Beeld Maartje Geels

Column Marijn de Vries

Hoe machtig mooi de sprint is, zie je pas in de slomo

Wat zou sport zijn zonder slomobeelden, en de Tour al helemaal. Denkend aan de etappe van dinsdag herinner ik me tweehonderd kilometer groeiend gras. Vanuit grenzeloze drenzerigheid komt het plots opgezogen worden in het kolkende razen van een veelkoppig beest dat op de finish afstormt toch altijd nog een beetje onverwacht.

Zonder slomobeelden zou het langsflitsen van rennersruggen, het kleurige gekrioel van bovenaf, het duwen, trekken, sjorren, rukken, het terugdeinzen van te dicht op de weg gekropen publiek (mensen, hou uw kinderen toch vast!), het schreeuwen, joelen, ratelen, het remmen en versnellen en weer remmen en versnellen veel te snel voorbij zijn.

Dinsdag kwam de Italiaan Elia Viviani gevangen in slomo’s als eerste uit de stofwolken van de sprint. Voor gisteren werd door sommigen een winnaar uit een vlucht verwacht, een man alleen, of een groepje dat het zou uitmaken op de meet. Dan zij slomo’s van minder groot belang, want je hebt de tijd om te kijken, te bestuderen. Je ziet goed wat er gebeurt.

Ondanks de Vogezen, een fijne kopgroep en een korte solo van een man wiens naam klinkt als een pedaal schrapend op asfalt – Skujins – eindigt de etappe toch in een sprint. Een machtig mooie sprint. Hoe machtig mooi, dat is pas in de slomo goed te zien.

Die koppen. Jammer eigenlijk dat er zonnebrillen op staan. Matteo Trentin met naar binnen gezogen lippen, zijn mond een tuitje, maar dan omgekeerd. Jasper Stuyven met zijn lip tegen zijn neus omhoog getrokken. Greg Van Avermaet met tanden rijen dik tussen de kaken op elkaar geklemd. Michael Matthews knarsetandend, Sonny Colbrelli met de mond steeds verder open, Wout van Aert die alleen maar naar beneden kijkt.

Van bovenaf zie je de sprint veel beter. Eigenlijk is het bijna raar dat we hem altijd eerst van voren zien. Het is de emotie in de beelden. Zelfs als het live gebeurt, en dus razendsnel, zie je de intensiteit op de gezichten, spat de focus en de verbetenheid van de koppen af. Het houdt het spannend. Pas momenten later zie je vanuit de lucht dat het verschil waarmee de eerste wint bijna altijd veel groter is dan dat je dacht.

Daar komt Peter Sagan. Te midden van alle scheef getrokken bekken is zijn gezicht bijna ontspannen te noemen. Even vormen zijn lippen een kleine o, hij sluit zijn mond vlak voor hij als eerste de meet passeert en opent hem dan weer in een hoofdletter O. Hij richt zich op, de armen gaan wijd. Achter hem grimassen van het zuur, pijnlijke ontspanning op de koppen, terwijl de Hulk in zijn groene trui zijn borstkas opblaast en zijn biceps rollen laat als hij zijn rechtervuist in zijn linkerhand klapt.

Zijn gezicht ontspant nu echt. De onderlip een beetje hangend, hij blaast uit. Dit was hem dan. De winst. De lang gehoopte, dit jaar misschien nog wel vuriger dan ooit gewenste winst. Hij heeft weinig woorden nodig. “Just patience. And victory is coming.” En zo lijkt zijn analyse even simpel als zijn sprint.

Marijn de Vries

Journalist en voormalig profwielrenner Marijn de Vries fietst u elke maandag door het sportweekend.Lees hier eerdere columns terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden