Tour de France

Het is stil op de bergen rond de Tour zonder de massa's toeristen

Beeld Joris Knapen

Op de flanken van de slotklim is het stil, deze dagen. Dat komt door corona, maar ook door september. ‘De vakantie is voorbij, dus hier komen alleen gepensioneerden en studenten.’

De Tour de France, dat is niet alleen fietsen. Het is ook een  ontmoetingsplek, meestal met barbecue en feest met onbekenden. Het is met tientallen tegelijk vechten voor prullaria uit de reclamekaravaan en met grote vlaggen de renners aanmoedigen. Maar met een verlate en door corona geïsoleerde Tour is het stil op de bergen. 

Ook op de slotklim naar Orcières-Merlette. Een dinsdag in september trekt het grote publiek niet naar de doodlopende weg richting het hooggelegen skidorp, zo blijkt. In een juli zonder corona zouden er duizenden mensen zijn geweest. Een beetje zoals in 1971, toen Luis Ocaña zijn grote rivaal Eddy Merckx op deze berg een gevoelige tik gaf. Zijn weg naar de top was in de breedte gehalveerd, zoveel fans drongen zich naar voren om een glimp op te vangen van de renner. Of zoals in 1989, toen Steven Rooks in hetzelfde skidorp een tijdrit won. 

Dit jaar is het honderd meter na de finish al doodstil in het skidorp. Restaurants blijven leeg, een familie heeft alle ruimte om de hond een tak te laten halen. Het is een spookdorp, zelfs als de Tour arriveert. Dat komt ook door corona. Tourdirecteur Christian Prudhomme zei voor de Tour dat aan de voet van een ‘twintigtal’ beklimmingen een système de filtrage zou komen. Agenten zouden iedereen die met auto de berg op wilde terugsturen en alleen maar wandelaars en fietsers omhoog laten.

Beeld Joris Knapen

Parkeerplaatsen zijn dicht

Een van die twintig is de klim naar Orcières-Merlette, zo blijkt. Alle grote parkeerplaatsen zijn al dagen afgesloten. De grootste, bij de skipiste, zelfs al vanaf zaterdag. De fans in een auto zijn sinds maandag 18.00 uur op tien kilometer voor de finish tegengehouden. Vier of vijf auto’s hebben zich er doorheen geforceerd, aldus een agent ter plaatse. Maar verreweg de meeste mensen die er wel zijn, kiezen voor die andere optie: met de bus omhoog.

De gepensioneerden Paul en Ghislaine (beiden 78 jaar) zijn te voet op weg naar ‘ergens zo’n drie kilometer op de berg’. Straks gaan ze nog even lunchen, uiteraard met stokbrood en wijn, voordat ze beginnen aan hun laatste etappe. Beiden zijn groot fan van de Tour, vertellen ze. Paul weet nog hoe in ’71 Ocaña won op de weg waarlangs hij zit. Hij is vooral blij dat de campers nu weg zijn. “Daar waren er echt veel te veel van.”

Dit jaar is halverwege de klim een groot weiland dan toch bezet door in totaal 85 campers. Het is het enige stukje dat nog herinnert aan de massa’s die in de zomer langs de weg staan. De zowat enige (Nederlandse) camper die wel in de laatste 500 meter staat – ze parkeerden er al twee dagen geleden – wordt door filmploegen overspoeld, simpelweg omdat er weinig andere opties zijn. 

Verder is het bijna stil. In de zomer staat de helft van de berg vol met buitenlandse fans. Die komen nu al bijna allemaal niet. Plukjes Franse fans nestelen zich daarom op een kleedje, ver van elkaar. Als de race voorbij komt, sprinten ze van de ene kant van de bocht naar de andere. 

Beeld Joris Knapen

Een koude nacht

Een van hen is Clément Fabre (27), gekleed in een gratis shirt van Total Direct-Energie.  Samen met zijn vier vrienden was hij maandagavond net op tijd door de blokkade. In drie uitgooitentjes hebben ze de nacht doorgebracht. Het was koud geweest, en ongezellig. “Wij zijn ook bij de Tour op de Mont Ventoux geweest, toen Chris Froome moest lopen. Toen sliepen we twee dagen niet omdat het daar elke avond feest was. Nu waren we de enige op de berg, voor ons gevoel.”

Fabre is student in Aix-en-Provence, dus hij kon het zich wel permitteren een dagje vrij te nemen. Vriend Paul keert vanavond nog rap terug. Hij moet om 07.00 uur beginnen in een groot magazijn. Fabre: “De enige mensen die je hier ziet zijn ofwel gepensioneerden, of studenten. De vakantie is immers voorbij. Er zijn bijna geen ouders met kinderen.”

Ook Tom Dumoulin zei in Nice al dat hij het vakantiegevoel dat bij de Tour hoort ‘toch wel mist’. Toch had Robert Gesink dinsdag na de finish in Orcières-Merlette wel een nuance. “Ik vind het onderweg wel druk hoor. Bijna iedereen draagt een mondkapje, dat is wel goed. Alleen wel met Franse slag. Zo half onder met de helft eruit. Maar als ik zo links en rechts hoor dat in Nederland verjaardagsfeestjes niet mogen, dan zijn hier wel heel veel feesten in Franse dorpjes.”

Beeld Joris Knapen

Lees ook: 

De Tour moet in coronatijd de lokale middenstand redden

De Tour is een ideaal evenement dat voor een opleving kan zorgen voor een lokale economie. Zeker ook in Sisteron, waar de Tour het boekjaar moet redden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden