Wielrennen

Jumbo-Visma domineert, enkele dagen na de crash van Groenewegen

Primoz Roglic, achter zijn mondkapje met een glimlach, als winnaar van de Tour de l'Ain.Beeld EPA

Jumbo-Visma domineerde de Tour de l’Ain, de eerste echte test richting de Tour de France. Steven Kruijswijk en Tom Dumoulin reden in dienst van de winnaar, Primoz Roglic.

Nog geen vier dagen nadat in Polen Dylan Groenewegen met een eigen fout zorgde voor een van de meest traumatische gebeurtenissen in de geschiedenis van Jumbo-Visma, was de ploeg in het weekend dat volgde dominant in de belangrijkste races. Primoz Roglic rondde overtuigend ploegenspel af met een eindzege in de Tour de l’Ain en een paar honderd kilometer verderop won Wout van Aert Milaan-Sanremo, het eerste monument voor de ploeg.

Hoe dicht verdriet en geluk bij elkaar konden liggen, bleek zodoende maar weer voor de Nederlandse formatie die zo succesvol was na de coronapauze. Het was geel en zwart aan de voorkant van de pelotons dit weekend, vooral in de Franse Ain. Daar vond een rondje plaats dat vanwege corona opeens een ijkpunt voor Tourfavorieten werd, met de eerste confrontatie tussen de ‘uitdagers’ van Jumbo-Visma en de ‘regerende kampioenen’ van team Ineos. Het trio Primoz Roglic, Tom Dumoulin en Steven Kruijswijk tegen Chris Froome, Geraint Thomas en Egan Bernal.

Na drie dagen bewees het koersverloop dat de eerste ronde naar Jumbo-Visma is gegaan. Want Roglic won, Bernal werd tweede. Bovenal viel het numerieke overwicht op. Want waar zowel Thomas als Froome veel tijd verloren, bleef de geel-zwarte brigade in de eerste wedstrijd die ze samen reden tot de laatste kilometers van elke etappe dicht bij elkaar. Kruijswijk werd uiteindelijk vierde, George Bennett vijfde. Dumoulin eindigde buiten de top-10.

Opsteker voor Dumoulin

Kruijswijk had het over ‘op elkaar ingespeeld raken’. Want met drie favorieten zijn keuzes belangrijk. Wie, hoe lang, waar, wat en wanneer. Allemaal zaken die moeten worden ingeslepen. In de l’Ain was de eerste rolverdeling duidelijk. Zowel Kruijswijk (zaterdag) als Dumoulin (vrijdag, zaterdag en zondag) reden tot bijna de laatste meters van de etappes in dienst van Roglic.

Vooral voor Dumoulin was dat een opsteker. Die had vrijdag ergens gelezen dat het 420 dagen geleden was dat hij überhaupt was gestart in een race, een feit waar hij voor de wedstrijd lachend op terugkeek. Toch had die lange periode zonder wedstrijdervaring hem wel enigszins onzeker gemaakt “Het is nog wel inkomen”, zei hij bij de NOS. “Het is niet ‘Bam ik ben er weer’. Ik ben nog niet het baasje.”

Zaterdag had hij op zijn initiatief van rol geruild met de Australiër George Bennett, die ook goed meedeed in het klassement. Die laatste had een beter gevoel, dus werd op Dumoulins verzoek Bennett kopman en Dumoulin knecht. Zondag reed de nummer twee in de Tour van 2018 zich bij de besten in de beklimming naar de top van de Grand Colombier, een van de zwaarste klimmen in Frankrijk. Een teken dat hij ook na 420 dagen nog steeds hard kan fietsen.

Mooier wordt wielrennen niet

Datzelfde numerieke overwicht resulteerde in een koersverloop dat leek op het systeem waarmee Ineos de harten van fans de laatste jaren niet veroverde: zo hard en lang op kop rijden dat achter aan de favorietengroep een voor een renners moeten afhaken. Jumbo-Visma heeft er de ploeg voor, met naast de drie kopmannen ook Bennett, Sepp Kuss, Robert Gesink, Tony Martin en Wout van Aert. Mooier wordt het wielrennen waarschijnlijk niet, wel (voor Nederlanders) chauvinistischer.

De Tour begint over drie weken. De belangrijkste scenario’s zijn binnen de ploeg al doorgesproken. Voor corona had Roglic een streepje voor op de andere twee klassementsrijders, na dit weekend is daar drie weken voor de Tour een tweede bijgekomen. Zijn explosiviteit leidde tot twee ritzeges en een tweede plaats. Door de steun van zijn ploeg hoefde hij nergens zelf initiatief te nemen.

Het maakt de hele ploeg zelfverzekerd. Als er ergens een grote opslagtank stond, gevuld met een stofje dat zelfvertrouwen heet, dan is die tank na dit weekend bijna volledig geplunderd. Maar hoe goed het ook was, de prestaties werden nog steeds overschaduwd door de sprint van Groenewegen, die na zijn crash met Fabio Jakobsen bij de NOS diepbedroefd verkondigde dat hij de komende maanden even niet aan fietsen wil denken. Het was de keerzijde van de keiharde sport wielrennen.

Ook na de lockdown zijn op belangrijke momenten de grote namen present

Tussen neus en lippen door (en achter een mondkapje) was het een opvallende opmerking van de Belgische veteraan Philippe Gilbert: de coronacrisis heeft niet voor grote verrassingen gezorgd en de grote namen winnen waar ze gewoon waren te winnen. Zaterdag was ook Milaan-Sanremo daar een voorbeeld van, hoewel begin augustus het eerste monument van het jaar. Wout van Aert won, na een centimetersprint met Julian Alaphilippe.

In de rest van de top-10 kwamen vrijwel alleen maar grote namen voor. Onder hen Michael Matthews (derde), die onderweg in aanraking kwam met een muurtje en zodoende flinke schaafwonden had over zijn hand en schouder. Ook Peter Sagan (vierde), Greg van Avermaet (negende) en Gilbert (tiende) kwamen bovendrijven in de top van het klassement.

De usual suspects grijpen de winst

De lange periode zonder wedstrijden (en het urenlang trainen op hometrainers) heeft de pikorde niet door elkaar gehusseld, zo lijkt het na twee weken wedstrijden. Een selecte groep renners heeft vooralsnog gewonnen. Sommigen zelfs twee keer. Remco Evenepoel (Ronde van Burgos en Ronde van Polen) en Wout van Aert (Strade Bianche en Milaan-Sanremo). Wat wel opvalt is dat wie niet bij Jumbo-Visma, Deceuninck-Quick-Step, Ineos of Astana rijdt het momenteel zwaar heeft. Die ploegen maken een vliegende start.

De opvallende afwezige tot op heden is vooralsnog Mathieu van der Poel, die na zijn afgelopen jaren zo’n groot verwachtingspatroon heeft geschapen dat hij bijna overal tot de favorieten behoort. Zijn herstart verloopt vooralsnog wat stroef. In de Strade Bianche werd hij gelost na een lekke band, in Sanremo kon hij niet mee met de voorste twee. Na de finish was hij volgens zijn ploeg zo teleurgesteld dat hij zonder een reactie te geven de bus instapte. Zijn relaas volgde ruim twintig uur later. “Ik heb op zich genoten van mijn eerste Milaan-Sanremo. De twee besten zaten vooraan, ik rekende erop dat alles samen zou komen voor de sprint. In de sprint raakte ik wat ingesloten. Toch heb ik het idee dat er een stijgende lijn in zit.”

Lees ook: 

Crash Fabio Jakobsen: ‘Hét probleem is dat in het peloton geen eensgezindheid is’

Fabio Jakobsen is ontwaakt uit coma, terwijl de Poolse justitie het ongeluk onderzoekt. ‘Renners hadden moeten staken.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden