null Beeld
Beeld

ColumnMarijn de Vries

Het spaghettibeen van Wout van Aert

Bij het opstaan zie ik eerst het spinnetje, tussen plafond en keukenkast. Dan zie ik ook zijn draad glanzen in het ochtendlicht. Dood trappen, schiet door me heen – maar tegelijk weet ik dat ik dat niet zal doen. Ik pak een geboortekaartje dat op de kast staat en wip het spinnetje erop. Hij rent rap over de naam ‘Kees’, terwijl ik naar de buitendeur loop.

Noem me weekhartig, maar ik vind het steeds moeilijker om een spin te pletten, of een vlieg dood te slaan. Het confronteert me teveel met de kwetsbaarheid van het leven, denk ik. Geregeld stel ik me voor hoe ook u en ik eenvoudig vermorzeld kunnen worden, door een omvallende boom, of een aanstormende vrachtwagen. Voor ze al te realistisch worden, duw ik de beelden weg. Tenzij de beelden realiteit zijn. Dan blijven ze lang hangen.

Wielrenner Wout van Aert, tijdens de tijdrit in de Tour de France van 2019, op de grond in een bocht, met een haastig losgetrokken spandoek over zijn onderkant. Als je goed gekeken had, op de vertraagde beelden, had je gezien dat de pijp van zijn tijdritpak kapot was en er een jaap van heb ik jou daar in zijn rechterheup zat. De Belgisch kampioen tijdrijden was bij het te scherp insturen van de bocht tegen een punt van een dranghek aan gekomen.

Alsof een grote vleeshaak zijn been opengetrokken had

Achteraf zegt Wout dat hij zijn been niet voelde, maar wel het zinderend hete asfalt onder zich. Hij dacht dat hij levend verbanden zou, daar op de weg in Pau. Ondanks het spandoek had hij precies gezien hoe het leek alsof een grote vleeshaak zijn been opengetrokken had. Het duurde eindeloos voor er een arts was, voor hij morfine kreeg en de geruststelling dat ze zijn been fiksen zouden.

In het Franse ziekenhuis waar de wond behandeld werd, moet de opererend arts bij de aanblik van de kapotgereten spieren en pezen gedacht hebben: “Oei, een bord spaghetti. Daar kan ik niks mee. Weet je wat? Ik naai ‘m gewoon netjes dicht. Niemand die het merkt.” Of zoiets.

Pas terug in België kwamen Wout en zijn artsen erachter dat zijn geopereerde been allesbehalve gefikst was. Hij kon het niet eens optillen. Zonder tweede operatie zou hij vermoedelijk wel weer kunnen lopen, ooit, maar was opnieuw topsport bedrijven een utopie.

Een verdrietige mond

Nu heeft hij van bil tot lies een indrukwekkend litteken, in de vorm van een verdrietige mond. Ik probeer de inkeping te zien, onder zijn koersbroek, maar ik zie niks bijzonders aan de rechterflank van Wout van Aert. Niets in negatieve zin althans. Wat me wel opvalt: de kracht in zijn tred. En de ontspannen onderlip. Waar zijn medekoplopers grimassen op de steilste stroken grind, blijft de onderlip soepel meedeinen als Wout op de pedalen staat. Wangen zacht. Mond een heel klein eindje open.

Hoe bestaat het dat je zo krachtig en ontspannen fietsen kunt als je ene been een jaar geleden nog een bord spaghetti was. Ik kan me er geen voorstelling van maken hoe zwaar Wouts revalidatie moet zijn geweest. Hoe groot de angst dat de vleeshaak toch blijvende schade heeft aangericht. Hoe overweldigend het gevoel dat één moment, één fractie van een seconde, je lot kan bepalen en je lijf kapot kan maken.

Ik open de buitendeur. Ga maar, spin, wapper ik hem van het kaartje af. En bedank de winnaar van de Strade Bianche dat je er nog bent.

Journalist en voormalig profwielrenner Marijn de Vries fietst u elke maandag door het sportweekend. Lees hier eerdere columns terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden