet oppakken? Dat betekent onherroepelijk een terugslag in ontwikkeling en in prestatie. Wij zijn in een ratrace verwikkeld om het telkens beter te doen. We bieden nu goede mensen een plek aan in de sport. Als jij goed kan denken en doorzettingsvermogen hebt, kan je als bewegingswetenschapper ook zo terecht bij Shell of Philips. Nu kunnen we ze behouden voor de sport.”

Merijn Zeeman tijdens de Tour de France, vorig jaar.Beeld Bram Berkien

Jullie bieden ook coaches opleidingen aan bij Jumbo-Visma.

“Je kan geen trainer hebben die alleen maar fysiek met je bezig is. Er zijn drie aspecten: trainen, tactiek en coaching. Ik vind dat je twee van die drie aspecten in één persoon moet zien te krijgen. Daar is geen opleiding voor in Nederland, dus we scholen trainers bij via onze Talenten Academie. Zodat wij mensen hebben die de modernste trainingsschema’s maken, maar ook een arm om een schouder kunnen leggen als een renner zit met al zijn onzekerheden.”

Jullie werken met een voedingsapp, met voor elke renner een persoonlijk voedingsplan. Dat vind jij een belangrijk onderdeel van jullie topsportprogramma?

“Ik denk dat de foodcoach-app een van de grootste innovaties van de laatste jaren in de sport is geweest. Je moet bedenken dat een ploeg bestaat uit 27 renners. De meeste teams hebben één sportdiëtist. Sommige teams doen gek en hebben er twee of drie. Maar dat betekent dat één diëtist per dag zeker dertien mensen moet begeleiden. Dat logistieke probleem hebben we opgelost met die app.

“Elke renner krijgt nu uit vijfhonderd maaltijden dagelijks een advies over wat hij moet eten. We zien een directe relatie met prestatie. Het is niet bewezen, maar we krijgen wel feedback van renners dat ze zich veel beter voelen. Jumbo gaat er ook mee naar de markt. Er zijn veel rages in voedselland, maar ik vind het mooi dat je binnenkort dezelfde maaltijd kan eten als bijvoorbeeld Steven Kruijswijk.”

Jumbo-Visma had vorig jaar een bescheiden budget. Dat is dit jaar flink verhoogd.
Wat wordt er met dat geld gedaan?

“Dat was nodig om Roglic, Groenewegen, Kruijswijk, Dumoulin, Teunissen en Van Aert in de ploeg te houden. Het geld ging naar de rennersgroep, simpel. Wij willen de Tour de France winnen, en het is al heel moeilijk om renners fit te krijgen. Kijk naar Dumoulin nu, kijk naar de knieblessure van Kruijswijk. Maar ik geloof heel erg dat als een groep lang bij elkaar blijft, ze steeds succesvoller worden. Er gaat ook wel geld naar de begeleiding. Al proberen we daar creatief te zijn.

“Het klopt dat we van Klein Duimpje naar een grote ploeg op wereldniveau met heel fors budget zijn gegroeid. En Jumbo is met ons meegegaan. Want het bedrag dat nu genoeg is, is dat morgen niet meer. Omdat zij meedenken, zijn wij in staat talenten van vijftien jaar oud te zoeken. Daarom heb ik wel vertrouwen in de lange termijn van deze ploeg.”

En in de lange termijn van het Nederlandse wielrennen?

“Daar heb ik nog niet veel vertrouwen in. Maar we gaan niet toekijken. Wij steken een waakvlam aan en we stimuleren kinderen om te gaan fietsen en om lid te worden van een vereniging. We helpen de verenigingen om de kinderen goed te begeleiden zodat ze lid blijven van de vereniging.”

Lees ook:

Marianne Vos: ‘In het vrouwenwielrennen wordt te veel gekeken naar wat we niet hebben’

Renners, ploegbazen en sportieve directeuren reflecteren op de staat van het wielrennen in Nederland. Vandaag deel 4: Marianne Vos, profwielrenster die zich al jaren inzet voor professionalisering van haar sport.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden