ColumnMarijn de Vries

Journalisten, interview Groenewegen alsjeblieft niet terug het trauma in

Met een knoop in mijn buik keek ik naar het interview met Dylan Groenewegen. Huilend vertelt hij over de afschuwelijke crash die hij veroorzaakte in de Ronde van Polen, waarbij zijn collega-sprinter Fabio Jakobsen zo hard viel dat hij zijn hele gezicht en borst verbrijzelde. Het levensgevaar waarin Fabio aanvankelijk verkeerde is geweken. De shock bij Dylan nog niet. Zelden zag ik zo’n gebroken wielrenner op tv.

Spijt. Dat is alles wat Dylan zeggen wil. Dat het hem zo vreselijk spijt dat hij Jakobsen de hekken heeft ingereden. Een manoeuvre die Fabio voor het leven zal tekenen. En Dylan ook, vertelt hij aan Gio Lippens van de NOS.

Gio is wat mij betreft een van de beste wielerverslaggevers die ons land rijk is. Ik vond zijn interview indrukwekkend – en voel me plaatsvervangend gekrenkt als ik een tweet zie van Andrea Walraven, een Nederlandse trauma-expert werkzaam in Duitsland: “O hemel, leer journalisten alsjeblieft om traumaveilig te interviewen”.

Herbeleving voorkomen

Traumaveilig interviewen. Wat is dat nu weer voor softs? Soms zijn dingen toch gewoon erg, en interviews daarover ook? Dus ik bel Andrea. Eigenlijk, zegt ze, is het allerbelangrijkste dat je, als iets nog zo vers is, voorkomt dat iemand de gebeurtenis herbeleeft. Bij Dylan zie je op de vraag van Gio wat hij net na de crash hoorde, dat zijn ogen wegdraaien. Hij kijkt in de verte en breekt. Op dat moment, beschrijft Andrea, ziet hij de finish weer, voelt hij weer hoe het was, zit hij er weer middenin.

Vergelijk het met een schaafwond. Als er een korst op komt, gaat de wond genezen. Door iemand terug te brengen naar de crash, trek je de korst er weer af. Dat kan het trauma vergroten, omdat het verwerken moeilijker wordt. Op het moment dat er iets vreselijks gebeurt, schakelt de buitenste schil van de hersenen waarmee we complex denken uit. Dan functioneert een mens alleen nog maar op het binnenste, emotionele deel van het brein. Dat is heel functioneel, want daardoor komen stresshormonen vrij en kun je snel handelen.

Maar de buitenste schil van de hersenen zorgt er ’s nachts voor dat je verwerkt wat je hebt meegemaakt, dat gebeurtenissen herinneringen worden. Als die buitenste schil uitstaat, staat het verwerken ook uit. De gebeurtenis blijft hangen. Dylan had nog bijna niet geslapen, vertelt hij. Dat is, vertelt Andrea, een heel logische stressreactie. Die stopt pas als het buitenste deel van het brein weer aan gaat. Dat kan dagen of zelfs weken duren. Met een interview waarin je vraagt hoe iemand zich voelde tijdens de gebeurtenis, verstoor je dat proces. Dat kan dus heel schadelijk zijn.

Voer voor psychologen

Interessant natuurlijk, maar wat vraag je iemand als Dylan dan wél? Want je wilt het verhaal horen, en zijn spijt zien. Andrea is duidelijk: vraag naar praktische, kleine zaken. Wie was er als eerste bij Fabio, kon je dat zien? En wie was er als eerste bij jou, toen je op de grond lag? Kreeg hij snel hulp? Wat deed je ’s nachts, toen je niet kon slapen? Dylan raakt dan vermoedelijk ook geëmotioneerd, maar je trekt hem er met deze vragen wel snel weer uit. Hij komt niet in de diepere laag van herbeleven terecht. En je krijgt alsnog een goed, vermoedelijk veel gedetailleerder verhaal.

Ik blijf het interview van Gio mooi vinden. Ik denk niet dat ik het anders had gedaan. Moet een journalist zich überhaupt druk maken over mogelijke trauma’s bij geïnterviewden? Is dat niet gewoon voer voor psychologen? Ik weet het niet. Maar ik ga niet meer vergeten wat ik nu weet.

Journalist en voormalig profwielrenner Marijn de Vries fietst u elke maandag door het sportweekend. Lees hier eerdere columns terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden