Tour de France

Mark Cavendish, ‘van de straat geraapt’, rijdt zich naar bijna hallucinante cijfers in de Tour

Mark Cavendish maakte donderdag bij zijn etappewinst in Châteauroux hetzelfde juichgebaar als bij zijn eerste Touroverwinning in 2008. Beeld REUTERS
Mark Cavendish maakte donderdag bij zijn etappewinst in Châteauroux hetzelfde juichgebaar als bij zijn eerste Touroverwinning in 2008.Beeld REUTERS

Mark Cavendish reed jaren niks bij elkaar, mocht op het allerlaatst mee naar de Tour, en heeft nu al twee ritzeges binnen. ‘Het is een eer dat ik hier win.’

Juichen met twee armen op het hoofd, een samenvoeging van dolle vreugde en ongeloof. Mark Cavendish maakte in Châteauroux dat gebaar drie keer. De eerste keer in 2008, toen hij voor het eerst een etappe in de Ronde van Frankrijk won. De tweede keer was in 2011 en donderdag deed hij het weer, na de zesde etappe in de Tour van 2021.

Was het donderdag een bewust gebaar? Natuurlijk. Want Cavendish wist heel goed dat die manier van juichen past bij zijn overwinningen in Châteauroux. Was het in 2008 zijn eerste, donderdag boekte hij zijn 32ste zege in de Tour, twee dagen na zijn 31ste.

De cijfers zijn bijna hallucinant in de wielersport. De overwinningen werden behaald in liefst drie decennia. En hij is nog twee zeges verwijderd van de man die de meeste ritzeges in de Tour ooit behaalde, Eddy Merckx. Cavendish werd voor de Tour al gek van alle vragen over dat record, en kwam daar donderdag in eigen stijl nogmaals op terug. “Zeg die naam niet”, aldus Cavendish. “Ik wil gewoon winnen. Misschien win ik nog vijftig keer, misschien wel helemaal niet.”

Maar toch kan Cavendish er niet onderuit dat hij op dit moment de beste sprinter is in het peloton. Twee sprints zonder valpartijen, twee zeges. En misschien kan de Tourorganisatie de finish vaker leggen in de Franse stad in het midden van het land, want in Châteauroux is Cavendish onverslaanbaar. Elke keer dat hij er kwam, was hij onverslaanbaar. Want tussen zijn eerste zege en die van donderdag zat er nog een, tien jaar geleden. “Al lijkt het wel alsof de finish elke keer ergens anders ligt”, lachte hij na afloop.

Het baasje is terug

Hij was weer het baasje, een karakter dat hij ook had toen hij in zijn hoogtijdagen de zeges aaneenreeg. Cavendish, rijdend in de groene trui als leider van het puntenklassement, bekritiseerde andere ploegen, verweet ze dat ze geen verantwoordelijkheid namen en dat zijn ploeg alles moest controleren. “Maar toch hadden wij het gevoel dat we het onder controle hadden.”

Het is een razendsnelle metamorfose voor de man die dinsdag nog in tranen uitbarstte nadat hij in Fougères zijn eerste Touretappe in vijf jaar won. Hij vertelde hoe moeilijk hij het had gehad in de afgelopen jaren, met mislukte avonturen bij verschillende ploegen en met zulke slechte resultaten dat het leek dat hij dit jaar geen ploeg zou vinden. Na Gent-Wevelgem, in oktober vorig jaar, moest hij eveneens huilen. Het was wellicht zijn laatste wedstrijd, besefte hij.

Maar ploegbaas van Deceuninck-Quick-Step Patrick Lefevere raapte hem van de straat voor een ‘shitsalaris’, zoals de Belgische ploegleider altijd beeldend kan vertellen. Maar Cavendish was dolgelukkig. Lefevere vertelde hoe de Brit hem keer op keer bedankte, voor een plek in de ploeg waar hij zich thuis voelde, en waar hij op de goede fiets reed.

Bovendien was hij niet zeker van een Tourselectie. Pas een week van tevoren werd hij opgeroepen, ook omdat de andere sprinter van de ploeg, Sam Bennett, niet fit genoeg was. Het was een gok, maar het pakt vooralsnog perfect uit, zeker met twee overwinningen.

‘De snelheid ligt hoger dan vroeger’

Dit keer was de shock veel minder dan dinsdag, zei Cavendish. “We wisten dat het kon. En dit betekent evenveel als de winst dinsdag, en evenveel als de winst dertien jaar geleden. Dit was een klassieke sprint. Je ziet de vlag van de kilometer, je ziet de finish. Het is breed. Dat is hoe ik sprinten in de Tour herinner. Net als in Parijs, of in Bordeaux. En het is een eer dat ik hier heb gewonnen.”

Helemaal omdat de snelheid in het peloton enorm is toegenomen, aldus de Brit. “Er is een ongelooflijke groep sprinters hier en de snelheid is nu veel hoger dan het was. De versnelling die ze gebruiken is nu groter, waardoor het nog sneller gaat. Ik ben 36, en het is mooi om tegen hen te rijden.”

De komende dagen zijn er nog genoeg kansen om tot 34 zeges te komen, of erover. Want hoe graag Cavendish het ook wil, hij is inmiddels weer op zo’n niveau dat hij er serieus over na kan denken. Hij had het over moeilijke dagen die komen, in de bergen, maar ook hij weet dat er na het weekend weer genoeg kansen zijn. En anders is er altijd nog de Champs-Élysées, ook zo’n gracieuze sprintersaankomst.

Lees ook:

Hoe hou je in de Tour fans weg van het asfalt?

Opi en omi wakkerden volledig buiten hun schuld om de discussie over veiligheid in het wielrennen opnieuw aan. Hoe moet dat verder, met het publiek?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden