Sportboek Johan Cruijff

Johan Cruijff was ‘actief faalangstig’

Johan Cruijff na afloop van zijn laatste wedstrijd voor Feyenoord, thuis tegen PEC Zwolle (2-1) op 14 mei 1984. Beeld ANP

Arthur van den Boogaard put in ‘Het laatste seizoen’ rijkelijk uit de psychologische rapporten over de voetballer.

Zou Feyenoord de hulp van een Ajacied verwelkomen om kampioen te kunnen worden? In 1983 gebeurde het onmogelijke: Johan Cruijff kwam van Ajax naar De Kuip en maakte Feyenoord kampioen in wat zijn laatste actieve seizoen zou blijken te zijn. Cruijff, toen dik in de dertig, speelde in Rotterdam op vernuft, bluf en rancune. Hij was net bij Ajax door het bestuur overbodig verklaard.

Over dat laatste seizoen van Cruijff als voetballer heeft Arthur van den Boogaard ‘Het laatste seizoen’ geschreven, waarvan de ondertitel luidt: ‘Het andere gezicht van Johan Cruijff’. Van den Boogaard, die eerder ‘Zo speelden wij’ uitbracht, heeft ­jarenlang aan het project gewerkt. Hij was opgelucht dat hij zijn boek net iets eerder kon afronden dan ­Auke Kok diens ‘Johan Cruijff, de ­biografie’.

Van den Boogaard kiest er in zijn werk voor Cruijff te duiden aan de hand van diens laatste seizoen als voetballer, zonder al het daaraan voorafgaande te vergeten. Gelukkig maar, want Cruijffs (voetbal)verleden is ruim drie jaar na zijn overlijden nog steeds interessant, mits het goed is onderzocht en beschreven. Dat is hier het geval.

Psycholoog

Van den Boogaards grote prestatie is dat hij de beschikking heeft weten te krijgen over de psychologische rapporten van Ajax-psycholoog Dolf Grunwald (Van den Boogaard was zeer royaal toen hij besloot de rapporten ook ter beschikking te stellen aan Auke Kok) en put daar rijkelijk uit.

Zo leren we dat Cruijff het advies kreeg een hond te nemen of te gaan biljarten om zijn zenuwen in bedwang te houden, dat hij verschillende psychologische testen deed, dat hij vaak kampte met hoofdpijnen, dat de psychiater al dat gepraat van de jonge Cruijff bestempelde als een verhulling van diens onzekerheid en dat Cruijff behoefte had aan ‘vaderlijk gezag’.

Vandaar de problemen met Ajax-trainer Rinus Michels, die hij meer als vaderfiguur zag dan als trainer. Na een Prestatie Motivatie Test bleek dat Cruijff een ‘actief faalangstige’ was, met als kenmerkend gedrag ‘het vermijden van falen door streven naar succes’. Ook kenmerkend voor Cruijff is de volgende gedachte en ten slotte leidraad: Macht over de bal in het veld betekent uiteindelijk macht buiten het veld.

Van den Boogaard wipt in zijn rijkelijk met informatie gevulde boek min of meer heen en weer tussen 1983-1984 en Cruijffs verleden bij onder meer Ajax, Barcelona, Los Angeles Aztecs en Washington Diplomats. Ook lezen we over de belastingzaken, faillissementen, de overval in zijn huis in Barcelona, de paniekaanvallen van zijn vrouw Danny en over haar vader, Cor Coster, die Cruijffs management deed en baanbrekend werk verrichte in die business (en die de whiskyfles goed wist te raken en ook niet vies was van intimidatie met pistool).

Het zijn dit soort details en de manier waarop Van den Boogaard het geheel opdient. die zorgen dat je beter begrijpt waar de rancune en de noodzaak van het Feyenoord-seizoen hun oorsprong kennen.

Overigens: Cruijff nam geen hond. Hij koos voor de keu.

‘Het laatste seizoen, het andere gezicht van Johan Cruijff’

Arthur van den Boogaard | Uitgeverij: Thomas Rap | Prijs: 22,50

Lees ook:

Is Cruijff wel de bedenker van zijn bekendste uitspraak?

De bekendste uitspraak van Johan Cruijff is toch wel dat elk nadeel zijn voordeel heeft, met Amsterdamse tongval: ‘Elk nadeel heb se voordeel’.  Maar volgens Willem van Hanegem heeft hij, en niet Cruijff, de uitdrukking voor het eerst gebruikt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden